Hoofdstuk 5. Inleiding privaatrecht
5.1. Wat is privaatrecht?
5.1.1. Verschil tussen publiekrecht en privaatrecht
Publiekrecht = Het recht dat geldt tussen de overheid en de burger > staatrecht, bestuursrecht
en strafrecht.
Privaatrecht = Het recht dat geldt tussen natuurlijke personen en rechtspersonen.
Rechtspersoonlijkheid = Als men door middel van een juridische constructie aan het
rechtsverkeerd deelneemt > hiermee kunnen privaatrechtelijke handelingen worden verricht.
Privaatrecht of publiekrecht: treedt de overheid op als burger/ bedrijf (privaatrechtelijk) of als
overheidsinstelling (publiekrechtelijk)?
5.1.2. Onderverdeling in personenrecht en vermogensrecht
Privaatrecht
Personenrecht Vermogensrecht
Personen- en Rechtspersonen-
familierecht recht Goederenrecht Verbintenissenrecht
Personenrecht = Gericht op de persoon > natuurlijke persoon en rechtspersoon.
Vermogensrecht = Vermogen van de natuurlijke persoon en rechtspersoon > op geld
waardeerbare rechten en plichten.
Goederenrecht = Relatie persoon en goed.
Verbintenissenrecht = Rechtsverhouding tussen personen.
5.1.3. Beginselen en uitganspunten van het privaatrecht
Belangrijkste beginselen van het privaatrecht:
Contractsvrijheid: overeenkomst aan gaan, kiezen met welke wederpartij te handelen en
wat de inhoud is van de overeenkomst.
Vormvrijheid: totstandkoming van overeenkomst.
Pacta sunt servanda: overeenkomsten moeten worden nagekomen.
5.1.4. Feiten en handelingen
Feiten zonder rechtsgevolg: geen juridische consequentie gekoppeld.
Feiten met rechtsgevolg (rechtsfeiten): wel rechtsgevolg:
Blote rechtsfeiten: niet echt sprake van een handeling.
Menselijke handelingen: er ligt een menselijke handeling een ten grondslag:
o Rechtshandelingen: menselijke handelingen met een beoogd rechtsgevolg:
Eenzijdig: maar één handelende persoon.
Meerzijdig: meerdere personen nodig.
o Feitelijke handelingen: gevolgen van het menselijk handelen zijn niet beoogd:
Onrechtmatige daad: een daad die volgens de wet onrechtmatig is.
Rechtmatige daad: daad is niet in strijd met de wet.
Wanprestatie: toerekenbare tekortkoming in de nakoming > één partij hield zich
niet aan de overeenkomst.
1