Uitwerkingen Cassusen blok 2.3
Casus 1: Multiple Sclerose
Dhr H. is 71 jaar, getrouwd, twee kinderen en vijf kleinkinderen op wie hij allemaal erg gek is.
Vroeger werkte hij in de confectiebranche als optekenaar, maar werd op 31 jarige leeftijd, toen bij
hem de diagnose Multiple Sclerose werd gesteld in 1968 volledig arbeidsongeschikt verklaard. De MS
ontwikkelde zich erg langzaam en hoewel meneer de nodige ups en downs heeft gehad heeft hij
nooit daadwerkelijk een schub (exacerbatie) gehad. Wel heeft hij veel tijd voor onderzoek en
(experimentele) behandeling in het ziekenhuis doorgebracht. In de loop der jaren ging het lopen
steeds lastiger, maar meneer heeft tot twee maanden geleden wel kunnen lopen met twee 4-poot
krukken. Toen kreeg hij drie kleine herseninfarcten kort na elkaar. Het lopen is daarna behoorlijk
verslechterd. Hij ervaart veel minder kracht in zijn benen en ook het “stuur” is weg zoals meneer zelf
zegt. Zowel in zijn armen als in zijn benen voelt hij steeds vervelende prikkelingen. De problemen zijn
links groter dan rechts. Waar hij slecht tegen kan zijn hoge temperaturen. Verder is hij erg snel
vermoeid.
Meneer is nu ter revalidatie in Maartenshof, maar verwacht niet meer thuis te kunnen wonen. Zijn
vrouw vindt de zorg voor haar man erg zwaar en dat begrijpt hij maar al te goed: hij heeft hulp nodig
bij het opstaan, bij het wassen en aan- en uitkleden. Bovendien kan hij weinig doen de huishouding.
Waarschijnlijk komt het echtpaar dan in een aanleunwoning, maar daar heeft meneer nog niet zoveel
zin in. In Maartenshof heeft hij namelijk zeer veel aanspraak en dat vindt hij heel prettig. Hij is bang
om te vereenzamen.
Casustiek:
- Dhr. H. 71 jaar, sinds 40 jaar MS
Conceptueel:
- Pathologie MS Cerebellum
- Neuropsychologische gevolgen van MS
- De anatomische structuur ‘het cerebellum’ en de pathologie ‘Multiple Sclerose’ (MS)
centraal. Het cerebellum, ook wel kleine hersenen genoemd, is een feedbacksysteem dat
communiceert met de cortex cerebri, het vestibulaire systeem en het ruggenmerg. De
pathologie MS kenmerkt zich onder andere door de grote onvoorspelbaarheid in het verloop
van de ziekte. MS kan zich manifesteren in de witte stof van het gehele centrale zenuwstelsel
en daardoor variëren in anatomische locatie. MS kán zich o.a. in het cerebellum
manifesteren. Symptomen kunnen zich heel snel ontwikkelen of juist heel langzaam. De
patiënten uit de casuïstiek van deze week ervaren verschillende beperkingen en
participatieproblemen.
-
Praktijk:
- Onderzoek en behandeling uitvoeren.
- Acute fase/ Patiënt met een slappe parese:
FT in en rondom bed
- Respiratoire problematiek
- Gesprek bij een MS-patiënt met problemen in bewustzijn, aandacht, tempo en onthouden en
interculturele factoren
RPS:
Stoornis Activiteiten Paticipatie
- Op 31 jarige leeftijd - Liep tot 2 maanden -
Diagnose MS met 4-poot krukken
- 2 maand geleden 3 - Opstaan
, kleinen herseninfarcten - Wassen
gekregen - Aan/uitkleden
- Minder kracht in benen
- Is het “stuur” kwijt
- Voel in armen en benen
vervelende prikkelingen
- Meer problemen links
dan rechts
- Kan slecht tegen hoge
temperaturen
-
Persoonlijke factoren Externe factoren
- Man, 71 jaar -
- Getrouwd, 2 kinderen, 5 kleinkinderen
- Bang te vereenzamen
Onderzoek:
Doel en inhoud onderzoek:
- in begrijpelijke taal
- met toelichting van medische begrippen
- vraagt om toestemming
Benadering:
- Verzorgt voorkomen
- Maakt (oog)contact en praat duidelijk Past taalgebruik aan
- Biedt veiligheid en comfort
- Toont begrip en inleving
- Handelt vanuit ergonomische principes.
Inspectie:
- Links hangt er slap bij
- Door de knieën als ie staat
- Spalk
- Zit in een stoel
e
Benoemt (te verwachten) 1 indrukken over de patiënt.
Functioneel:
- Laat hem zit-stand doen
Wat?
