’22/’23
Plan van Aanpak Voorlichtingsgesprek
Britt van Gorp
02-VPK-1tb-03
Fontys Tilburg
,Inhoudsopgave
Theoretisch kader...................................................................................................................................1
Wat houdt patiëntenvoorlichting in?.................................................................................................1
Wanneer voer je dit type gesprek?.....................................................................................................1
Wanneer of waarvoor heb je als verpleegkundige deze vaardigheid nodig?.....................................1
Wat is de relatie met persoonsgerichte praktijkvoering?...................................................................1
Welke fases of structuur kent je gesprek en waarom?.......................................................................1
Welke theoretische inzichten zijn in dit gesprek belangrijk?..............................................................2
Welke vaardigheden gebruik je hierbij?.............................................................................................2
Welke rol of taak heb jij als verpleegkundige in dit gesprek?.............................................................2
Kaal plan van Aanpak Voorlichtingsgesprek...........................................................................................4
Onderbouwing........................................................................................................................................6
Voorbereiding.....................................................................................................................................6
Inleiding..............................................................................................................................................9
Kern..................................................................................................................................................12
Afsluiting...........................................................................................................................................19
Door het hele gesprek heen.............................................................................................................23
Bibliografie...........................................................................................................................................26
, Theoretisch kader
Wat houdt patiëntenvoorlichting in?
Het zorgen voor gedragsverandering bij de zorgvrager. Vaak gaat het dan over leefstijl keuzes die
moeten worden gemaakt terwijl de zorgvraag leidt aan een bepaalde (chronische) aandoening.
Wanneer voer je dit type gesprek?
Dit type gesprek voer je als een zorgvrager meer duidelijkheid wil over een bepaald onderwerp.
Hierbij is de voorkennis en het cognitieniveau van de zorgvrager erg belangrijk. Daar moet je
uiteindelijk je inhoud en taalgebruik op aanpassen.
Wanneer of waarvoor heb je als verpleegkundige deze vaardigheid
nodig?
Zodat je een zorgvrager belangrijke en betrouwbare informatie kan geven. Dit kan een
vertrouwensband opwekken waardoor het ook een soort ondersteuning/vangnet voor de zorgvrager
kan bieden. Ze weten uiteindelijk dat ze van je op aan kunnen.
Uiteindelijk wil je proberen er voor te zorgen dat de zorgvrager de besproken gedragsverandering
natuurlijk gaat toepassen in zijn/haar eigen leven.
Wat is de relatie met persoonsgerichte praktijkvoering?
Bij voorlichting kijk je vooral naar de behoeften van de zorgvrager. Welke informatie sluit nou echt
aan bij wat de zorgvrager wil weten. Hierdoor stel je de zorgvrager ook weer centraal en dat is wat je
doet bij persoonsgerichte praktijkvoering.
Welke fases of structuur kent je gesprek en waarom?
De fases in het gesprek zijn de inleiding kern en slot. Dat is bij ieder gesprek hetzelfde.
Bij een voorlichtingsgeprek maak je – na de kennismaking/introductie – samen met de zorgvrager
een gezamenlijke agenda. Hierbij ga je dus kijken wat de zorgvrager belangrijk vindt en waarbij
zijn/haar prioriteiten liggen.
Ook kent een voorlichtingsgesprek de overgang van de stap Openstaan naar de stap Begrijpen. Je
begint altijd met de stap Openstaan, want als een zorgvrager niet openstaat voor nieuwe informatie
– of voor jou als zorgverlener – slaat hij/zij niks op van de informatie die je geeft. Het is dus belangrijk
dat de zorgvrager eerst openstaat voor nieuwe informatie of wellicht gedragsverandering, voordat je
dat überhaupt aan de orde brengt.
Dan het je nog de stap Begrijpen. Dit kan je pas doen als de zorgvrager volledige openstaat voor
nieuwe informatie. Hierbij kun je de voorlichting gaan geven. Eerst kijk je naar het cognitieniveau en
de voorkennis van de zorgvrager. Hierop kan je uiteindelijk de te geven informatie aanpassen. Zo
blijft het goed hangen en is het ook goed te volgen voor de zorgvrager.
Verder heb je ook nog drie soorten informatie, belevingsgerichte, technische en procedure
informatie. Belevingsgerichte informatie speelt echt in op de beleving van de zorgvrager (het woord
zegt het eigenlijk al), dit door bijvoorbeeld te kijken naar; waar liggen de behoeften, wat is de
cognitie, etc. Bij technische informatie wordt er uitleg gegeven over wat een zorgvrager kan doen en
waarom. En bij procedure informatie wordt er een procedure uitgelegd, zoals als je narcose krijgt.
