In 63 v.C. was het joodse land bezet door romeinse legers en sinds die tijd was het een protectoraat.
Een protectoraat betekende dat de romeinen de macht hadden in het land, maar dat in het dagelijks
leven de joden wel godsdienstvrijheid hadden.
Pax Romana
De situatie de pax Romana (ook wel romeinse vrede) was vrede, maar wel een gewapende strijd.
Bijvoorbeeld toen jezus geboren werd was in Rome keizer Augustus aan de macht. Hij had ervoor
gezorgd dat er in dat grote Romeinse rijk nergens meer oorlogen waren
Een van de wrede manieren waarop tegenstanders werden terechtgesteld, was de kruisiging.
Vazal
Een vazal is iemand die in opdracht van een koning of een keizer een bepaald gebied bestuurt.
De keizer kon vanwege de grote afstand tussen Rome en Jeruzalem het joodse land niet rechtstreeks
besturen.
De eerste vazalkoning in Jeruzalem was Herodes de Grote.
Herodes de Grote
Zodra hij koning was, begon hij de stad Jeruzalem te vergroten en te verfraaien. Hij liet in Romeinse
stijl aquaducten, theaters, paardenrenbanen en amfitheaters bouwen. Ook de tempel heeft hij laten
vergroten met veel bijgebouwen.
Maar Herodes was niet geliefd, integendeel. Hier een paar dingen waardoor mensen de joden hem
haten:
1. Hij werd door de joden gehaat omdat hij een vriend van de romeinen was.
2. Hij trad vaak met geweld op tegen de joden die zich tegen hem verzetten.
3. Herodes kreeg het pas echt aan de stok met de joden toen hij een schild met een Romeinse
adelaar liet bevestigen boven de ingang van de tempel, de meest heilige plek voor de joden.
Een tempel
Op de voorhof (een plein voor de tempel) stond een groot altaar, waar priesters het offeren van
dieren regelden. Bij deze offers waren alleen mannen aanwezig. Bij de offermaaltijden, in een van de
bijgebouwen, mochten ook de vrouwen en kinderen aanwezig zijn.
Een synagoge
De joden hebben voor hun godsdienstige samenkomsten ook synagogen. In een synagoge wordt niet
geofferd en er is geen altaar. Er wordt uit de Tora of uit andere boekrollen voorgelezen. Ook vindt er
onder leiding van Schriftgeleerden gesprek en discussie plaats over de uitleg van de Tora. Veel
Schriftgeleerden werden met rabbi (meester) aangesproken.