- Lopen
- Hulp bij zit-stand
- Aan/uitkleden
- Huishoudtaklen?
Wat? Hoe? Waarom?
Lopen vermoeidheid Verandering in tonusMAS
Hulp bij zit-stand Beperkte controle SensibiliteitsproblemenNothingham
van de beweging sensory assesment
Aan/uit- kleden Abnormale Coördinatietop neus proef
sensaties door
tintelen
, Huishoudtaken Niet/nauwelijks uit Geen balans Berg balance scale
te voeren
Samenvatting:
Geeft een samenvatting van de uitkomsten van het uitgevoerde onderzoek
aan
Hardop klinisch redeneren
Behandeling:
Doel en inhoud:
- Legt het doel en inhoud van het behandeling aan de cliënt uit
o in begrijpelijke taal
o met toelichting van medische begrippen
o vraagt om toestemming
Professioneel gedrag:
- Verzorgt voorkomen
Maakt (oog)contact en praat duidelijk. Past taalgebruik aan
- Biedt veiligheid en comfort Toont begrip en inleving
- Handelt vanuit ergonomische principes
Behandelplan:
- Hoofddoel: transfer zit naar stand
- Subdoel: werken aan balans en coördinatie
Volgende stappen in acute fase:
- Patiënt in bed begroeten
- Vragen hoe het gaat
- Kijken naar sputumasculteren
o Leren goed ademhalen
o Inademen op met buik op hand, ff vasthouden
o Met de balletjes leren ademhalen
- Passief mobiliseren van aangedane zijde
o 3-4x
o Voor schouder elleboog in 90 graden
- Zelf bewegen niet-aangedane zijde
o 10x
- Eerst hand geven en kijken of de patiënt dat voelt
- Arm in bepaalde positie houden en kijken of hij het vasthoudt: placing en holding. Niet
zeggen wat je doet
- Tonus opwekkenplasticiteit genereren
o Passief bewegen
o Kijken naar reactie krijgen:
Steun
Arm pakken en hand patiënt in je elleboog zettentrekkenkop uit
kom trekken
o Tegendruk geven aproximatie
Als dat lukt: hand op hoofd: tegendruk op hand, kijken of hij
tegendruk kan geven
o Elleboog naar binnen en buiten laten vallen, boven en onder
o Tappen: tonus opwekkenplasticiteit opwekken
Bij been: aproximatie, knie 90 graden en op voet zitten
, Dan benen in 90 graden en bekken van links naar rechts, arm over
benen en schuin over heup, omhoog trekken
Aan het einde naar functie, poepen, steunen
Stopcriteria:
- Als er vermoeidheid op treedt
- Als de beweging niet meer kan
Proximale stabiliteit is belangrijk voor distaal
Mobiliseren of aangedane zijdeplasticiteit opwekken
Oefeningen voor Heup:
1. Bruggetje maken
2. Bruggetje, dan optillen en horizontaal verplaatsen
3. Bruggetje maken, dan niet aangedaan zijde extensie knie maken
4. Bruggetje maken, met iets tussen de bene
5. Bruggetje maken op bal
a. Voeten meer uit elkaar
GEEN WEERSTANDSBANDJE BIJ DEZE PATIENTEN
- Zoveel hulp geven als nodig is, daarna gelijk afbouwen
Patiënt leren zitten
1. Probeer het hem zelf de laten doen
2. Ga ervoor staan, zodat hij niet valt
3. Mobiliseren
a. Op linker zijde liggen
b. Rechter heup 45 graden
c. Arm onder hoofd
d. Andere hand om achterkant hamstrings
e. Tegelijk optillen en transfer maken
4. Patiënt vast laten houden en even laten bijkomen
5. Patiënt goed laten zitten
a. Gewicht naar links, rechter knie naar achter drukken door knie met bovenbenen vat
te houden en aan de andere kant
6. Achter patiënt zitten op bank, met knieën steun geven om heupen
a. Armen op schouders patiënt
7. Hoofd stabiliteit geven
a. Omhoog brengen
b. Romp naar achter
c. Proberen vast te houden
d. Aan achterkant kijken hoeveel vingers de patiënt telt in verschillende hoeken
e. Erector spinae activeren door op te strijken op achterkant nek
8. Oefeningen hoofd:
a. Neus naar knie
b. Neus naar knie schuin
c. Snuiten
d. TV- kijken
e. Zorg voor rotatie hoofd
f. Geliefde ernaast zetten en proberen gesprek te voeren
g. Laten likken aan ijsje met verschillende hoeken
h. Laten koekhappen (oppassen met slikken)
9. Stimuleren rechtop komen zitten
a. Trekken op sternum, hand om sternum (trekken)
Casus 1: Multiple Sclerose
Dhr H. is 71 jaar, getrouwd, twee kinderen en vijf kleinkinderen op wie hij allemaal erg gek is.
