- transport van substanties door de celmembraan
Verschillen in de concentraties van ionen, fosfaten en proteïnen tussen ICF en ECF zijn
belangrijk voor het leven van de cel en dit wordt geregeld door transportmechanismen van de
celmembraan.
In de dubbele lipidenlaag liggen integrale proteïnen. Dit zijn transport proteïnen, 2 soorten:
kanaal proteïnen en carrier proteïnen, zijn beiden selectief voor bepaald type moleculen/ionen
en laten deze door de membraan.
- Kanaal proteïne is een waterige ruimte door hele molecuul heen voor transport van water of
ionen.
- Carrier proteïnen binden met moleculen/ionen die getransporteerd moeten worden (ligands)
en overeenkomende veranderingen in proteïnen bewegen substanties door de tussenruimten
van de proteïne naar de andere kant van de membraan.
Transport kan op twee manieren:
a. diffusie: willekeurige moleculaire beweging van substanties door intermoleculaire ruimten
of in combinatie met een carrier proteïne. Energie die gebruikt wordt is de normale kinetische
beweging van stoffen.
b. actief transport: beweging van ionen/substanties door membraan in combinatie met een
carrier proteïne tegen de energie-gradiënt in, zoals van lage ionen-concentratie naar een hoge
concentratie. Er is meer nodig dan kinetische energie zoals bij diffusie.
Diffusie
heat: constante beweging van moleculen en ionen in lichaamsvloeistoffen: hoe meer
beweging, hoe hoger de temperatuur.
Molecuul A botst tegen molecuul B deel van kinetische energie van molecuul A wordt
overgeheveld naar molecuul B. Diffusie: één molecuul beweegt tegen andere moleculen aan
en verandert daarbij van richting. Continue beweging van moleculen onder elkaar in
vloeistoffen of gassen wordt diffusie genoemd.
Diffusie door celmembraan (2 vormen):
1. Simpele diffusie: kinetische beweging van moleculen/ionen door membraanopening of