SAMENVATTING INTERCULTURAL MANAGEMENT
Hoge context & lage context culturen
Hoge context
• Groep (wij)
• Rol
• Proces: contact boven contract
• Hiërarchie (vergelijk PDI)
• Beschouwd als emotioneel (exclusief Azië)
Lage context
• Persoon (ik)
• Persoonlijkheid
• Resultaat: contract over contact
• Gelijkheid (vergelijk PDI)
• Beschouwd als rationeel
Hoge context & lage context communicatie
Hoge context
• Impliciete communicatie; dubbelzinnige berichten
• Vloeiend
• Indirect
• Figuurlijk
• Nadruk op zowel verbaal als non-verbaal
• Context → boodschap (de geest van de wet)
Lage context
• Expliciete communicatie; gedetailleerde berichten
• Compartimenten
• Direct
• Letterlijk
• Nadruk op verbaal
• Bericht → context (de letter van de wet)
Cultuur als concept
Definitie Hofstede: “Collectieve mentale programmering van de geest die de leden onderscheidt
van de ene groep of categorie mensen van de andere.” De programmering
omvat: het leren van gedeelde, geaccepteerde en geïnternaliseerde waarden,
normen, meningen en gedragspatronen
Culturele programmering
, Uiendiagram
Nationale cultuur
Dominante cultuur en subculturen
- Generaties
o Traditionalisten: naleving van regels, discipline, gezinsgerichtheid, hard werken en
vertrouwen in de overheid
o Babyboomers: anti-oorlog, anti-regering, gelijke rechten, betrokkenheid en
persoonlijke voldoening
o Generatie X: Balans, diversiteit, gebrek aan loyaliteit aan een organisatie en een
wereldwijde mindset
o Millennials: prestatie, plezier, burgerplicht, gezelligheid en zelfvertrouwen
- Sociale klasse: Waardeverschillen
Particularists Universalists
• Gesloten grenzen • Open grenzen
• Eurosceptici • Pro-Europa
• Wantrouwen van politiek en politici • Vertrouwen in politiek en politici
• Sociaal wantrouwen (andere mensen, • Sociaal vertrouwen (andere mensen,
samenleving etc.) samenleving etc.)
• Laag opgeleid • Hoger onderwijs
Culturele universalia: systemen om cultuur over te dragen en in stand te houden
1. Economische systemen
2. Sociale controlesystemen
• Politieke systemen
• Rechtssystemen (justitie)
3. Onderwijssystemen
Internationale ontwikkelingen
• Globalisering
• Regionale handelsblokken (triaden) EU, NAFTA, (AfCFTA) enz.
• Privatisering
- Gas &elektriciteit: Essent van het Duitse RWE
- Spoorwegen: Britse Abellio in eigendom van NS
• Informatie Technologie
• Sociale media beïnvloeden
• Eigendom van internetgegevens
• Migratie
• Werk
• kracht
Hoge context & lage context culturen
Hoge context
• Groep (wij)
• Rol
• Proces: contact boven contract
• Hiërarchie (vergelijk PDI)
• Beschouwd als emotioneel (exclusief Azië)
Lage context
• Persoon (ik)
• Persoonlijkheid
• Resultaat: contract over contact
• Gelijkheid (vergelijk PDI)
• Beschouwd als rationeel
Hoge context & lage context communicatie
Hoge context
• Impliciete communicatie; dubbelzinnige berichten
• Vloeiend
• Indirect
• Figuurlijk
• Nadruk op zowel verbaal als non-verbaal
• Context → boodschap (de geest van de wet)
Lage context
• Expliciete communicatie; gedetailleerde berichten
• Compartimenten
• Direct
• Letterlijk
• Nadruk op verbaal
• Bericht → context (de letter van de wet)
Cultuur als concept
Definitie Hofstede: “Collectieve mentale programmering van de geest die de leden onderscheidt
van de ene groep of categorie mensen van de andere.” De programmering
omvat: het leren van gedeelde, geaccepteerde en geïnternaliseerde waarden,
normen, meningen en gedragspatronen
Culturele programmering
, Uiendiagram
Nationale cultuur
Dominante cultuur en subculturen
- Generaties
o Traditionalisten: naleving van regels, discipline, gezinsgerichtheid, hard werken en
vertrouwen in de overheid
o Babyboomers: anti-oorlog, anti-regering, gelijke rechten, betrokkenheid en
persoonlijke voldoening
o Generatie X: Balans, diversiteit, gebrek aan loyaliteit aan een organisatie en een
wereldwijde mindset
o Millennials: prestatie, plezier, burgerplicht, gezelligheid en zelfvertrouwen
- Sociale klasse: Waardeverschillen
Particularists Universalists
• Gesloten grenzen • Open grenzen
• Eurosceptici • Pro-Europa
• Wantrouwen van politiek en politici • Vertrouwen in politiek en politici
• Sociaal wantrouwen (andere mensen, • Sociaal vertrouwen (andere mensen,
samenleving etc.) samenleving etc.)
• Laag opgeleid • Hoger onderwijs
Culturele universalia: systemen om cultuur over te dragen en in stand te houden
1. Economische systemen
2. Sociale controlesystemen
• Politieke systemen
• Rechtssystemen (justitie)
3. Onderwijssystemen
Internationale ontwikkelingen
• Globalisering
• Regionale handelsblokken (triaden) EU, NAFTA, (AfCFTA) enz.
• Privatisering
- Gas &elektriciteit: Essent van het Duitse RWE
- Spoorwegen: Britse Abellio in eigendom van NS
• Informatie Technologie
• Sociale media beïnvloeden
• Eigendom van internetgegevens
• Migratie
• Werk
• kracht