Vroeger werkte hij in de confectiebranche als optekenaar, maar werd op 31 jarige leeftijd, toen bij
hem de diagnose Multiple Sclerose werd gesteld in 1968 volledig arbeidsongeschikt verklaard. De MS
ontwikkelde zich erg langzaam en hoewel meneer de nodige ups en downs heeft gehad heeft hij
nooit daadwerkelijk een schub (exacerbatie) gehad. Wel heeft hij veel tijd voor onderzoek en
(experimentele) behandeling in het ziekenhuis doorgebracht. In de loop der jaren ging het lopen
steeds lastiger, maar meneer heeft tot twee maanden geleden wel kunnen lopen met twee 4-poot
krukken. Toen kreeg hij drie kleine herseninfarcten kort na elkaar. Het lopen is daarna behoorlijk
verslechterd. Hij ervaart veel minder kracht in zijn benen en ook het “stuur” is weg zoals meneer zelf
zegt. Zowel in zijn armen als in zijn benen voelt hij steeds vervelende prikkelingen. De problemen zijn
links groter dan rechts. Waar hij slecht tegen kan zijn hoge temperaturen. Verder is hij erg snel
vermoeid.
Meneer is nu ter revalidatie in Maartenshof, maar verwacht niet meer thuis te kunnen wonen. Zijn
vrouw vindt de zorg voor haar man erg zwaar en dat begrijpt hij maar al te goed: hij heeft hulp nodig
bij het opstaan, bij het wassen en aan- en uitkleden. Bovendien kan hij weinig doen de huishouding.
Waarschijnlijk komt het echtpaar dan in een aanleunwoning, maar daar heeft meneer nog niet zoveel
zin in. In Maartenshof heeft hij namelijk zeer veel aanspraak en dat vindt hij heel prettig. Hij is bang
om te vereenzamen.
Casustiek:
- Dhr. H. 71 jaar, sinds 40 jaar MS
Conceptueel:
- Pathologie MS Cerebellum
- Neuropsychologische gevolgen van MS
- De anatomische structuur ‘het cerebellum’ en de pathologie ‘Multiple Sclerose’ (MS)
centraal. Het cerebellum, ook wel kleine hersenen genoemd, is een feedbacksysteem dat
communiceert met de cortex cerebri, het vestibulaire systeem en het ruggenmerg. De
pathologie MS kenmerkt zich onder andere door de grote onvoorspelbaarheid in het verloop
van de ziekte. MS kan zich manifesteren in de witte stof van het gehele centrale zenuwstelsel
en daardoor variëren in anatomische locatie. MS kán zich o.a. in het cerebellum
manifesteren. Symptomen kunnen zich heel snel ontwikkelen of juist heel langzaam. De
patiënten uit de casuïstiek van deze week ervaren verschillende beperkingen en
participatieproblemen.
-
Praktijk:
- Onderzoek en behandeling uitvoeren.
- Acute fase/ Patiënt met een slappe parese:
FT in en rondom bed
- Respiratoire problematiek
- Gesprek bij een MS-patiënt met problemen in bewustzijn, aandacht, tempo en onthouden en
interculturele factoren
RPS:
Stoornis Activiteiten Paticipatie
- Op 31 jarige leeftijd - Liep tot 2 maanden -
Diagnose MS met 4-poot krukken
- 2 maand geleden 3 - Opstaan
, kleinen herseninfarcten - Wassen
gekregen - Aan/uitkleden
- Minder kracht in benen
- Is het “stuur” kwijt
- Voel in armen en benen
vervelende prikkelingen
- Meer problemen links
dan rechts
- Kan slecht tegen hoge
temperaturen
-
Persoonlijke factoren Externe factoren
- Man, 71 jaar -
- Getrouwd, 2 kinderen, 5 kleinkinderen
- Bang te vereenzamen
Onderzoek:
Doel en inhoud onderzoek:
- in begrijpelijke taal
- met toelichting van medische begrippen
- vraagt om toestemming
Benadering:
- Verzorgt voorkomen
- Maakt (oog)contact en praat duidelijk Past taalgebruik aan
- Biedt veiligheid en comfort
- Toont begrip en inleving
- Handelt vanuit ergonomische principes.
Inspectie:
- Links hangt er slap bij
- Door de knieën als ie staat
- Spalk
- Zit in een stoel
e
Benoemt (te verwachten) 1 indrukken over de patiënt.
Functioneel:
- Laat hem zit-stand doen
Wat?
