1.1 Inleiding
Bloedtransfusie het toedienen van een bloedproduct v/e donor a/e ontvanger.
Aantal bloedgroepen = 250
Belangrijkste bloedgroepen= 23 waaronder ABO, Rhesus, KIDD, KELL, Duffy
1.2.1 basis van bloedgroepenserologie
Wat is een bloedgroep ?
Moleculaire structuren (met of zonder suikergroep) die zich op de oppervlakte, aan de
buitenzijde, van de celwand bevinden.
1.2.2 basis genetica voor de overerving van bloedgroepen
De bloedgroepstructuur word in het lichaam gevormd door genen op de chromosomen. Een bepaald
gen is altijd in 2 allelen op het DNA aanwezig, waarbij 1 van de vader en 1 van de moeder.
Dominant het allel die tot expressie komt. (grote A)
Recessief komt alleen tot expressie wanneer ze beide het zelfde zijn. (kleine a)
Codominant wanneer 2 verschillende allelen beide tot uiting komen.
->vb = bloedgroep AB (je hebt dan A-allel en b-allel tot expressie).
Stom allel wanneer er geen allel tot expressie komt.
Genotype = erfelijk materiaal
Fenotype = eigenschap die tot uitdrukking komt (het antigeen op de ery)
1.3 bloedgroepantistoffen+ 1.3.1 soorten antistoffen
Onderscheid op basis herkomst van het antigeen
Allo-antistoffen Gericht tegen antigenen van een ander invidu
Auto-antistoffen Gericht tegen antigenen van jezelf
Onderscheid op basis van het ontstaan van de antistoffen l
Natuurlijk voorkomende antistoffen Aanwezig van de geboorte
Immuun-antistoffen Aanwezig na contact met vreemde
bloedgroepantigenen
Onderscheid op basis van het ontstaan van de antistoffen ll
Regulaire anistoffen Antistoffen die van nature voorkomen
Irregulaire antistoffen Alle overige bloedgroepantistoffen
Onderscheid op basis van serologische eigenschappen van de anistoffen
Complete antistoffen Geven agglutinatie zonder toevoeging van
hulpmiddelen
Incomplete antistoffen Geven agglutinatie na gebruik van hulpmiddelen
Allo gericht tegen een ander.
Auto gericht tegen jezelf.
Natuurlijk voorkomende zonder in aanraking te zijn geweest met vreemd bloed
Immuun-antistoffen zwangere vrouw waarbij het kind een andere bloedgroep heeft.
Immunisatie bloed van kind gelekt naar moeder.
Regulair word ook gebruikt voor natuurlijk voorkomende, niet geheel juist,
alleen anti-A of B niet de andere natuurlijk voorkomende antistoffen.
Irregulair de andere antistoffen samen met alle immuun antistoffen.
Agglutinatie samen klonteren van ery’s met de zelfde bloedgroep.
Complete agglutinatie zonder toevoeging van hulpmiddelen.