Ruben G. Fukkink and Jo M.A. Hermanns
SCO-Kohnstamm Instituut, University of Amsterdam, The Netherlands, 2008
The Journal of Child Psychology and Psychiatry 50:6, pp 759-766 (ongeveer de helft van de tekst)
Hulplijnen voor kinderen in verschillende delen van de wereld steunen kinderen door naar hen te
luisteren en door oplossingen voor hun problemen aan te bieden.
Geschat wordt dat deze hulplijnen elk jaar een totaal van ongeveer 9 miljoen gesprekken
wereldwijd behandelen (Child Helpline International 2006).
Er zijn nauwelijks op ervaring gebaseerde gegevens over de effecten van bijstand en steun die
via de telefoon gegeven wordt, hoewel deze diensten een relatief lange periode zijn geleverd in
verschillende landen (Reese, Conoley & Brossart 2006; Rosenfield 1997).
In de afgelopen jaren hebben de diensten hun hulplijnen uitgebreid met het World Wide Web.
Dertien landen hebben nu op het web gebaseerde chat-diensten voor kinderen, terwijl andere
diensten hulplijnen op internet gebaseerde ondersteuning ontwikkelen (Child Helpline
International, 2006).
Eén van de hulplijnen voor kinderen die voor een online chat-dienst zorgt, naast de traditionele
telefoondienst is de Nederlandse Kindertelefoon.
De Kindertelefoon biedt informatie, advies en steun aan kinderen tussen de 8 en 18 jaar door een
gratis telefoonnummer aan te bieden plus een online chat programma.
In beide situaties, praten kinderen anoniem met een getrainde vrijwilliger in een één-op-één
gesprek.
De hulplijn is opgezet naar een landelijk protocol en internationale richtlijnen, ouderlijke
toestemming voor het ontvangen van deze dienst is niet nodig, wat betekent dat de kinderen hun
problemen vertrouwelijk kunnen bespreken met de hulplijn.
In 2006 hielden de vrijwilligers van de Kindertelefoon 138.000 telefoon gesprekken en 12.000
online chatgesprekken.
Het initiatief van de Kindertelefoon en andere internationale hulplijnen om hun diensten uit te
breiden past in de bredere trend van de invoering van online ondersteuning en begeleiding.
De sector van de sociale diensten heeft het World Wide Web ontdekt: de problemen waarvoor
steun kan worden gevonden op het internet bestrijken nu een breed spectrum dat voorlichting,
preventie, behandeling en nazorg omvat (Rochlen, Zack & Speyer, 2004).