1. Ziekteleer Algemene Chirurgie Hoogcomplex (4.2)
Lesonderwerpen volgens studiehandleiding
Levercirrose.
Pancreatitis.
Pancreaskopcarcinoom.
Hemolytische anemiën/sikkelcelanemie.
Trombocytopenie.
Ziekte van Hodgkin.
Gastro-oesophageale reflux.
Ulcus pepticum lijden.
Lesdoelen vanuit de lessen
Maag: gastro-oesophageale reflux en maagzweren / ulcus pepticum.
Milt: splenectomie.
Pancreas: pancreatitis & pancreascarcinoom.
Lever: levercirrhose.
Lesdoelen
Beschrijf de oorzaken / risicofactoren.
Beschrijf en verklaar de verschijnselen.
Licht de onderzoekmethoden toe.
Leg het principe van therapie uit.
Maag
Het maagdarmkanaal (oesophagus, maag, darm) wordt beschermd tegen zuur uit de maag door o.a.:
- De onderste oesophagussfincter: deze beperkt de reflux van maagzuur naar de slokdarm.
- Hoek van His: scherpe hoek tussen oesophagus en maagfundus. Beperkt de reflux van maagzuur
naar slokdarm.
- Basische slijmlaag in de maag: deze slijmlaag beschermt de maagwand tegen:
o Zoutzuur: H+ en Cl-.
o Pepsine: eiwitsplitser (een deel van de maagwand bestaat uit eiwitten).
- Pylorus: beschermt het duodenum, samen met het pancreassap. De pylorus opent als
bicarbonaat uit pancreassap de darminhoud basisch heeft gemaakt.
Wanneer zoutzuur en pepsine de oesophagus, maag of dunne darm wel beschadigen, spreekt men van
ulcus pepticum.
In de slokdarm is dat gewoonlijk het gevolg van gastro-oesophagealereflux (terugstroom van maagzuur).
Ulcus duodeni (in de twaalfvingerige darm) en ulcus ventriculi (in de maag) komen meestal door te
weinig beschermende of teveel agressieve factoren.
Gastro-oesophageale reflux
Oorzaken / risicofactoren
Het risico op gastro-oesophageale reflux wordt vergroot door: een hernia hiatus oesophagei (ook wel:
hernia diafragmatica).