1
Plan van Aanpak Voorlichtingsgesprek
Britt van Gorp
02-VPK-1tb-03
Fontys Tilburg
,Inhoudsopgave
Theoretisch kader...................................................................................................................................1
Wat houdt patiëntenvoorlichting in?.................................................................................................1
Wanneer voer je dit type gesprek?.....................................................................................................1
Wanneer of waarvoor heb je als verpleegkundige deze vaardigheid nodig?.....................................1
Wat is de relatie met persoonsgerichte praktijkvoering?...................................................................1
Welke fases of structuur kent je gesprek en waarom?.......................................................................1
Welke theoretische inzichten zijn in dit gesprek belangrijk?..............................................................2
Welke vaardigheden gebruik je hierbij?.............................................................................................2
Welke rol of taak heb jij als verpleegkundige in dit gesprek?.............................................................2
Kaal plan van Aanpak Voorlichtingsgesprek...........................................................................................4
Onderbouwing........................................................................................................................................6
Voorbereiding.....................................................................................................................................6
Inleiding..............................................................................................................................................9
Kern..................................................................................................................................................12
Afsluiting...........................................................................................................................................19
Door het hele gesprek heen.............................................................................................................23
Bibliografie...........................................................................................................................................26
, Theoretisch kader
Wat houdt patiëntenvoorlichting in?
Het zorgen voor gedragsverandering bij de zorgvrager. Vaak gaat het dan over leefstijl keuzes die
moeten worden gemaakt terwijl de zorgvraag leidt aan een bepaalde (chronische) aandoening.
Wanneer voer je dit type gesprek?
Dit type gesprek voer je als een zorgvrager meer duidelijkheid wil over een bepaald onderwerp.
Hierbij is de voorkennis en het cognitieniveau van de zorgvrager erg belangrijk. Daar moet je
uiteindelijk je inhoud en taalgebruik op aanpassen.
Wanneer of waarvoor heb je als verpleegkundige deze vaardigheid
nodig?
Zodat je een zorgvrager belangrijke en betrouwbare informatie kan geven. Dit kan een
vertrouwensband opwekken waardoor het ook een soort ondersteuning/vangnet voor de zorgvrager
kan bieden. Ze weten uiteindelijk dat ze van je op aan kunnen.
Uiteindelijk wil je proberen er voor te zorgen dat de zorgvrager de besproken gedragsverandering
natuurlijk gaat toepassen in zijn/haar eigen leven.
Wat is de relatie met persoonsgerichte praktijkvoering?
Bij voorlichting kijk je vooral naar de behoeften van de zorgvrager. Welke informatie sluit nou echt
aan bij wat de zorgvrager wil weten. Hierdoor stel je de zorgvrager ook weer centraal en dat is wat je
doet bij persoonsgerichte praktijkvoering.
Welke fases of structuur kent je gesprek en waarom?
De fases in het gesprek zijn de inleiding kern en slot. Dat is bij ieder gesprek hetzelfde.
Bij een voorlichtingsgeprek maak je – na de kennismaking/introductie – samen met de zorgvrager
een gezamenlijke agenda. Hierbij ga je dus kijken wat de zorgvrager belangrijk vindt en waarbij
zijn/haar prioriteiten liggen.
Ook kent een voorlichtingsgesprek de overgang van de stap Openstaan naar de stap Begrijpen. Je
begint altijd met de stap Openstaan, want als een zorgvrager niet openstaat voor nieuwe informatie
– of voor jou als zorgverlener – slaat hij/zij niks op van de informatie die je geeft. Het is dus belangrijk
dat de zorgvrager eerst openstaat voor nieuwe informatie of wellicht gedragsverandering, voordat je
dat überhaupt aan de orde brengt.
Dan het je nog de stap Begrijpen. Dit kan je pas doen als de zorgvrager volledige openstaat voor
nieuwe informatie. Hierbij kun je de voorlichting gaan geven. Eerst kijk je naar het cognitieniveau en
de voorkennis van de zorgvrager. Hierop kan je uiteindelijk de te geven informatie aanpassen. Zo
blijft het goed hangen en is het ook goed te volgen voor de zorgvrager.
Verder heb je ook nog drie soorten informatie, belevingsgerichte, technische en procedure
informatie. Belevingsgerichte informatie speelt echt in op de beleving van de zorgvrager (het woord
zegt het eigenlijk al), dit door bijvoorbeeld te kijken naar; waar liggen de behoeften, wat is de
cognitie, etc. Bij technische informatie wordt er uitleg gegeven over wat een zorgvrager kan doen en
waarom. En bij procedure informatie wordt er een procedure uitgelegd, zoals als je narcose krijgt.
1