TIJD VAN DE ONTDEKKERS EN HERVORMERS
5.1 EUROPESE EXPANSIE
west-europeanen hebben een beperkt wereldbeeld: voorstelling van hoe de wereld er
uitziet.
- ze hadden alleen een goed beeld van europa, noord-afrika en de arabische wereld.
europese overzeese expansie vanaf de 15e eeuw:
- alle routes vertrekken vanuit portugal en spanje
redenen voor de europese expansie:
economisch:
- europeanen wilden zelf de islamitische handel gaan halen
➢ specerijen, zijde, goud en zilver
er was probleem: de islamitische heersers lieten de christelijk-europese handelaren niet
door. Tenminste over land niet → daarom gingen ze over zee
(portugal en spanje liggen dichtbij afrika)
politiek:
- veroveren van een groot rijk
cultureel:
- verspreiding christendom
- nieuwsgierigheid en zucht naar avontuur → ze waren nieuwsgierig naar buiten
europa
spaanse conquistadores (veroveraars) koloniseren de rijken van de azteken en de inca’s
gevolgen:
- indianen sterven door europese ziektes (mazelen)
- indianene werden gekerstend
- indianenen worden gedwongen tot arbeid
→ protest tegen slechte behandelingen indianen (nieuwe spaanse wetten → indianen
gelijk gesteld worden aan ‘normale burger’ (gevolg vanaf 1542)) → Transatlantische
slavenhandel: slavenhandel over de atlantische oceaan.
- import van de afrikaanse slaven vormt het begin van de driehoekshandel
5.2 RENAISSANCE EN HUMANISME
,noord-italiaanse stadstaten maakten zich los van de duitse keizer en de paus
- groeiende handel met midden-oosten en rijke vlaamse handelssteden
nieuw mensbeeld voor bovenlaag van rijke handelaren:
hoe de mens dacht:
middeleeuwen:
- memento mori: denk eraan dat je op een dag dood zal gaan
- belangrijkste leven = na de dood (hemel of hel)
- leef zoals regels van de kerk
renaissance:
- carpe diem: geniet van het leven (pluk de dag)
- het leven op aarde is ook belangrijk
er kwam een nieuwe belangstelling voor het klassieke (alles wat over is gebleven uit de
grieken en romeinen) erfgoed → renaissance (cultuur werd wedergeboren)
- architectuur en kunst op basis van klassieke vormentaal
humanisme: mensen met middel van grieken en romeinen de wereld beter begrijpen
- op zoek naar zo oud mogelijke teksten
- gingen oude teksten en de teksten van het heden vergelijken (woord voor woord)
2 kenmerken van humanisme:
- kritische denkhouding
- leven als universele mens (nieuwsgierig (je moest van alles wat weten))
→ nieuwe wetenschappelijke belangstelling
- proberen de wereld te verklaren op een rationele manier
5.3 DE KERKHERVORMING
, toenemende kritiek op de geestelijkheid:
- streven naar wereldlijke macht door de paus (paus wereldlijke en geestelijke
macht)
- paus was vooral bezig met luxe leven, corruptie en rijkdom van de hoge
geestelijkheid
- slechte opleiding van de parochiepriesters (wisten soms niet eens wat
belangrijkste was in het geloof)
mensen die afweken van de katholieke leer werden vervolgd door de inquisitie:
kerkelijke rechtbank die eerst niet katholieken (ketters) opspoort en veroordeeld
§vanaf 15e eeuw: kritiek op de geestelijke kon snel worden verspreid via de nieuw
uitgevonden drukpers
gevolg → begin van de kerk hervorming of reformatie: Protestbeweging tegen
misstanden en manieren van geloven in de katholieke kerk
wat vond katholieke kerk belangrijkste manier van geloven:
- kerk bepaald geloofsregels
- geestelijkheid is nodig voor contact tussen god en gelovigen (humanisten niet
mee eens)
belangrijkste humanist → Erasmus (1469?- 1536)
- hij ging oude bijbel en nieuwe bijbel vergelijken → stond vol met fouten
→ luther (1483-1546)
→ calvijn (1509-1564)
alle 3 diep gelovig + veel kritiek op de kerk
- kerk s niet bezig met het geloof, maar met bijgeloof, rijkdom en macht
- bijbel is de basis van het geloof (was woord van god)
- geestelijkheid is niet nodig
→ kerk moet hervormd worden, toen kwam er breuk binnen de katholieke kerk (Erasmus
bleef katholieke kerk nog trouw) toen kreeg je strijd tussen katholiek en protestant
standpunten katholiek:
- paus is de leider van de kerk
- alle ambten is de organisatie van de kerk worden vervuld door geestelijken
- geestelijken mogen niet trouwen
- in de kerkdienst staat de eucharistieviering centraal
- geestelijken en heiligen zijn nodig als bemiddelaars tussen de gewone mens en
god
standpunten protestant:
- er is geen aparte leider van alle protestantse groeperingen te samen
- alle taken in de kerk worden door leken vervuld, behalve het ambt van predikant
- predikanten mogen trouwen
- in de kerkdienst staat de preek van de predikant over een bijbeltekst centraal
- geestelijken en heiligen zijn niet nodig, iedereen kan zelf zijn weg naar god
vinden.
