Hoofdstuk 1
Wat is economie?
Volgens schrijver is de economie geen exacte wetenschap. Veel wetenschappers zeggen dat
alles economie is. De schrijver vind echter dat economie begint bij produceren. Volgens
Keynes zijn mensen meer dierlijk dan rationeel, op het gebied van onder andere uitgaven.
De economie lijkt te lijden aan een ernstige vorm van zelfoverschatting, aangezien zij niet in
staat zijn inzicht te bieden in de economie, en wel pretenderen ‘bijna’ alles te verklaren.
Economie is een studie van rationele keuzes- dat zijn keuzes op basis van weloverwogen,
systematische calculatie ( vb- huwelijk, kinderen krijgen, misdaad) van de best mogelijke
manier waarop een doel bereikt kan worden met behulp van de onvermijdelijke schaarse
middelen.
Geld staat symbool voor wat anderen in de samenleving jou schuldig zijn, of voor jouw
aanspraak op een zeker deel van de geldmiddelen van de samenleving. De financiele
economie gaat over aandelen, derivaten, etc
Manieren om aan geld te komen:
o Werken. Er zijn verschillende oogpunten van werken.
individuele werknemer, hoeveel je verdient of werkt hangt af van je vaardigheden,
technologische innovatie en internationale handel
o Overdrachten. Dat houdt in dat je gewoon geld krijgt. Dan kan zijn in vormen van
geld (liefdadigheid) of van goederen en diensten.
Het vak economie houdt zich ook bezig met het bestuderen van consumptie: Hoe mensen
geld besteden aan verschillende typen goederen en diensten, hoe ze keuzes maken tussen
concurrerende varieteiten van hetzelfde product. En hoe ze worden gemanipuleerd worden
door reclame en hoeveel bedrijven uitgeven aan marketing.
(Neo)-klassieken:
- Marktwerking, de markt zijn gang laten gaan. Door iedereen te laten toetreden:
o Groeit concurrentie
o Dalen de prijzen
o Groeit de kwaliteit
o Verbreed het assortiment
o Blijft de regelgeving en dus verstoring door de overheid beperkt
o Nadeel: er ontstaat marktmacht wat kan leiden tot monopolie, oligopolie en
kartels.
o Nadeel: er vindt geen correctie plaats door de overheid.
Keynesianen
- Overheid grijpt in op het gebied van de markt.
De ECB koopt obligaties van de overheden van landen, en geeft landen zo dus geld.