Antwoordkaart
Oefenzin 1: Wij brengen elke dag het vuilnis naar de container.
Toepassing regel: Brengen wij elke dag het vuilnis naar de container?
Antwoord: De pv is brengen, omdat die vooraan komt te staan.
Oefenzin 2: De leraar schrijft een zin op het bord.
Toepassing regel: Schrijft de leraar een zin op het bord?
Antwoord: Schrijft is de pv, omdat die vooraan komt te staan.
Oefenzin 3: Het boek viel op de grond.
Toepassing regel: Het boek valt op de grond.
Antwoord: Viel is de pv, omdat die van tijd verandert.
Oefenzin 4: Hij kijkt naar de show.
Toepassing regel: Hij keek naar de show.
Antwoord: Kijkt is de pv, omdat die van tijd verandert.
Oefenzin 5: Ik loop heel hard.
Toepassing regel: Wij lopen heel hard.
Antwoord: Lopen is de pv, omdat die verandert en de rest is geen
werkwoord.
Oefenzin 6: De oude oma valt van de trap.
Toepassing regel: De oude oma’s vallen van de trap.
Antwoord: Vallen is de pv, omdat die verandert en oude oma’s ook maar
dat is geen werkwoord.
Oefenzin 1: Wij brengen elke dag het vuilnis naar de container.
Toepassing regel: Brengen wij elke dag het vuilnis naar de container?
Antwoord: De pv is brengen, omdat die vooraan komt te staan.
Oefenzin 2: De leraar schrijft een zin op het bord.
Toepassing regel: Schrijft de leraar een zin op het bord?
Antwoord: Schrijft is de pv, omdat die vooraan komt te staan.
Oefenzin 3: Het boek viel op de grond.
Toepassing regel: Het boek valt op de grond.
Antwoord: Viel is de pv, omdat die van tijd verandert.
Oefenzin 4: Hij kijkt naar de show.
Toepassing regel: Hij keek naar de show.
Antwoord: Kijkt is de pv, omdat die van tijd verandert.
Oefenzin 5: Ik loop heel hard.
Toepassing regel: Wij lopen heel hard.
Antwoord: Lopen is de pv, omdat die verandert en de rest is geen
werkwoord.
Oefenzin 6: De oude oma valt van de trap.
Toepassing regel: De oude oma’s vallen van de trap.
Antwoord: Vallen is de pv, omdat die verandert en oude oma’s ook maar
dat is geen werkwoord.