Kennisclip het gedragsveranderingswiel:...............................................................................................2
Kennisclip fase 1 gedragsveranderingswiel stap 1 t/m 3:.......................................................................3
Kennisclip inleiding MI en de SPIRIT:......................................................................................................4
Kennisclip ORBS:.....................................................................................................................................6
Kennisclip stages of change:...................................................................................................................7
Kennisclip ambivalentie:.........................................................................................................................8
Kennisclip kenmerken van de doelgroep:...............................................................................................9
Kennisclip het gedragsveranderingswiel fase 1 stap 4:.........................................................................10
Kennisclip zelf-determinatie theorie:...................................................................................................11
Kennisclip relatie tussen fysieke activiteit en gezondheid:...................................................................12
Kennisclip: waarom moeten we bewegen meten:...............................................................................13
Kennisclip coachen van beweeggedrag:...............................................................................................14
Kennisclip onderzoek naar beweeggedrag:..........................................................................................15
Kennisclip Het gedragsveranderingswiel fase 2:...................................................................................16
Kennisclip Het gedragsveranderingswiel fase 3 stap 7 & 8:..................................................................17
Kennisclip APEASE criteria:...................................................................................................................18
Theorie:................................................................................................................................................18
Gewoontegedrag:.............................................................................................................................18
Kennisclip zelfregulatie:........................................................................................................................19
Keuze architectuur:..............................................................................................................................19
Een breder perspectief:........................................................................................................................20
1
,Kennisclip het gedragsveranderingswiel:
Het ontwerpen van een interventie bestaat uit 3 fases. Fase 1: het gedrag begrijpen. Fase 2: de
interventiemogelijkheden bepalen. Fase 3: de inhoud behalen.
Fase 1: het probleem analyseren vanuit een gedrag perspectief. Door te kijken door welk gedrag het
probleem komt.
Je gaat op zoek naar een probleem. Dit probleem ga je onderzoeken en in kaart brengen welke
gedragingen leiden tot het probleem. Van al die gedragingen, kies je 1 doelgedrag. Dit doelgedrag ga
je heel specifiek opschrijven. Determinanten, factoren die het gedrag beïnvloeden, bepalen.
Fase 2: kiezen welke middelen je moet gebruiken om je doelgedrag te behalen. Deze middelen heten
binnen het gedragsveranderingswiel interventies.
Fase 3: de inhoud van je interventie bepalen. Je bepaalt de gedragsveranderingstechnieken en de
leveringswijze, welke je het gaat doen.
Gedragsveranderingstechnieken bepalen:
Voorlichten en overtuigen:
o Info geven over de gevolgen voor de gezondheid
o Geloofwaardige bron gebruiken
o Eigen gedrag monitoren
o Feedback geven
Leveringswijze bepalen:
Face to face doen
o Individueel of groep
Op afstand
o Bevolkingsniveau of individueel niveau
2
, Kennisclip fase 1 gedragsveranderingswiel stap 1 t/m 3:
Stap 1: het probleem in gedragstermen beschrijven. Het probleem ligt in een van de 6 dimensies van
de positieve gezondheid. Door het spinnenweb in te vullen kun je erachter komen waar het
probleem zich bevindt. En kijk welke gedragingen hierbij passen door tijdens de intake hierop door te
vragen.
Stap 2: het doelgedrag bepalen. BRAVO factoren spelen hierbij een rol en deze passen bij richtlijnen.
Hierdoor kun je een longlist maken van alle gedragingen die invloed op het probleem hebben. Bij het
opstellen van de longlist is het belangrijk om te weten dat het ene gedrag invloed heeft op het
andere of andere mensen om hem heen. Gedragssystemen als ander gedag invloed heeft op je eigen
gedrag.
Na de longlist maak je een shortlist. Dus op welk gedrag je je gaat richten. Doe dit door te kijken naar
4 criteria:
1. Belangrijkheid: hoeveel impact heeft het op het probleem
2. Veranderbaarheid: hoe makkelijk is het aan te passen
3. Neveneffect: welke andere effecten komen er als je het gedrag aan past
4. Meetbaarheid: is het veranderbaar gedrag meetbaar
Breng een prioriteitsvolgorde aan door bijvoorbeeld +, +- of – bij de criteria te zetten.
Na de shortlist ga je kijken welke 1 of 2 gedragingen je daadwerkelijk wilt gaan veranderen.
Stap 3: het doel gedrag specificeren. Als je je doelgedrag hebt gekozen moet je dit specifiek maken
door een betere beschrijving te geven over:
Wie moet het gedrag veranderen
Wat moet hij anders doen
Wanneer moet hij dit doen
Waar moet hij dit doen
Hoe vaak moet hij dit doen
Met wie moet hij dit doen
3