Basale gecijferdheid
Leraar Basisonderwijs (PABO) Mijn Startpunt
oefentoets 3
1
,Basale gecijferdheid
Leraar Basisonderwijs (PABO) Mijn Startpunt
Opgave 1. Hoofdrekenen: handig rekenen.
Los de volgende sommen op door handig te rekenen.
Je mag niet cijferen. Laat duidelijk zien hoe je ze uitrekent.
a. 2350 – 198,85 =
b. 6202,35 + 297,65 =
c. 34051 : 1,7 =
d. 25 x 198 =
Voor elk goed berekend antwoord een heel punt.
Opgave 2. Schattend rekenen.
Los op door te rekenen met mooie, ronde getallen.
a. Een stukje uit de krant.
Nederlanders eten zo’n 32 miljoen kilo drop per jaar! Maar dat is ongeveer 7 gram
per persoon per dag, volgens de krant. (Zie kader.) Kan dat ongeveer kloppen?
Laat duidelijk zien hoe je rekent.
b. Michael rekent op zijn rekenmachine correct uit: 204,05 x 0,24 + 6 =
Hij neemt de uitkomst van zijn schermpje over maar vergeet de komma.
Hij schrijft op 54972.
Waar moet de komma geplaatst worden?
Licht duidelijk toe.
Voor elk goed berekend antwoord twee punten
Opgave 3. Verhoudingen.
a. Drie mensen verdelen een bedrag volgens de verhouding 2 : 3 : 4 . De persoon die het
meest krijgt, heeft na de verdeling € 60.000 gekregen.
Hoe groot was het oorspronkelijke bedrag dat de drie mensen verdeelden?
b. Als de accu van mijn laptop nog voor 10% geladen is, waarschuwt hij automatisch dat ik
moet overstappen op netstroom.
Ik begin met werken en mijn accu geeft het volgende aan:
“Nog 32%, genoeg voor 40 minuten”
Ik wil verder werken op de accu van mijn laptop. Hoeveel minuten kan ik nog werken
voordat het bericht komt dat ik over moet stappen op netstroom?
Laat duidelijk zien hoe je rekent.
Voor elk goed berekend antwoord twee punten.
Opgave 4. Rekenvaria.
a. Ik heb twee getallen. Als ik ze met elkaar vermenigvuldig, krijg ik 208.
Als ik ze bij elkaar optel, is de uitkomst 34.
Welke twee getallen zijn het?
b. Lieke telt regelmatig de cijfers van de tijd van haar digitale klok bij elkaar. Als zij om
15:30 op haar klok kijkt, is de uitkomst 1 + 5 + 3 + 0 = 9.
Hoe laat moet Lieke op haar klok kijken, om de uitkomst zo groot mogelijk te laten zijn?
Voor elk goed berekend antwoord twee punten.
2
, Basale gecijferdheid
Leraar Basisonderwijs (PABO) Mijn Startpunt
Opgave 5. Meten.
a. Vul de juiste maat in: (toelichten is niet nodig)
de hoogte van dit lokaal is ongeveer 35 …
de inhoud van een blikje cola is ongeveer 3 …
het gewicht van een brood is ongeveer 0,8 …
de oppervlakte van een leerlingentafeltje is ongeveer 35 ..
de inhoud van een emmer is ongeveer 12000 …
b. Hiernaast zie je een plattegrond van een tuin.
De lengten zijn in meters.
Hoeveel vierkante meter is de oppervlakte van deze tuin?
Laat duidelijk zien hoe je het oplost.
Opgave 6. Breuken en kommagetallen.
Maak de opgaven op een inzichtelijke manier.
Licht je antwoord duidelijk toe.
a. Het lijnstuk tussen de twee breuken is in twee gelijke stukken verdeeld.
Welke breuk hoort bij de pijl te staan? Vereenvoudig de breuk zo veel als mogelijk.
Licht je antwoord toe.
b. b. In een wijnglas gaat 1 liter.
8
Hoeveel glazen kan ik vullen met twee flessen wijn van
Licht je antwoord toe.
Voor elk goed berekend antwoord twee punten.
Opgave 7. Ordenen, vergelijken en afronden.
Licht je antwoord duidelijk toe.
a. Zet in volgorde van klein naar groot.
768 duizend
0,08 miljard
751.389
0,72 miljoen
b. Hang de volgende getallen op de goede plaats aan de getallenlijn.
