Samenvatting H2 – Hoofdlijnen Nederlands Recht
Overeenkomst: een overeenkomst is een schriftelijke of mondelinge afspraak
tussen 2 of meerdere partijen, die juridisch relevant is.
Juridisch relevant houdt in dat er rechten en plichten ontstaan uit de overeenkomst.
Deze rechten en plichten noemen we verbintenissen.
Verbintenis: een rechtsbetrekking tussen twee of meer partijen, op grond waarvan
de ene persoon tegenover de ander tot handelen of nalaten verplicht is, terwijl die
ander het recht heeft op dit handelen of nalaten.
Een overeenkomst die door twee partijen is gesloten met het doel dat daaruit rechten
en plichten voortvloeien, noemen we een obligatoire of verbintenisscheppende
overeenkomst.
Wederkerige overeenkomst: beide partijen verkrijgen tenminste zowel een recht als
een te na te komen plicht.
Plichten verhuurder en huurder:
Huurder Plicht tot betaling huurprijs
Recht op huurgenot
Obligatoire of
verbintenisscheppende
overeenkomst:
Overeenkomst die door
twee of meerdere
partijen is gesloten met
,het doel dat daaruit
rechten en
verplichtingen
voortvloeien.
Obligatoire of
verbintenisscheppende
overeenkomst:
Overeenkomst die door
twee of meerdere
partijen is gesloten met
het doel dat daaruit
rechten en
verplichtingen
voortvloeien.
Obligatoire of
verbintenisscheppende
, overeenkomst:
Overeenkomst die door
twee of meerdere
partijen is gesloten met
het doel dat daaruit
rechten en
verplichtingen
voortvloeien.
Verhuurder Plicht tot verschaffing huurgenot
Recht op ontvangst huurprijs
Eenzijdige obligatoire verbintenis: Een eenzijdige overeenkomst betreft een
contract waarbij alleen ten laste van één partij verbintenissen ontstaan.
Een overeenkomst komt tot stand door een aanbod en een aanvaarding daarvan
(art. 6:217 BW).
Een overeenkomst kan worden ontbonden door (1) het aanbod mag nog niet
aanvaard zijn (art. 6:219 lid 2 BW) en (2) de aanbieder mag zijn bod niet
onherroepelijk hebben gemaakt (art. 6:219 lid 1 BW).
Een aanbod kan herroepelijk of onherroepelijk zijn. Artikel 6:219 lid 1 BW gaat
ervanuit dat een aanbod herroepelijk is, tenzij uit het aanbod zijn onherroepelijkheid
volgt.
L3 Herroepelijk en
onherroepelijk aanbod =
Overeenkomst: een overeenkomst is een schriftelijke of mondelinge afspraak
tussen 2 of meerdere partijen, die juridisch relevant is.
Juridisch relevant houdt in dat er rechten en plichten ontstaan uit de overeenkomst.
Deze rechten en plichten noemen we verbintenissen.
Verbintenis: een rechtsbetrekking tussen twee of meer partijen, op grond waarvan
de ene persoon tegenover de ander tot handelen of nalaten verplicht is, terwijl die
ander het recht heeft op dit handelen of nalaten.
Een overeenkomst die door twee partijen is gesloten met het doel dat daaruit rechten
en plichten voortvloeien, noemen we een obligatoire of verbintenisscheppende
overeenkomst.
Wederkerige overeenkomst: beide partijen verkrijgen tenminste zowel een recht als
een te na te komen plicht.
Plichten verhuurder en huurder:
Huurder Plicht tot betaling huurprijs
Recht op huurgenot
Obligatoire of
verbintenisscheppende
overeenkomst:
Overeenkomst die door
twee of meerdere
partijen is gesloten met
,het doel dat daaruit
rechten en
verplichtingen
voortvloeien.
Obligatoire of
verbintenisscheppende
overeenkomst:
Overeenkomst die door
twee of meerdere
partijen is gesloten met
het doel dat daaruit
rechten en
verplichtingen
voortvloeien.
Obligatoire of
verbintenisscheppende
, overeenkomst:
Overeenkomst die door
twee of meerdere
partijen is gesloten met
het doel dat daaruit
rechten en
verplichtingen
voortvloeien.
Verhuurder Plicht tot verschaffing huurgenot
Recht op ontvangst huurprijs
Eenzijdige obligatoire verbintenis: Een eenzijdige overeenkomst betreft een
contract waarbij alleen ten laste van één partij verbintenissen ontstaan.
Een overeenkomst komt tot stand door een aanbod en een aanvaarding daarvan
(art. 6:217 BW).
Een overeenkomst kan worden ontbonden door (1) het aanbod mag nog niet
aanvaard zijn (art. 6:219 lid 2 BW) en (2) de aanbieder mag zijn bod niet
onherroepelijk hebben gemaakt (art. 6:219 lid 1 BW).
Een aanbod kan herroepelijk of onherroepelijk zijn. Artikel 6:219 lid 1 BW gaat
ervanuit dat een aanbod herroepelijk is, tenzij uit het aanbod zijn onherroepelijkheid
volgt.
L3 Herroepelijk en
onherroepelijk aanbod =