- Lopen
- Hulp bij zit-stand
- Aan/uitkleden
- Huishoudtaklen?
Wat? Hoe? Waarom?
Lopen vermoeidheid Verandering in tonusMAS
Hulp bij zit-stand Beperkte controle SensibiliteitsproblemenNothingham
van de beweging sensory assesment
Aan/uit- kleden Abnormale Coördinatietop neus proef
sensaties door
tintelen
, Huishoudtaken Niet/nauwelijks uit Geen balans Berg balance scale
te voeren
Samenvatting:
Geeft een samenvatting van de uitkomsten van het uitgevoerde onderzoek
aan
Hardop klinisch redeneren
Behandeling:
Doel en inhoud:
- Legt het doel en inhoud van het behandeling aan de cliënt uit
o in begrijpelijke taal
o met toelichting van medische begrippen
o vraagt om toestemming
Professioneel gedrag:
- Verzorgt voorkomen
Maakt (oog)contact en praat duidelijk. Past taalgebruik aan
- Biedt veiligheid en comfort Toont begrip en inleving
- Handelt vanuit ergonomische principes
Behandelplan:
- Hoofddoel: transfer zit naar stand
- Subdoel: werken aan balans en coördinatie
Volgende stappen in acute fase:
- Patiënt in bed begroeten
- Vragen hoe het gaat
- Kijken naar sputumasculteren
o Leren goed ademhalen
o Inademen op met buik op hand, ff vasthouden
o Met de balletjes leren ademhalen
- Passief mobiliseren van aangedane zijde
o 3-4x
o Voor schouder elleboog in 90 graden
- Zelf bewegen niet-aangedane zijde
o 10x
- Eerst hand geven en kijken of de patiënt dat voelt
- Arm in bepaalde positie houden en kijken of hij het vasthoudt: placing en holding. Niet
zeggen wat je doet
- Tonus opwekkenplasticiteit genereren
o Passief bewegen
o Kijken naar reactie krijgen:
Steun
Arm pakken en hand patiënt in je elleboog zettentrekkenkop uit
kom trekken
o Tegendruk geven aproximatie
Als dat lukt: hand op hoofd: tegendruk op hand, kijken of hij
tegendruk kan geven
o Elleboog naar binnen en buiten laten vallen, boven en onder
o Tappen: tonus opwekkenplasticiteit opwekken
Bij been: aproximatie, knie 90 graden en op voet zitten
, Dan benen in 90 graden en bekken van links naar rechts, arm over
benen en schuin over heup, omhoog trekken
Aan het einde naar functie, poepen, steunen
Stopcriteria:
- Als er vermoeidheid op treedt
- Als de beweging niet meer kan
Proximale stabiliteit is belangrijk voor distaal
Mobiliseren of aangedane zijdeplasticiteit opwekken
Oefeningen voor Heup:
1. Bruggetje maken
2. Bruggetje, dan optillen en horizontaal verplaatsen
3. Bruggetje maken, dan niet aangedaan zijde extensie knie maken
4. Bruggetje maken, met iets tussen de bene
5. Bruggetje maken op bal
a. Voeten meer uit elkaar
GEEN WEERSTANDSBANDJE BIJ DEZE PATIENTEN
- Zoveel hulp geven als nodig is, daarna gelijk afbouwen
Patiënt leren zitten
1. Probeer het hem zelf de laten doen
2. Ga ervoor staan, zodat hij niet valt
3. Mobiliseren
a. Op linker zijde liggen
b. Rechter heup 45 graden
c. Arm onder hoofd
d. Andere hand om achterkant hamstrings
e. Tegelijk optillen en transfer maken
4. Patiënt vast laten houden en even laten bijkomen
5. Patiënt goed laten zitten
a. Gewicht naar links, rechter knie naar achter drukken door knie met bovenbenen vat
te houden en aan de andere kant
6. Achter patiënt zitten op bank, met knieën steun geven om heupen
a. Armen op schouders patiënt
7. Hoofd stabiliteit geven
a. Omhoog brengen
b. Romp naar achter
c. Proberen vast te houden
d. Aan achterkant kijken hoeveel vingers de patiënt telt in verschillende hoeken
e. Erector spinae activeren door op te strijken op achterkant nek
8. Oefeningen hoofd:
a. Neus naar knie
b. Neus naar knie schuin
c. Snuiten
d. TV- kijken
e. Zorg voor rotatie hoofd
f. Geliefde ernaast zetten en proberen gesprek te voeren
g. Laten likken aan ijsje met verschillende hoeken
h. Laten koekhappen (oppassen met slikken)
9. Stimuleren rechtop komen zitten
a. Trekken op sternum, hand om sternum (trekken)