Hoorcolleges
Inhoudsopgave
Hoorcollege 1 .......................................................................................................................................... 3
Onafhankelijke t-toets ......................................................................................................................... 4
Correlatie ............................................................................................................................................. 4
Hoorcollege 2 – partiële correlatie, enkelvoudige regressie .................................................................. 6
Deel 2 – partiële correlatie & enkelvoudige regressie ........................................................................ 7
Hoorcollege 3 ........................................................................................................................................ 13
Deel 1................................................................................................................................................. 13
Regressie-analyse .......................................................................................................................... 13
Deel 2................................................................................................................................................. 19
Meervoudige regressieanalyse...................................................................................................... 20
Enkelvoudige en meervoudige regressie ...................................................................................... 21
Hoorcollege 4 ........................................................................................................................................ 25
Deel 1................................................................................................................................................. 25
Regressiemodel – onafhankelijke variabelen bepalen ...................................................................... 26
Deel 2................................................................................................................................................. 30
Multicollineariteit .......................................................................................................................... 32
Logistische regressie (LR)............................................................................................................... 35
Hoorcollege 5 ........................................................................................................................................ 38
Deel 1................................................................................................................................................. 38
Betrouwbaarheid schaal................................................................................................................ 40
Deel 2 – Cronbach’s Alfa.................................................................................................................... 42
Hoorcollege 6 – matrixalgebra .............................................................................................................. 45
Uitvoer factoranalyse (PCA) .............................................................................................................. 45
Hoorcollege 7 – logistische regressie, interne consistentie, factoranalyse (PCA) ................................ 57
Deel 1................................................................................................................................................. 57
Deel 2................................................................................................................................................. 63
Modellen interne consistentie (SPSS) ........................................................................................... 64
Factoranalyse .................................................................................................................................... 66
Hoorcollege 8 – exploratieve factoranalyse en rotatie ......................................................................... 76
Deel 1 – exploratieve factoranalyse .................................................................................................. 76
1
, Deel 2................................................................................................................................................. 81
Samengevat – factoranalyse ......................................................................................................... 86
Hoorcollege 9 – PCA oblique rotatie, PCA theory driven & confirmerende factoranalyse ................... 89
Deel 1................................................................................................................................................. 89
Somscore – factorscore ................................................................................................................. 93
Deel 2................................................................................................................................................. 95
PCA .............................................................................................................................................. 100
Confirmerende (of: confirmatieve) factoranalyse (CFA) ............................................................. 102
Hoorcollege 10 – confirmerende factoranalyse .................................................................................. 105
Deel 1............................................................................................................................................... 105
Confirmerende factoranalyse...................................................................................................... 105
Deel 2............................................................................................................................................... 110
Opdracht 8 – factorstructuur .............................................................................................................. 116
2
,Hoorcollege 1
Een statistisch verband is niet een daadwerkelijk verband.
Onderzoek gaat om het verbanden kunnen leggen tussen variabelen. Is een verband in gemeten data
ook betekenisvol? En zo ja, in welke mate dan. Dit kun je statistisch toetsen. Het wordt uitgedrukt in
of het significant is. Je moet ook kijken naar de richting van het effect.
Statistische toetsen zijn bezig met in welke mate er spreiding is in de gemeten uitkomsten
(systematisch en niet-systematisch).
Voorbeeld spreiding
Het is niet overal hetzelfde, dus er zit spreiding in. Dan ga je kijken in hoeveel het verschil is tussen x
en y. Voor elk punt kun je de error bepalen, de afstand tussen het punt en de gemiddelde waarde. Dat
is de afwijking. Dat kun je voor elke proefpersoon bepalen.
Om de plussen en minnen gelijk te trekken moet je kwadrateren (zie onderstaande formule).
In het tweede voorbeeld is de systolische en diastolische bloeddruk van mannen en vrouwen gemeten.
Ook hier zit spreiding in, dus de verhouding is niet voor iedereen hetzelfde.
Je kunt er een lijn door trekken en dit toont de correlatie aan.
Je kunt geen correlatiecoëfficiënt bepalen tussen mannen en vrouwen. De interpretatie is eigenlijk
belangrijker dan het begrijpen hoe de software werkt.
Wetenschappelijk onderzoek
Wetenschappelijk onderzoek begint altijd met een idee. Je wil een verband aantonen. Je moet eerst je
idee uitdrukken in woorden; hypothese opstellen (H0 en H1). Daarna ga je meten en ga je dat
analyseren. De feitelijke meetresultaten ga je interpreteren a.d.h.v. een theorie. Dit ga je
communiceren met anderen, met onderzoeksliteratuur bijvoorbeeld.
3
, Onafhankelijke t-toets
Een t-toets toets of twee onafhankelijke groepen verschillen in gemiddelden.
Bijvoorbeeld
Hypothese: jongens lager vetpercentage dan meisjes.
De jongens en meisjes zijn twee onafhankelijke groepen, dus je gaat dit toetsen met de onafhankelijke
t-toets. Je gaat proberen de H0 te verwerpen.
De onafhankelijke t-toets of de gemiddelden van een variabele in twee onafhankelijke steekproeven
zodanig van elkaar verschillen dat ze redelijkerwijs niet uit twee populaties afkomstig zijn die hetzelfde
gemiddelde hebben.
Vooronderstellingen onafhankelijke t-toets
- Waarnemingen aselect en onafhankelijk
- Twee onafhankelijke steekproeven
- Afhankelijke variabele minstens interval meetniveau en …
o Histogram maken, dan kun je kijken of die bij benadering normaal verdeeld is
▪ Perfecte normaal verdeling: gemiddelde = mediaan = modus
▪ 99.7% van de waarnemingen binnen 3 standaarddeviaties van gemiddelde
o Kengetallen: kurtosis (platheid), skewness (scheefheid) = 0
- Waarden afhankelijke variabele verdeeld (in elke groep)
- σ onbekend
Correlatie
- pearson correlatiecoëfficiënt
- Spearman’s rho (rangcorrelatie coëfficiënt)
Pearson correlatie
- Bij twee variabelen van minimaal interval meetniveau
- Lineair verband (met spreidingsdiagram te controleren)
4