Hoofdstuk 1-6
Competentie
- Attitude
- Onderliggende kenniselementen
- Vaardigheden
Het totaal van ‘beroepsgerichte competenties’ is het mentale gereedschap om verschillende
beroepstaken te kunnen uitvoeren.
Attitude (gedrag) bestaat uit:
1. Werkhouding
2. Omgangsvormen (in de omgang met medestudent/ toekomstig collega en docent /
toekomstig leidinggevende)
Let op: competenties kunnen alleen volwaardig worden verworven (en vaak ook pas echt
aangetoond) in de complexiteit van de beroepspraktijk. Projectonderwijs benadert deze
beroepspraktijk.
Wat is projectonderwijs?
Een leersituatie waarin, samenwerkend in een projectgroep, een beroepsauthentiek probleem moet
worden opgelost met als doel competenties op te doen om adequaat te handelen in kritische
beroepssituaties.
Projectmanagement in theorie
Een organisatie is een groep mensen die samenwerkt om èèn en hetzelfde doel te bereiken.
Het werk in een organisatie kunnen we (globaal) indelen in 3 soorten werkzaamheden:
- Improvisatie: (een plotselinge, niet bekende gebeurtenis waarop snel wordt gereageerd)
- Routinematige werkzaamheden: (herhaaldelijk uit te voeren werkzaamheden met een
voorspelbaar karakter en een voorspelbaar resultaat)
- Projectmatige werkzaamheden: (tijdelijke samenwerking waarin eenmalig een vooraf
afgesproken uniek resultaat wordt bereikt)
Eigenschappen soorten werkzaamheden
,Definities
Projectmanagement: Het in een projectgroepomgeving integreren van mensen, afdelingen,
organisaties, middelen en technische mogelijkheden om op een gestructureerde wijze een
gemeenschappelijk onderkend probleem op te lossen, daarbij rekening houdend met de belangen
van de betrokkenen.
Project: Een unieke opgave, begrensd in tijd en middelen en afgesloten met een projectresultaat.
Projectmatig werken: Het planmatig en doelgericht werken in een tijdelijk teamverband aan een
eenmalig een vooraf afgesproken uniek resultaat.
Projecteigenschappen
- (Duidelijk) eenmalig doel
- Een project moet worden opgestart
- Een project heeft een opdrachtgever
- Meestal multidisciplinair
- Tijdelijk d.w.z. startdatum en einddatum (kop en staart)
- Eigen (vast) budget
- Eigen projectorganisatie
Verschillend projecttypen
- Technische projecten
- Sociale projecten
- Gemengde projecten
Belangrijke algemene aandachtspunten
- Projecten beginnen met een idee, probleem of uitdaging
o De initiatieffase wordt opgestart, wat moet er bereikt worden?
- Zorg voor voldoende tijd voor de voorbereiding van:
o Projectopdracht, projectkaders (doelen en budget), teamsamenstelling en
beschikbaarheid, overeenkomst over aanpak en resultaat, besluitvorming (go-no go)
- Werk van meet af aan planmatig:
o definieer het project, bepaal de projectgrenzen en werk gefaseerd
o zorg voor een degelijk plan van aanpak
o communiceer structureel met de opdrachtgever en andere betrokkenen
- Besteed ruim aandacht aan de voorbereidende besprekingen met de opdrachtgever en de
teamleden:
o hoe ziet het probleem (idee, uitdaging) er precies uit?
o hoe moet het worden aangepakt en wie is waarvoor aanspreekbaar?
o wat precies moet er op welk moment worden opgeleverd?
- Werk van grof naar detailniveau. Maak ook de planning eerst op hoofdlijnen!
- Maak een risico-analyse
, Projectfasering
Projectrollen
Projectsecretaris: plaatsvervangend voor de projectleider. Helpt de projectleider bij het oorbereiden
van de projectgroepvergaderingen (o.a. opstellen en verspreiden agenda). Maakt verslagen van de
projectgroep vergaderingen en stelt de besluiten- en actielijsten op.
Projectplanner: bewaakt het tijdpad, meldt afwijkingen aan projectggroep en zorgt voor bijsturing.
Beheert de actielijsten en aanwezigheidslijsten (ook bij colleges!). Activeert de projectleden bij de
uitvoering
Projectarchivaris: beheert het projectarchief: zorgt ervoor dat alle informatie, alle W.O. verslagen, de
gespreksverslagen van bijeenkomsten met consultants en de communicatie met de opdrachtgever
op een gestructureerde wijze in het projectarchief is opgenomen
Communicator: onderhoudt externe contacten namens de groep met diverse personen.
Communiceert (schriftelijk) met de opdrachtgever en consultant (buiten het hiervoor ingeroosterde
contactmomenten. Legt de hieruit verkregen info schriftelijk vast ten behoeve van het projectarchief.
Projectleider: Aanspreekpunt voor de buitenwacht, is leider en voorzitter van de projectgroep,
bepaalt de koers, stuurt doelgericht aan, houdt de aandacht gericht op de doelen, faciliteert de
projectgroepleden, controleert, bewaakt de projectgrenzen, leidt en begeleidt de prestaties van de
projectgroeplede, communiceert, motiveert, stimuleert en activeert en is sfeerbepalend en
probleemoplossend.