H1
__________________________________________________________________________
____2
H2_______________________________________________________________________
________7
H3_______________________________________________________________________
________11
H4_______________________________________________________________________
________13
H5_______________________________________________________________________
________17
H6_______________________________________________________________________
________20
1
,PR COMMUNICATIE H1
Communicatie -> overdracht van informatie
Communicatiemodel:
Zender Medium Ontvanger
Feedback
Communicatiemodel voor organisaties:
Boodschap/ Relatie
Organisatie Publiek of doelgroep
Boodschap/ Relatie
Ruis -> verstoring van het communicatieproces, waardoor de boodschap verkeerd wordt begrepen
Interne ruis: onjuiste verwachtingen/ weinig voorkennis
Externe ruis: communicatieproblemen (haperende telefoonlijn, slecht handschrift)
Referentiekader-> geheel van opvattingen, associaties, normen en waarden
Beinvloed door: cultuur, opvoeding, onderwijs, ervaringen
Bepalen hoe je boodschappen interpreteert
ACTI-voorwaarden
- Affectieve voorwaarde > spreken, gebaren en handelingen voor emotionele betekenis
- Cognitieve voorwaarde > op hetzelfde kennisniveau zitten en herkenning van gespreksonderwerp
- Technische voorwaarde > beide partijen moeten de taal beheersen
- Interpretatieve voorwaarde > beide partijen moeten dezelfde uitleg geven aan een boodschap
Coderen-> verpakken van een boodschap
Decoderen-> uitpakken van de boodschap
2
, Soorten communicatie:
Verbale en non-verbale communicatie
- Verbale communicatie > spreken, schrijven
- Non-verbale communicatie> allesbehalve spreken of schrijven
Intrapersoonlijke communicatie
- Communicatie met jezelf
- Subjectief
Interpersoonlijke communicatie
- Communicatie tussen minimaal 2 personen
- ‘Inter’ > tussen
Groepscommunicatie
- Communicatie betreft een grote groep
- Ook wel publiekscommunicatie of stakeholdercommunicatie genoemd
Massacommunicatie
- Vorm van communicatie waarbij een boodschap wordt overgebracht tot een groot publiek
- Met behulp van massamedia
Metacommunicatie
- Communicatie over de communicatie zelf
- ‘Checken’ of je op een lijn zit
Mondelinge, schriftelijke, visuele en auditieve communicatie
- Mondeling, schriftelijk, visueel en auditief
Vocale en non-vocale communicatie
- Vocale communicatie > alle vormen van communicatie waar gebruik gemaakt wordt van een stem
- Non-vocale communicatie > alle vormen van communicatie waar gebruik gemaakt word gemaakt
van voelen, proeven en ruiken
Intentionele en niet-intentionele communicatie
- Intentionele communicatie > bewuste communicatie
- Niet-intentionele > communicatie die niet bewust gestuurd is
Interactieve communicatie
- Directe vorm van marketingcommunicatie die gericht is het verwerven en behouden van een
duurzame relatie tussen een aanbieder en een consument (customer related marketing)
- Persoonlijke manier (one-to-one communication)
Selectieve blootstelling -> (selective exposure) individuele selectie van stimuli (boodschappen en
media) waarmee een persoon wenst te worden geconfronteerd.
Selective perceptie -> (selective perception) betekent dat mensen niet alle informatie uit hun
omgeving kunnen of willen verwerken en/of er slechts beperkte aandacht aan besteden
Selective interpretatie -> (selective distortion) subjectieve interpretatieve van feiten, berichten of
kenmerken door een individu. Deze waarneming en uitleg verschillen per individu onder invloed van
diens opvattingen en attitudes
Selectieve herinnering -> (selective retention) betekent dat iemand zich alleen herinnert wat hij zich
bewust of onbewust wil herinneren
Betrokkenheid:
Hoge betrokkenheid > (high involvement) een individu die een specifiek object voor zichzelf in
sterke mate relevant acht.
3