Leesdoel: Leesstrategie:
Snel vaststellen of een tekst bruikbaar Oriënterend lezen
of interessant is voor jou.
De hoofdzaken van een tekst vinden. Globaal lezen
Een tekst helemaal goed begrijpen. Intensief lezen
De betrouwbaarheid van de Kritisch lezen
informatie in een tekst beoordelen.
De inhoud van een tekst onthouden. Studerend lezen
Bruikbare informatie vinden. Zoekend lezen
Er zijn 5 schrijfdoelen:
1. Informeren: lezers vertellen wat er gebeurd is/ gebeuren gaat; lezers
uitleggen hoe iets elkaar zit.
2. Opiniëren/beschouwen: lezers de gelegenheid geven zich een mening te
vormen over een onderwerp.
3. Overtuigen: lezers met argumenten overhalen tot een bepaalde mening, een
standpunt.
4. Activeren: lezers aanzetten om iets te gaan doen.
5. Amuseren: lezers vermaken door iets leuks of interessants te vertellen.
HOOFDINDELING: SCHRIJFDOEL: TEKSTSOORTEN:
Niet-fictionele of Informeren - Teksten die uitleg geven:
zakelijke teksten uiteenzetting, handleiding,
gebruiksaanwijzing, instructie,
recept, studieboek, informatieve
folder en rapport.
- Teksten die ‘nieuws’
overbrengen: nieuwsbericht,
sommige uitnodigingen,
geboortekaartje, trouwkaart,
overlijdensbericht en notulen.
Opiniëren Beschouwing, recensie, verslag en
discussiestuk.
Overtuigen Betoog, ingezonden brief,
redactioneel commentaar en
column.
Activeren Reclamefolder, brochure, direct
mail, advertentie, affiche/poster,
flyer en sommige uitnodigingen.
Fictionele of niet- Amuseren Roman, strip, cartoon, kort
zakelijke teksten. verhaal, mop en cursiefje.
1