Imperfecte informatie: de beide partijen weten niet de beslissing van de ander
Iets is een prisonersdilemma als het voor rationeel handelende partijen een niet-optimale
uitkomst oplevert. Er was dus een beter resultaat mogelijk als ze zouden samenwerken,
maar dat kan dus niet.
Dominante strategie: de beste keuze voor een partij. De keuze van de andere partij heeft
hier geen invloed op.
Een Nash-evenwicht is de situatie als beide partijen voor de dominante strategie kiezen.
Pareto-optimum is als het maximaal haalbaar resultaat is behaald
Dit is een prisonersdilemma, want als beide partijen de dominante strategie volgen, wordt er
niet het maximaal haalbare resultaat behaald.
Het Nash-evenwicht is ander aangeven/ander aangeven.
Pareto-optimum is zwijgen/zwijgen
,7.2 Langetermijnrelaties
Het gevangenendilemma is een non-coöperatief spel, omdat er geen mogelijkheid tot
samenwerken is.
Bij coöperatief wordt er wel samengewerkt
Deze coöperatie kan op verschillende manieren ontstaan. Hierbij spelen deze factoren:
Zelfbinding: Hierbij wordt een strategie gekozen, waarbij er rekening met de ander wordt
gehouden. Een snackbar bijvoorbeeld zal niet snel met prijsveranderingen komen, omdat er
dan een prijzenoorlog kan ontstaan.
Reputatie: Hoe mensen ergens over denken kan bepalen of er word samengewerkt. Een
belegger met de reputatie dat hij zijn spaarders af en toe oplicht, zal minder snel gekozen
worden.
Sociale normen: De sociale normen bepalen hoeveel je in de samenwerking op papier zet. In
Amerika is dat veel meer dan in Nederland, omdat ze daar kijken naar wat er op papier staat
en in Nederland houden ze ook rekening met de bedoeling van de contractpartners.
Voorbeeld: Als er een auto is verkocht met een contract waarin er niet in staat dat er een
radio in zit, zal de Amerikaan zeggen dat dat niet in het contract stond en dat hij dat niet
erbij hoeft te leveren. In Nederland wordt er dan naar het contract gekeken maar ook naar
wat de verkoper mocht verwachten wanneer hij die auto kocht.
Een simultane beslissing is een beslissing die tegelijktijdig genomen word, zoals bij het
gevangenendilemma
Een sequentiële beslissing is een beslissing die na elkaar word gemaakt, zoals bij een
schaakspel.
Voorbeeld: de samenwerking tussen een spaarder en belegger
Als er tussen hen sprake is van een langetermijnrelatie, beïnvloedt het gedrag van de
spaarder en de belegger elkaars beslissingen (zelfbinding). De spaarder vertrouwt de
belegger dat hij zijn beloftes nakomt en de beloofde uitkeringen doet, als de belegger dit
doet en zijn beloftes nakomt bouwt de belegger een reputatie op.
De spaarder vertrouwt de belegger het geld, want de spaarder geeft aan dat zolang hij zijn
belofte nakomt, hij zijn geld bij hem belegd. De belegger weet dit en als hij niet meer
uitkeert dan is de spaarder weg. Dit is de geloofwaardige dreiging. Hiermee kan het
wenselijke gedrag worden uitgelokt van de ander
7.3 doorlezen
, 7.4 Wanneer is overheidsregulering noodzakelijk?
Pagina 28 en 29 doorlezen
Voor bepaalde voorzieningen waar iedereen in een bepaald gebied profijt van heeft, zijn er
soms mensen die daarvoor niet willen bijdragen, maar wel willen meeprofiteren. Deze
mensen worden freeriders genoemd.
Bijvoorbeeld: vakbonden onderhandelen namens hun leden met werkgevers voor
arbeidsvoorwaarden. Als deze worden aangenomen of een deel gelden ze voor iedereen in
een bepaalde sector. Niet-leden zijn hierbij de freeriders. Ze liften gratis mee met de
betalende vakbondsleden.
Doordat de dominante strategie niet betalen is, is dat voor het collectief niet goed. Daardoor
zorgt de overheid ervoor dat iedereen gedwongen word om te betalen (collectieve dwang).
Dit doen ze via belastingheffing, hiermee betalen ze waterschappen, politie, het leger, enz.
Door freeriders kan er een negatief extern effect ontstaan. De freeriders willen niet betalen,
waardoor anderen meer zullen moeten bijdragen (de hogere bijdrage is het negatieve
externe effect).
Negatieve externe effecten kunnen worden bestreden door het erkennen van wetten
(wettelijk dingen vastleggen) en het opleggen van heffingen.
Door negatieve externe effecten geeft de prijs van een product geen beeld van de totale
kosten die zijn gemaakt, dit is een marktfalen. Om het te analyseren maak je onderscheid
tussen 2 kosten. Private kosten zijn de kosten voor de onderneming en bij maatschappelijke
kosten is er ook rekening gehouden met de negatieve externe effecten
De prijs van het product is alleen, gebaseerd op de bedrijfskosten, terwijl er geen rekening is
gehouden met de maatschappelijke kosten.
Lezen pagina 31 Het Coasetheorema