Absolutie vergelijkingen Losstaand van relaties tot elkaar een vergelijking maken tussen
producten op basis van prijs. Niet in termen van duurder dan of
goedkoper dan. Dat is moeilijk voor consumenten en een
combinatie van producten lijkt al snel goedkoop. Er is sprake van
overschatten en onderschatten van behoeftes. Dat kan leiden tot
obesitas (voedsel) of hoge kosten (abonnement).
Absolute voorkeuren Losstaand en zonder samenhang met andere producten een
voorkeur hebben voor een bepaald product. Rationeel gezien, kiest
men voor het beste. In de praktijk wordt er ook gekeken naar
status en aanzien.
Accijns Een indirecte belasting die wordt geheven op producten met als
doel het gebruik van die producten af te remmen. Bijvoorbeeld:
accijns op tabak.
Begrensde rationaliteit Beslissingen moeten nemen op basis van de beperkte
beschikbaarheid van informatie en de beperkte tijd om tot een
besluit te komen.
Mensen handelen niet altijd objectief, maar subjectief. Daardoor
hebben mensen moeite om alle informatie te verwerken en te
ordenen om complexe keuzes te maken.
Bereidheid tot ontvangen en Het verschillend waarderen van een product als je er voor moet
betalen betalen dan wanneer je gecompenseerd wordt voor het verlies van
het product. Men wil vaak meer ontvangen dan betalen, want ze
hebben verliesaversie.
Door marktstrategieën of stimuleringsmaatregel kan de
betalingsbereidheid omhoog gaan voor producten.
Bezitseffect (endowment Mensen zijn meer geneigd om voor een product te kiezen waar ze
effect) gehecht aan zijn. Rationeel gezien zou de keuze niet moeten
afhangen van wat je wel of niet in je handen hebt gehad. Je
waardeert een product ook hoger waar je eigenaar van denkt te
zijn of te zijn geweest. Bedrijven maken daar gebruik van.
Consumentenbond Een vereniging in Nederland die opkomt voor de belangen van
consumenten.
Demerit goederen Goederen waarvan het gebruik wordt afgezwakt door de overheid.
Drogredenen van de gokkers Het overschatten van kansen om te winnen indien je in het
verleden weinig hebt gewonnen. Of het overschatten van kansen
om te winnen wanneer er al veel gewonnen is (in the winning
mood).
Gedragseconomie Een stroming binnen de economie die economische wetenschap
realistischer maakt door er psychologische invloeden in te
verwerken.
Gewoontegedrag Gedrag dat men vertoont uit gewenning en niet als losstaande
beslissing. Bij het doorbreken van gewoontegedrag is zelfbinding
belangrijk, dus doorzettingsvermogen en hulp van buitenaf, zoals
de beschikbaarheid van het goed te beperken.
Gratis Het woord ‘gratis’ maakt een product voor mensen vaak
waardevol, want mensen houden niet van verlies (verliesaversie).
De omzet van bedrijven kan daardoor ook stijgen. Bijv. bij gratis
verzending zullen consumenten eerder wat kopen dan bij betaalde
verzending.
Homo economicus Economisch model van de mens die volledig rationeel is, egoïstisch
handelt, onbelemmerd ingewikkelde afwegingen kan maken en
producten op basis van prijs. Niet in termen van duurder dan of
goedkoper dan. Dat is moeilijk voor consumenten en een
combinatie van producten lijkt al snel goedkoop. Er is sprake van
overschatten en onderschatten van behoeftes. Dat kan leiden tot
obesitas (voedsel) of hoge kosten (abonnement).
Absolute voorkeuren Losstaand en zonder samenhang met andere producten een
voorkeur hebben voor een bepaald product. Rationeel gezien, kiest
men voor het beste. In de praktijk wordt er ook gekeken naar
status en aanzien.
Accijns Een indirecte belasting die wordt geheven op producten met als
doel het gebruik van die producten af te remmen. Bijvoorbeeld:
accijns op tabak.
Begrensde rationaliteit Beslissingen moeten nemen op basis van de beperkte
beschikbaarheid van informatie en de beperkte tijd om tot een
besluit te komen.
Mensen handelen niet altijd objectief, maar subjectief. Daardoor
hebben mensen moeite om alle informatie te verwerken en te
ordenen om complexe keuzes te maken.
Bereidheid tot ontvangen en Het verschillend waarderen van een product als je er voor moet
betalen betalen dan wanneer je gecompenseerd wordt voor het verlies van
het product. Men wil vaak meer ontvangen dan betalen, want ze
hebben verliesaversie.
Door marktstrategieën of stimuleringsmaatregel kan de
betalingsbereidheid omhoog gaan voor producten.
Bezitseffect (endowment Mensen zijn meer geneigd om voor een product te kiezen waar ze
effect) gehecht aan zijn. Rationeel gezien zou de keuze niet moeten
afhangen van wat je wel of niet in je handen hebt gehad. Je
waardeert een product ook hoger waar je eigenaar van denkt te
zijn of te zijn geweest. Bedrijven maken daar gebruik van.
Consumentenbond Een vereniging in Nederland die opkomt voor de belangen van
consumenten.
Demerit goederen Goederen waarvan het gebruik wordt afgezwakt door de overheid.
Drogredenen van de gokkers Het overschatten van kansen om te winnen indien je in het
verleden weinig hebt gewonnen. Of het overschatten van kansen
om te winnen wanneer er al veel gewonnen is (in the winning
mood).
Gedragseconomie Een stroming binnen de economie die economische wetenschap
realistischer maakt door er psychologische invloeden in te
verwerken.
Gewoontegedrag Gedrag dat men vertoont uit gewenning en niet als losstaande
beslissing. Bij het doorbreken van gewoontegedrag is zelfbinding
belangrijk, dus doorzettingsvermogen en hulp van buitenaf, zoals
de beschikbaarheid van het goed te beperken.
Gratis Het woord ‘gratis’ maakt een product voor mensen vaak
waardevol, want mensen houden niet van verlies (verliesaversie).
De omzet van bedrijven kan daardoor ook stijgen. Bijv. bij gratis
verzending zullen consumenten eerder wat kopen dan bij betaalde
verzending.
Homo economicus Economisch model van de mens die volledig rationeel is, egoïstisch
handelt, onbelemmerd ingewikkelde afwegingen kan maken en