3
Leraar Basisonderwijs (PABO) Mijn Startpunt
oefentoets 3
1
,Basale gecijferdheid
Leraar Basisonderwijs (PABO) Mijn Startpunt
Opgave 1. Hoofdrekenen: handig rekenen.
Los de volgende sommen op door handig te rekenen.
Je mag niet cijferen. Laat duidelijk zien hoe je ze uitrekent.
a. 2350 – 198,85 =
b. 6202,35 + 297,65 =
c. 34051 : 1,7 =
d. 25 x 198 =
Voor elk goed berekend antwoord een heel punt.
Opgave 2. Schattend rekenen.
Los op door te rekenen met mooie, ronde getallen.
a. Een stukje uit de krant.
Nederlanders eten zo’n 32 miljoen kilo drop per jaar! Maar dat is ongeveer 7 gram
per persoon per dag, volgens de krant. (Zie kader.) Kan dat ongeveer kloppen?
Laat duidelijk zien hoe je rekent.
b. Michael rekent op zijn rekenmachine correct uit: 204,05 x 0,24 + 6 =
Hij neemt de uitkomst van zijn schermpje over maar vergeet de komma.
Hij schrijft op 54972.
Waar moet de komma geplaatst worden?
Licht duidelijk toe.
Voor elk goed berekend antwoord twee punten
Opgave 3. Verhoudingen.
a. Drie mensen verdelen een bedrag volgens de verhouding 2 : 3 : 4 . De persoon die het
meest krijgt, heeft na de verdeling € 60.000 gekregen.
Hoe groot was het oorspronkelijke bedrag dat de drie mensen verdeelden?
b. Als de accu van mijn laptop nog voor 10% geladen is, waarschuwt hij automatisch dat ik
moet overstappen op netstroom.
Ik begin met werken en mijn accu geeft het volgende aan:
“Nog 32%, genoeg voor 40 minuten”
Ik wil verder werken op de accu van mijn laptop. Hoeveel minuten kan ik nog werken
voordat het bericht komt dat ik over moet stappen op netstroom?
Laat duidelijk zien hoe je rekent.
Voor elk goed berekend antwoord twee punten.
Opgave 4. Rekenvaria.
a. Ik heb twee getallen. Als ik ze met elkaar vermenigvuldig, krijg ik 208.
Als ik ze bij elkaar optel, is de uitkomst 34.
Welke twee getallen zijn het?
b. Lieke telt regelmatig de cijfers van de tijd van haar digitale klok bij elkaar. Als zij om
15:30 op haar klok kijkt, is de uitkomst 1 + 5 + 3 + 0 = 9.
Hoe laat moet Lieke op haar klok kijken, om de uitkomst zo groot mogelijk te laten zijn?
Voor elk goed berekend antwoord twee punten.
2
, Basale gecijferdheid
Leraar Basisonderwijs (PABO) Mijn Startpunt
Opgave 5. Meten.
a. Vul de juiste maat in: (toelichten is niet nodig)
de hoogte van dit lokaal is ongeveer 35 …
de inhoud van een blikje cola is ongeveer 3 …
het gewicht van een brood is ongeveer 0,8 …
de oppervlakte van een leerlingentafeltje is ongeveer 35 ..
de inhoud van een emmer is ongeveer 12000 …
b. Hiernaast zie je een plattegrond van een tuin.
De lengten zijn in meters.
Hoeveel vierkante meter is de oppervlakte van deze tuin?
Laat duidelijk zien hoe je het oplost.
Opgave 6. Breuken en kommagetallen.
Maak de opgaven op een inzichtelijke manier.
Licht je antwoord duidelijk toe.
a. Het lijnstuk tussen de twee breuken is in twee gelijke stukken verdeeld.
Welke breuk hoort bij de pijl te staan? Vereenvoudig de breuk zo veel als mogelijk.
Licht je antwoord toe.
b. b. In een wijnglas gaat 1 liter.
8
Hoeveel glazen kan ik vullen met twee flessen wijn van
Licht je antwoord toe.
Voor elk goed berekend antwoord twee punten.
Opgave 7. Ordenen, vergelijken en afronden.
Licht je antwoord duidelijk toe.
a. Zet in volgorde van klein naar groot.
768 duizend
0,08 miljard
751.389
0,72 miljoen
b. Hang de volgende getallen op de goede plaats aan de getallenlijn.
3