Management en Organisatie.
Hoofdstuk 1.
Belangrijke personen en denkrichtingen
Stam: Plato – 400 voor christus machiavelli – 1500 adam smith 1776
Midden: Hammel 1900 Mintzberg 1979 Porter 1980 Peters 1982 Crosby 1985
Buiten: scientific management Taylor 1900
General management theory Fayol 1900
Bureaucratie Weber 1940
Human Relations Mayo 1945
Revionisme Bennis, Likert, Maslow etc 1960
Systeem benadering Boulding 1955
Contingentiebenadering Lawrence&Lorsch 1965
Taylor scientific management 1900
1. Wetenschappelijke analyse van de werkzaamheden
2. Een taakverdeling en training van de arbeiders
3. Vriendschappelijke samenwerking tussen leiding en arbeiders
4. Bedrijfsleiders zijn verantwoordelijk voor bijvoorbeeld: zoeken van werkmethoden en
scheppen van productievoorwaarden
5. Juiste man op de juiste plaats d.m.v. selectie
6. Invoeren van prestatiebeloning doel: lagere productiekosten
Achtbazenstelsel – acht functies door aparte functionaris
1. Kosten en tijd
2. Werkinstructies
3. Bewerkingen en hun volgorde
4. Werkvoorbereiding en uitgifte
5. Onderhoud
6. Kwaliteitscontrole
7. Technische leiding
8. Personeelsbeheer
Fayol general management 1900
Bedoeld als onderwijsmodel
6 onafhankelijke management gebieden:
1. Technisch
2. Commercieel
3. Financieel
4. Zelfbeschermend (veiligheid van mensen en eigendommen)
5. Boekhouding
6. Besturing
= gericht op hele organisatie. Legt verband tussen management gebieden en taken.
De functies van de managers bestaat uit 5 taken
1. Plannen of vooruitzien
2. Organiseren
3. Bevel voeren
Hoofdstuk 1.
Belangrijke personen en denkrichtingen
Stam: Plato – 400 voor christus machiavelli – 1500 adam smith 1776
Midden: Hammel 1900 Mintzberg 1979 Porter 1980 Peters 1982 Crosby 1985
Buiten: scientific management Taylor 1900
General management theory Fayol 1900
Bureaucratie Weber 1940
Human Relations Mayo 1945
Revionisme Bennis, Likert, Maslow etc 1960
Systeem benadering Boulding 1955
Contingentiebenadering Lawrence&Lorsch 1965
Taylor scientific management 1900
1. Wetenschappelijke analyse van de werkzaamheden
2. Een taakverdeling en training van de arbeiders
3. Vriendschappelijke samenwerking tussen leiding en arbeiders
4. Bedrijfsleiders zijn verantwoordelijk voor bijvoorbeeld: zoeken van werkmethoden en
scheppen van productievoorwaarden
5. Juiste man op de juiste plaats d.m.v. selectie
6. Invoeren van prestatiebeloning doel: lagere productiekosten
Achtbazenstelsel – acht functies door aparte functionaris
1. Kosten en tijd
2. Werkinstructies
3. Bewerkingen en hun volgorde
4. Werkvoorbereiding en uitgifte
5. Onderhoud
6. Kwaliteitscontrole
7. Technische leiding
8. Personeelsbeheer
Fayol general management 1900
Bedoeld als onderwijsmodel
6 onafhankelijke management gebieden:
1. Technisch
2. Commercieel
3. Financieel
4. Zelfbeschermend (veiligheid van mensen en eigendommen)
5. Boekhouding
6. Besturing
= gericht op hele organisatie. Legt verband tussen management gebieden en taken.
De functies van de managers bestaat uit 5 taken
1. Plannen of vooruitzien
2. Organiseren
3. Bevel voeren