onderwijskunde
Dit proeftentamen bestaat uit 57 meerkeuzevragen.
Op de laatste pagina staan de antwoorden.
Bachelor Onderwijskunde
Jaar 1, 2016-2017
Universiteit Utrecht
, Week 1 – Referentiekader onderwijskunde
Vraag 1
Wat zijn de hoofdsubjecten van de studie onderwijskunde?
a) instructieverantwoordelijke en lerende
b) actoren en beleidsmakers
c) leren en instructie
d) formele en informele contexten
Vraag 2
Wat is een voorbeeld van contextfactor op macroniveau in het referentiekader?
a) het organiseren van de landelijke eindexamens voor het vwo
b) de Nederlandse regelgeving met betrekking tot het onderwijs
c) het beleid dat door de minister van onderwijs wordt vastgesteld
d) de immigratiestroom van vluchtelingen
Vraag 3
Aniek gaat naar een cursusmiddag waarin ze leert om te plannen voor haar studieweek, en haar eigen
leerproces onderzoekt. Op welk type leeractiviteiten heeft deze middag betrekking?
a) cognitieve leeractiviteiten
b) affectieve leeractiviteiten
c) metacognitieve leeractiviteiten
Vraag 4
Het kerndoelenboekje is een voorbeeld van
a) een aspect van het didactisch handelen op macroniveau
b) een kenmerk van de instructieverantwoordelijke op microniveau
c) een aspect van instructieactiviteiten op microniveau
d) een aspect van begeleiding van de instructieverantwoordelijke op macroniveau
Vraag 5
Lees het krantenartikel. Welke stelling is waar? Risicoleerlingen profiteren extra van goede relatie
a) Storend gedrag verwijst naar kenmerken met leerkracht.
van lerenden op het microniveau.
b) Leerkracht-leerling relatie is onderdeel het Risicoleerlingen, zoals leerlingen met leerproblemen
profiteren meer dan andere kinderen van een goede
aspect toetsing uit de instructieactiviteiten
relatie met hun docent. Leerkrachten blijken echter
op microniveau. minder vriendelijk en ondersteunend te zijn voor
c) Risicoleerlingen zijn actoren op het storende kinderen, terwijl deze kinderen zelf niet minder
mesoniveau. vriendelijk zijn voor de leerkracht. Daarnaast stellen
d) Docenten zijn instructieverantwoordelijken leerkrachten zich dominanter op bij teruggetrokken
op het mesoniveau. kinderen, waardoor deze kinderen steeds passiever
worden. Dit concludeert NWO-onderzoeker Debora
Roorda.