Manieren om de organisatie in te delen:
1. Typologie van Starreveld:
Deze delen, voor de markt producerende organisaties, in in 5 categorieën:
- Handelsorganisaties
- Productieorganisatie
- Land- en mijnbouworganisaties
- Dienstenorganisaties
- Financiële dienstverleningsorganisaties
2. Profit- versus non- profitorganisatie:
Een non- profitorganisatie heeft geen winstoogmerk. Het primaire doel van de organisatie
heeft niet te maken met het maken van winst, maar het behalen van een maatschappelijk
doel.
3. Rechtsvormen:
* Natuurlijk persoon: eenmanszaak, VOF en maatschap.
Een persoon in levende lijve, deze bestaat fysiek. Deze persoon is de handelende partij.
- Eenmanszaak:
Voordeel: kan per direct opgericht worden.
Nadeel: de continuiteit: de organisatie is afhankelijk van 1 persoon. Als de organisatie
slecht draait kan ook het privévermogen opgebruikt worden.
- ZZP:
Zelfstandige zonder personeel.
- VOF:
Hierbij zijn 2 of meer eigenaren van een organisatie. Samen hebben ze de
zeggenschap en zijn ze aansprakelijk voor de schulden.
De volgende zaken kunnen worden vastgelegd in een samenwerkingsovk:
* de bevoegdheden;
* de inbreng van elke firmant in geld of natura;
* de winstverdeling;
* de afvloeiingsregeling of de regeling bij overlijden;
* de te ondernemen stappen bij geschillen.
Voordeel: niet afhankelijk van 1 eigenaar, grotere continuïteit.
Nadeel: eigenaren kunnen verschil van mening krijgen of wantrouwig in slechtere
tijden. Zijn volledig aansprakelijk voor de schulden van de organisatie.
* Rechtspersoon: BV en NV.
Dit is een persoon alleen volgens het recht. Deze is niet tastbaar, maar bestaat alleen in de
boeken. Deze wordt gemaakt d.m.v. een notariele akte waarin vermeld staat hoe deze
rechtspersoon heet (bijv. een naam van een vereniging) en welk doel deze rechtspersoon
heeft. De organisatie is aansprakelijk voor de schulden, niet de bestuurder of medewerkers.
- BV:
* Dit wordt vaak gebruikt bij groeiende eenmanszaken of VOF’s om privévermogen te
beschermen. Eigenaar wordt DGA.
* Heeft aandelen op naam staan.
Voordeel: eigenaar is niet meer aansprakelijk met privévermogen maar alleen
voor de hoogte van het ingebrachte bedrag voor zijn aandeel.
Valt niet onder de wet inkomstenbelasting.