Basisstof 1
Gedrag is opgebouwd uit opeenvolgende handelingen (of gedragselementen). Bij de meeste
handelingen reageert een mens of dier op prikkels(= invloeden uit het milieu op een
organisme). De reactie van een dier op prikkels wordt de respons genoemd.
Basisstof 2
Handelingen met een gemeenschappelijk doel vormen samen een gedragssysteem. Als het
effect van de ene handeling leidt tot een volgende handeling spreken we van een
gedragsketen.
Ethogram = een objectieve beschrijving van de verschillende type handelingen die bij een
diersoort voor kunnen komen.
De gegevens van een ethogram geef je weer in een protocol(= lijst van de achtereenvolgens
waargenomen handelingen van een dier).
Basisstof 3
De factoren die een rol spelen bij het bepalen van wat een dier of mens op een bepaald
moment uitvoert zijn: erfelijk gedrag (aangeboren), aangeleerd gedrag (ervaringen), de
anatomie (bouw) en de fysiologie (behoeften).
Prikkels kunnen zowel afkomstig zijn uit het lichaam als uit de omgeving. Het interne milieu
van een dier streeft naar normwaarden voor allerlei omstandigheden zoals
voedingstoestand, vochttoestand en temperatuur (homeostase). Door afwijkingen van de
normwaarden ontstaan interne prikkels.
Via zintuigen aan de buitenkant van het lichaam ontvangt een dier prikkels uit zijn omgeving:
externe prikkels. De interne en externe prikkels bepalen voor een groot deel het gedrag dat
ontstaat. Daarnaast speelt ervaring een grote rol.
Motivatie (drang) = de bereidheid om bepaalde gedragssystemen uit te voeren
(voedingsdrang, vluchtdrang etc.).
De motivatie om bepaald gedrag te vertonen kan worden versterkt of verzwakt door de
sterkte van bepaalde inwendige en uitwendige prikkels.
Bij veel diersoorten heeft de daglengte invloed op de voortplanting. In het voorjaar is er
meer licht, bij vogels gaat de hypofyse dan meer hormonen afgeven. Bij amfibieën gebeurd
dit als de temperatuur stijgt.
Sleutelprikkel = een prikkel die een doorslaggevende rol speelt bij het veroorzaken van
gedrag.
Supranormale prikkel = een effectievere prikkel dan een sleutelprikkel.