Inhoud:
1. MLD
- 1.1 MLD grepen
- 1.2 MLD arm
- 1.3 MLD borst
- 1.4 MLD vulva
- 1.5 MLD onderbeen
- 1.6 MLD onderbeen SKINGRAFT
- 1.7 MLD gelaat algemeen
1. MLD
1.1 MLD Grepen:
1. Lymfeknopen aanzetten (2 seconden per greep: 21, 22)
- Staande cirkel --> bij lymfeknopen
- Lopende cirkel --> bij lymfeknopen (poplitea)
2. Afvloedgebied (2 seconden per greep, 21, 22)
- Gelijkgerichte duim-handcirkel
- Tegengestelde duimhandcirkel
- Dwarsgreep
3. Oedeemrandgebied (3 seconden per greep: 21, 22, 23)
- Duimgreep (1x onder de rand, 1x op de rand, 1x boven de rand)
4. Fibrose wegdrukken (3 seconden per greep: 21, 22, 23)
- Plooigreep
- Vlakgreep
5. Oedeemgebied (3–5 seconden per greep)
- Enkelhandige oedeemgreep
- Rondom oedeemgreep
- Volle hand oedeemgreep
6. Intensieve MLD grepen (3-5 seconden per greep)
- Gelijkgerichte duim-hand cirkel
- Tegengestelde duim-hand cirkel
- Dwarsgreep
Littekenmassage:
- Intermitterend drukken
- Lengte/dwars efflorages
- Fricties eerst naast het litteken dan op het litteken
- Petrissages
- U-vorm
- Pincetgreep (met 2 vingers oppakken en draaien)
- Harmonicagreep
- Huidplukken
- Huidrollen
Bij veel pijn alleen intermitterend drukken.
, 1.2 MLD arm:
1. Lymfeknopen aanzetten:
• Fossa (supraclaviculaire lymfeknopen):
3x staande cirkel, waarbij je je handen telkens iets verplaatst.
Het maakt niet uit of je die van voor of achter aanzet (waar je staat).
• Axillair (Oksels):
3x staande cirkel, waarbij je je handen telkens iets verplaatst.
Een hand plat met pink in de oksel, andere hand erbovenop.
Let op: maak een draai van mediaal naar lateraal, van beneden naar boven.
• Parasternaal (gleuven tussen het sternum en de ribben):
1x druk geven met vingertoppen (2 seconden per keer).
Eerst aangedane zijde daarna gezonde zijde.
• Triceps:
Tegengesteld hand-duim cirkel (2 seconden per greep).
Van distaal naar proximaal.
Minimale druk geven, geef een rekprikkel.
Pak de arm van de patiënt vast, laat de patiënt nooit zelf omhoog zetten!
• Biceps:
• Cubitales:
3x staande cirkel (2 seconden per greep) met de duim en 2 vingers.
Zet de vingers om de knobbel van het ellenboog heen.
? Druk geven op sternum:
Gelijkgerichte duim-hand cirkels (handen op elkaar).
Vanaf het sternum richting de gezonde oksel. ?
2. Waterscheiding openbreken:
Gelijkgerichte duim-hand cirkel (2 seconden per greep).
Vanaf aangedane zijde, over het sternum heen, naar afvloedgebied.
Minimale druk geven, geef een rekprikkel.
Druk geven richting de gezonde zijde, zonder druk terugkomen.