AGOGIEK
KENMERKEN VAN AGOGIEK
Wanneer spreek je van agogiek?
Psychosociale verandering
Veranderingen die vanbinnen gebeuren die effect hebben op je omgeving.
Door de client zelf gewenst
Beïnvloeder beïnvloedt beroepsmatig en doelgericht en gaat systematisch te
werk
Het gebruiken van methodes en manieren van handelen die je in kunt
zetten in de praktijk
(Jong) volwassenen
Kleine kinderen pedagogiek
Client is zich ervan bewust en doet vrijwillig mee
Beïnvloeding is niet wederzijds
,AGOGIEK WEEK 2
Wat verandering stimuleert en wat verandering in de weg kan zitten
BRONNEN VAN VERANDERING EN MOTIVATIE
Bronnen van verandering: redenen om te veranderen
- Nieuwe informatie
- Ontevreden met de situatie
- Eigen ontwikkeling
- Idealen
- Innerlijke drang
- Informatie in strijd met het gedrag
- Verwachtingen van anderen
- Bedreiging van buitenaf
- Belangen
- (Plotselinge) wijzigingen in omstandigheden
- Indrukwekkende ervaringen
WEERSTAND EN AFWEERMECHANISMEN
Afweermechanisme: manier om met weerstand om te gaan
Soorten afweermechanismen
- Ontkenning
- Agressie
- Rationalisatie (goedpraten van gedrag)
“Het is maar goed dat ik niet aangenomen ben, want ik paste toch niet echt bij
dat bedrijf”
- Verdringing
- Verschuiving
- Vermijding
- Overdekking door het tegendeel (overschreeuwen)
- Projectie (eigen gevoelens aan een ander toeschrijven)
- Regressie (terugval)
- Diskwalificatie (verdacht maken; moet jij vooral zeggen…)
Onaffe troep: iets is in het verleden gebeurd waar mensen nu nog last van
hebben
Vicieuze cirkel: je zit vast in hetzelfde patroon
, AGOGIEK WEEK 3
Het procesmatige karakter van verandering
Verandering in fasen: verschillende indelingen, zesdeling, driedeling
1. Inwilliging: het uiten van een mening of het vertonen van bepaald gedrag
onder druk van buitenaf
- aanpassen aan een ander of een situatie
2. Identificatie: het zichzelf voelen als iemand die je vertrouwt of bewondert.
3. Internalisatie: het interessant maken van verandering in het eigen denken,
voelen, doen en laten. Het eigen maken van gedrag
FASES VAN HET VERANDERINGSPROCES
De fasen van het individuele
veranderingsproces met de
daarbij behorende voorwaarden
en effecten:
Aard voorwaarde:
Veranderingsfase
(driedeling):
Veranderingsfase
(vijfdeling):
Veranderingseffect:
Sociaal Motivatie Zich bewust
worden Inwilliging
Belangstelling krijgen
Inwilliging
KENMERKEN VAN AGOGIEK
Wanneer spreek je van agogiek?
Psychosociale verandering
Veranderingen die vanbinnen gebeuren die effect hebben op je omgeving.
Door de client zelf gewenst
Beïnvloeder beïnvloedt beroepsmatig en doelgericht en gaat systematisch te
werk
Het gebruiken van methodes en manieren van handelen die je in kunt
zetten in de praktijk
(Jong) volwassenen
Kleine kinderen pedagogiek
Client is zich ervan bewust en doet vrijwillig mee
Beïnvloeding is niet wederzijds
,AGOGIEK WEEK 2
Wat verandering stimuleert en wat verandering in de weg kan zitten
BRONNEN VAN VERANDERING EN MOTIVATIE
Bronnen van verandering: redenen om te veranderen
- Nieuwe informatie
- Ontevreden met de situatie
- Eigen ontwikkeling
- Idealen
- Innerlijke drang
- Informatie in strijd met het gedrag
- Verwachtingen van anderen
- Bedreiging van buitenaf
- Belangen
- (Plotselinge) wijzigingen in omstandigheden
- Indrukwekkende ervaringen
WEERSTAND EN AFWEERMECHANISMEN
Afweermechanisme: manier om met weerstand om te gaan
Soorten afweermechanismen
- Ontkenning
- Agressie
- Rationalisatie (goedpraten van gedrag)
“Het is maar goed dat ik niet aangenomen ben, want ik paste toch niet echt bij
dat bedrijf”
- Verdringing
- Verschuiving
- Vermijding
- Overdekking door het tegendeel (overschreeuwen)
- Projectie (eigen gevoelens aan een ander toeschrijven)
- Regressie (terugval)
- Diskwalificatie (verdacht maken; moet jij vooral zeggen…)
Onaffe troep: iets is in het verleden gebeurd waar mensen nu nog last van
hebben
Vicieuze cirkel: je zit vast in hetzelfde patroon
, AGOGIEK WEEK 3
Het procesmatige karakter van verandering
Verandering in fasen: verschillende indelingen, zesdeling, driedeling
1. Inwilliging: het uiten van een mening of het vertonen van bepaald gedrag
onder druk van buitenaf
- aanpassen aan een ander of een situatie
2. Identificatie: het zichzelf voelen als iemand die je vertrouwt of bewondert.
3. Internalisatie: het interessant maken van verandering in het eigen denken,
voelen, doen en laten. Het eigen maken van gedrag
FASES VAN HET VERANDERINGSPROCES
De fasen van het individuele
veranderingsproces met de
daarbij behorende voorwaarden
en effecten:
Aard voorwaarde:
Veranderingsfase
(driedeling):
Veranderingsfase
(vijfdeling):
Veranderingseffect:
Sociaal Motivatie Zich bewust
worden Inwilliging
Belangstelling krijgen
Inwilliging