Burgerlijk recht – Zwaartepunten van het vermogensrecht H18 nrs. 523-
526
Bevrijdende verjaring:
Indien een schuldenaar zijn verbintenis niet nakomt, kan schuldeiser nakoming eisen
Maar: rechtsvordering blijft niet eeuwig bestaan
Uiteindelijk kan schuldeiser vordering niet meer afdwingen
Ook wel extinctieve verjaring
Let op: niet de gehele verbintenis gaat teniet, slechts de rechtsvordering!
o Niet-afdwingbare verbintenis blijft in stand
Ook wel natuurlijke verbintenis
o Als schuldenaar alsnog betaalt is dit dus geen onverschuldige betaling, maar eentje
met rechtsgrond
Verjaringstermijn:
Art. 3:306: rechtsvordering verloopt na 20 jaar voor zover de wet niet anders bepaalt
Termijn van 5 jaar voor:
o Overeenkomst tot een geven of doen
o Tot het doen van periodieke betalingen
o Uit onverschuldige betaling
o Tot vergoeding van schade of betaling van een bedongen boete
Termijnen kunnen worden gestuit of verlengd
o Stuiten breekt lopende verjaring af
o Verlenging verjaringstermijn loopt langer door
Geen ambtshalve toepassing door de rechter!
o Rechter mag het middel van bevrijdende verjaring niet ambtshalve toepassen
o Als gedaagde geen beroep doet op verjaring van de tegen hem ingestelde
rechtsvordering, moet de rechter de eis toewijzen ookal is er verjaard
Vervaltermijnen:
Het subjectieve recht gaat teniet (verbintenis gaat teniet)
o Betaling na afloop vervaltermijn is dus onverschuldigd!
Van rechtswege i.p.v. uitdrukkelijk beroep nodig (ambtshalve toepassing)
Niet stuiten of verlengen
526
Bevrijdende verjaring:
Indien een schuldenaar zijn verbintenis niet nakomt, kan schuldeiser nakoming eisen
Maar: rechtsvordering blijft niet eeuwig bestaan
Uiteindelijk kan schuldeiser vordering niet meer afdwingen
Ook wel extinctieve verjaring
Let op: niet de gehele verbintenis gaat teniet, slechts de rechtsvordering!
o Niet-afdwingbare verbintenis blijft in stand
Ook wel natuurlijke verbintenis
o Als schuldenaar alsnog betaalt is dit dus geen onverschuldige betaling, maar eentje
met rechtsgrond
Verjaringstermijn:
Art. 3:306: rechtsvordering verloopt na 20 jaar voor zover de wet niet anders bepaalt
Termijn van 5 jaar voor:
o Overeenkomst tot een geven of doen
o Tot het doen van periodieke betalingen
o Uit onverschuldige betaling
o Tot vergoeding van schade of betaling van een bedongen boete
Termijnen kunnen worden gestuit of verlengd
o Stuiten breekt lopende verjaring af
o Verlenging verjaringstermijn loopt langer door
Geen ambtshalve toepassing door de rechter!
o Rechter mag het middel van bevrijdende verjaring niet ambtshalve toepassen
o Als gedaagde geen beroep doet op verjaring van de tegen hem ingestelde
rechtsvordering, moet de rechter de eis toewijzen ookal is er verjaard
Vervaltermijnen:
Het subjectieve recht gaat teniet (verbintenis gaat teniet)
o Betaling na afloop vervaltermijn is dus onverschuldigd!
Van rechtswege i.p.v. uitdrukkelijk beroep nodig (ambtshalve toepassing)
Niet stuiten of verlengen