7 februari Ademhaling
Ademhaling in de mens zorgt voor:
- Aanvoer O2 uit omgeving (via diffusie)
- Afvoer CO2 naar omgeving (via diffusie)
- Bij ademhaling geen actief transport van O2 of CO2
- Handhaving pH (via buffer: bicarbonaatbuffer)
- Bescherming tegen ongewenste stoffen (reiniging buitenlucht)
- Geluid (door luchtstroming langs stembanden)
- Geen effectieve ademhaling zonder circulatie
Diafragma → ademhaling
Spieren inademing:
- Spieren van nek & borstbeen
- Externe tussenribspieren
Spieren uitademing:
- Interne tussenribspieren
- Buikspieren → alleen bij krachtige uitademing
Bij rustige ademhaling:
- Inademing actief (voornamelijk door diafragma)
- Uitademing passief (terugveren longen)
Bij inademing contracts het diafragma (beweegt naar beneden, vergroot ruimte in borstkas) → bij
uitademing relaxes het diafragma (beweegt omhoog, verkleint ruimte in borstkas)
Bronchogram → röntgenfoto door borstkas heen
Alveoli en capillairen zijn nauw verweven → alveoli worden bediend door capillairen
Surfactant (uitgescheiden door type II pneumocyte):
- Verlaagt oppervlaktespanning
- Vergemakkelijkt ademhaling
- Zeepachtige substantie
,Probleem:
- Een kleine alveolus wil van nature liever leeglopen dan een grote
Oplossing:
- Surfactant
- Verlaagt de oppervlaktespanning in de alveoli → doen dit meer in de kleine alveoli
2 voordelen surfactant:
- Verhoogt compliantie (‘oplosbaarheid’) van alveoli
- Voorkomt dat kleine alveoli leeglopen in grote
Primaire bronchus splitst 22 meer x in alveoli (in totaal dus 23x)
Onze longen bevatten ongeveer 480 miljoen alveoli
Het totale ademend oppervlak bedraagt 50 tot 100 m2
Klaplong ( = pneumothorax) → 1 van de pleura raakt lek
Als pleuraholte lek raakt
Pneumothorax leert ons:
- Long wil van nature samenvallen
- Thorax wil van nature uitzetten
In rust bestaat er een evenwicht → ademrustniveau = long wil net zo hard binnen als thorax naar
buiten
Ademrustniveau kan je uit evenwicht brengen door je spieren
,Belangrijk plaatje
- Inademen actief (Ppl extra negatief maken)
Druk van de buitenlucht:
- Proef van Torricelli → met kwik
- Druk buitenlucht = 760 mm Hg, 10.3 m H2O, 103 kPa
Spirogram
- Terugvolume bij rustige ademhaling = 0.5 L
Residual volume (RV) berekenen:
- Heliumverdunningsmethode → voeg He toe aan einde van rustige uitademing, bepaal He na
vermenging met longenlucht, reken FRC uit
- ERV bepalen met spirometer
- FRC bepalen met heliumverdunningsmethode
- RV = FRC – ERV → gebruikt bij onderzoek
Druk buitenlucht is 760 mm Hg
Zuurstof (O2) vormt 21% van buitenlucht
CO2 vormt 0.04% van buitenlucht
- Hiermee kun je partiele drukken PO2 en PCO2 uitrekenen
- PO2 = 0.21 X 760 = 160 mm Hg
- PCO2 = 0.0004 x 760 = 0.3 mm Hg
, In alveoli
- Vrijwel constante PO2 van 100 mm Hg
- Vrijwel constante PCO2 van 40 mm Hg
Transport van O2 en CO2
Zuurstof vooral getransporteerd door hemoglobine (heeft meerdere bindingsplaatsen (heme))
O2 laat los van Hb bij O2-arme weefsels
Effect van Bohr:
- O2-dissociatiecurve verschuift naar rechts bij lage pH → gevolg: O2 bindt minder goed aan
Hb in een CO2-rijke omgeving
Verschillende soorten hemoglobine
Myoglobine → zit in spiercellen
- Myoglobine is een sterke binder van zuurstof dan hemoglobine → hierdoor kunnen spieren
makkelijker zuurstof opnemen en opslaan → binden beter dan hemoglobine
Transport CO2