Paragraaf 1
De eerste fabrieken
Fabrieken: bedrijf waar op grote schaal met machines producten worden gemaakt
Industrialisatie: de opkomst van productie in fabrieken
Huisnijverheid: werk dat mensen thuis voor een ondernemer doen om wat extra geld te verdienen
Industriële revolutie: grote verandering in West-Europa door de komst van fabrieken en nieuwe
vervoermiddelen aan het eind van de 18 e en in de 19e eeuw
Wat houd industrialisatie in?
Industrialisatie betekende de opkomst van van de productie in fabrieken. 1700 kwam meer vraag
naar katoen want, goedkoper en was prettiger om te dragen. Het werd steeds drukker in de
huisnijverheid dus probeerden ze steeds nieuwe spinmachines uit te vinden.
Oorzaken van de industrialisatie
Belangrijkste oorzaken van de industriële revolutie:
De landbouw verbeterde in de 18e eeuw
De Britse bevolking groeide omdat er een ruimere voedselaanbod was. Dat zorgde ook dat er
meer vraag naar katoen was, er werden dus meer fabrieken gebouwd
Het aantal arbeidskrachten nam toe
Er waren goedkope grondstoffen beschikbaar uit de koloniën (zoals katoen)
In groot-Brittannië waren grote voorraden steenkool en ijzererts aanwezig. Daardoor was de
brandstof voor de stoommachines goedkoop, ook was er dan voldoende ijzer om dingen mee
te bouwen.
Er werden steeds nieuwe machines uitgevonden.
Gevolgen van de industrialisatie
Industriële samenleving:
Samenleving waarin industrie het belangrijkste middel van bestaan is
Massaproductie:
Met machines grote hoeveelheden van dezelfde producten maken
Infrastructuur:
Alle wegen, spoorlijnen, waterwegen en andere verbindingen in een gebied
Moderne tijd:
De periode vanaf 1800
Waarom spreken we van een industriële revolutie?:
In een korte tijd een grote verandering. Anders hadden we niet gehad wat we nu hadden zoals stalen
poten of leuke truien.
De romantiek
Romantiek:
Stroming in de literatuur en de kunst die nadruk legt op gevoel, persoonlijke beleving en de
schoonheid van tradities en die zich afzet tegen de verlichting
Wat houd romantiek in?