→ tussen luther en calvijn kwamen ook verschillen:
5.1 EUROPESE EXPANSIE
west-europeanen hebben een beperkt wereldbeeld: voorstelling van hoe de wereld er
uitziet.
- ze hadden alleen een goed beeld van europa, noord-afrika en de arabische wereld.
europese overzeese expansie vanaf de 15e eeuw:
- alle routes vertrekken vanuit portugal en spanje
redenen voor de europese expansie:
economisch:
- europeanen wilden zelf de islamitische handel gaan halen
➢ specerijen, zijde, goud en zilver
er was probleem: de islamitische heersers lieten de christelijk-europese handelaren niet
door. Tenminste over land niet → daarom gingen ze over zee
(portugal en spanje liggen dichtbij afrika)
politiek:
- veroveren van een groot rijk
cultureel:
- verspreiding christendom
- nieuwsgierigheid en zucht naar avontuur → ze waren nieuwsgierig naar buiten
europa
spaanse conquistadores (veroveraars) koloniseren de rijken van de azteken en de inca’s
gevolgen:
- indianen sterven door europese ziektes (mazelen)
- indianene werden gekerstend
- indianenen worden gedwongen tot arbeid
→ protest tegen slechte behandelingen indianen (nieuwe spaanse wetten → indianen
gelijk gesteld worden aan ‘normale burger’ (gevolg vanaf 1542)) → Transatlantische
slavenhandel: slavenhandel over de atlantische oceaan.
- import van de afrikaanse slaven vormt het begin van de driehoekshandel
5.2 RENAISSANCE EN HUMANISME
,noord-italiaanse stadstaten maakten zich los van de duitse keizer en de paus
- groeiende handel met midden-oosten en rijke vlaamse handelssteden
nieuw mensbeeld voor bovenlaag van rijke handelaren:
hoe de mens dacht:
middeleeuwen:
- memento mori: denk eraan dat je op een dag dood zal gaan
- belangrijkste leven = na de dood (hemel of hel)
- leef zoals regels van de kerk
renaissance:
- carpe diem: geniet van het leven (pluk de dag)
- het leven op aarde is ook belangrijk
er kwam een nieuwe belangstelling voor het klassieke (alles wat over is gebleven uit de
grieken en romeinen) erfgoed → renaissance (cultuur werd wedergeboren)
- architectuur en kunst op basis van klassieke vormentaal
humanisme: mensen met middel van grieken en romeinen de wereld beter begrijpen
- op zoek naar zo oud mogelijke teksten
- gingen oude teksten en de teksten van het heden vergelijken (woord voor woord)
2 kenmerken van humanisme:
- kritische denkhouding
- leven als universele mens (nieuwsgierig (je moest van alles wat weten))
→ nieuwe wetenschappelijke belangstelling
- proberen de wereld te verklaren op een rationele manier
5.3 DE KERKHERVORMING
, toenemende kritiek op de geestelijkheid:
- streven naar wereldlijke macht door de paus (paus wereldlijke en geestelijke
macht)
- paus was vooral bezig met luxe leven, corruptie en rijkdom van de hoge
geestelijkheid
- slechte opleiding van de parochiepriesters (wisten soms niet eens wat
belangrijkste was in het geloof)
mensen die afweken van de katholieke leer werden vervolgd door de inquisitie:
kerkelijke rechtbank die eerst niet katholieken (ketters) opspoort en veroordeeld
§vanaf 15e eeuw: kritiek op de geestelijke kon snel worden verspreid via de nieuw
uitgevonden drukpers
gevolg → begin van de kerk hervorming of reformatie: Protestbeweging tegen
misstanden en manieren van geloven in de katholieke kerk
wat vond katholieke kerk belangrijkste manier van geloven:
- kerk bepaald geloofsregels
- geestelijkheid is nodig voor contact tussen god en gelovigen (humanisten niet
mee eens)
belangrijkste humanist → Erasmus (1469?- 1536)
- hij ging oude bijbel en nieuwe bijbel vergelijken → stond vol met fouten
→ luther (1483-1546)
→ calvijn (1509-1564)
alle 3 diep gelovig + veel kritiek op de kerk
- kerk s niet bezig met het geloof, maar met bijgeloof, rijkdom en macht
- bijbel is de basis van het geloof (was woord van god)
- geestelijkheid is niet nodig
→ kerk moet hervormd worden, toen kwam er breuk binnen de katholieke kerk (Erasmus
bleef katholieke kerk nog trouw) toen kreeg je strijd tussen katholiek en protestant
standpunten katholiek:
- paus is de leider van de kerk
- alle ambten is de organisatie van de kerk worden vervuld door geestelijken
- geestelijken mogen niet trouwen
- in de kerkdienst staat de eucharistieviering centraal
- geestelijken en heiligen zijn nodig als bemiddelaars tussen de gewone mens en
god
standpunten protestant:
- er is geen aparte leider van alle protestantse groeperingen te samen
- alle taken in de kerk worden door leken vervuld, behalve het ambt van predikant
- predikanten mogen trouwen
- in de kerkdienst staat de preek van de predikant over een bijbeltekst centraal
- geestelijken en heiligen zijn niet nodig, iedereen kan zelf zijn weg naar god
vinden.
→ tussen luther en calvijn kwamen ook verschillen: