Begrippen Criminaliteit en Rechtsstaat
Maatschappijwetenschappen
Rechtvaardigingstheorieën van de straf waarin
Absolute theorieën uitsluitend naar het verleden wordt gekeken, met name
naar het delict dat zich heeft voorgedaan.
De advocaat is verantwoordelijk voor de ondervraging
Advocaat (raadsman) van getuigen, deskundigen en verdachte en een pleidooi
tijdens het strafproces.
Algemeen Plaatselijke Verordening
Gemeentelijk beleid dat zich richt op preventie.
(APV)
Theorie van Merton die het verschil in criminaliteit of
Anomietheorie afwijkend gedrag tussen verschillende samenlevingen te
verklaren.
Als er plannen zijn om de verdachte daadwerkelijke
Berechten
sancties op te leggen.
Geeft een beeld van de aard en omvang, spreiding en
Beschrijvende criminologie
ontwikkeling van crimineel gedrag en criminaliteit.
De data zijn vrij van toevalsfouten en dat een identiek
Betrouwbaarheid
onderzoek op een andere tijd en plaats meet hetzelfde.
Theorie van Hirschi en Box die zegt dat vooral
maatschappelijke bindingen of sterke integratie van
Bindingstheorie/integratietheorie
mensen in intermediaire groepen remmend werken op
criminele impulsen.
Criminalisering Strafbaar stellen.
Het geheel van gedragingen dat wettelijk strafbaar is
Criminaliteit
gesteld.
De wetenschap die onderzoek doet naar (de oorzaken
Criminologie van) strafbaar gedrag en de gevolgen van criminaliteit
voor de samenleving.
Het verschil tussen de politiecijfers en de kwantitatieve
Dark figure onderzoeken. Ook wel ‘verborgen criminaliteit’
genoemd.
Decriminalisering Vrij laten of gedogen.
Delict Misdrijf, overtreden, vergrijp. Overtreding van de wet.
Delinquent gedrag Het plegen van misdrijven en vergrijpen.
Delinquenten Plegers van delinquent gedrag.
Theorie van Sutherland die ervan uitgaat dat crimineel
gedrag wordt aangeleerd in contact met mensen uit het
eigen sociale milieu: al naar gelang het sociale milieu
Differentiële associatie theorie
zou verschillend –positief of afwijzend- worden
gereageerd (associatie) op verschillende soorten
crimineel gedrag.
Waar lichte misdrijven worden berecht door een
Enkelvoudige kamer
(politie)rechter.
Volgens deze theorie van Becker drukt de sociale
omgeving het etiket ‘crimineel’ op bepaalde (afwijkende
gedragingen) en mensen hebben daardoor de neiging
Etiketteringtheorie
zich conform dit etiket te gaan gedragen (self-fulfilling
prophecy). Ook wel labeling- of stigmatiseringstheorie
genoemd.
Theorie van Felson die zegt dat of mensen misdrijven
Gelegenheidstheorie
plegen afhangt van drie factoren: het aantal potentiële
Maatschappijwetenschappen
Rechtvaardigingstheorieën van de straf waarin
Absolute theorieën uitsluitend naar het verleden wordt gekeken, met name
naar het delict dat zich heeft voorgedaan.
De advocaat is verantwoordelijk voor de ondervraging
Advocaat (raadsman) van getuigen, deskundigen en verdachte en een pleidooi
tijdens het strafproces.
Algemeen Plaatselijke Verordening
Gemeentelijk beleid dat zich richt op preventie.
(APV)
Theorie van Merton die het verschil in criminaliteit of
Anomietheorie afwijkend gedrag tussen verschillende samenlevingen te
verklaren.
Als er plannen zijn om de verdachte daadwerkelijke
Berechten
sancties op te leggen.
Geeft een beeld van de aard en omvang, spreiding en
Beschrijvende criminologie
ontwikkeling van crimineel gedrag en criminaliteit.
De data zijn vrij van toevalsfouten en dat een identiek
Betrouwbaarheid
onderzoek op een andere tijd en plaats meet hetzelfde.
Theorie van Hirschi en Box die zegt dat vooral
maatschappelijke bindingen of sterke integratie van
Bindingstheorie/integratietheorie
mensen in intermediaire groepen remmend werken op
criminele impulsen.
Criminalisering Strafbaar stellen.
Het geheel van gedragingen dat wettelijk strafbaar is
Criminaliteit
gesteld.
De wetenschap die onderzoek doet naar (de oorzaken
Criminologie van) strafbaar gedrag en de gevolgen van criminaliteit
voor de samenleving.
Het verschil tussen de politiecijfers en de kwantitatieve
Dark figure onderzoeken. Ook wel ‘verborgen criminaliteit’
genoemd.
Decriminalisering Vrij laten of gedogen.
Delict Misdrijf, overtreden, vergrijp. Overtreding van de wet.
Delinquent gedrag Het plegen van misdrijven en vergrijpen.
Delinquenten Plegers van delinquent gedrag.
Theorie van Sutherland die ervan uitgaat dat crimineel
gedrag wordt aangeleerd in contact met mensen uit het
eigen sociale milieu: al naar gelang het sociale milieu
Differentiële associatie theorie
zou verschillend –positief of afwijzend- worden
gereageerd (associatie) op verschillende soorten
crimineel gedrag.
Waar lichte misdrijven worden berecht door een
Enkelvoudige kamer
(politie)rechter.
Volgens deze theorie van Becker drukt de sociale
omgeving het etiket ‘crimineel’ op bepaalde (afwijkende
gedragingen) en mensen hebben daardoor de neiging
Etiketteringtheorie
zich conform dit etiket te gaan gedragen (self-fulfilling
prophecy). Ook wel labeling- of stigmatiseringstheorie
genoemd.
Theorie van Felson die zegt dat of mensen misdrijven
Gelegenheidstheorie
plegen afhangt van drie factoren: het aantal potentiële