2010
tijdvak 1
vrijdag 21 mei
13.30 - 15.30 uur
wiskunde CSE GL en TL
Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage.
Dit examen bestaat uit 24 vragen.
Voor dit examen zijn maximaal 76 punten te behalen.
Voor elk vraagnummer staat hoeveel punten met een goed antwoord behaald kunnen
worden.
GT-0153-a-10-1-o
, OVERZICHT FORMULES:
omtrek cirkel = π × diameter
2
oppervlakte cirkel = π × straal
inhoud prisma = oppervlakte grondvlak × hoogte
inhoud cilinder = oppervlakte grondvlak × hoogte
inhoud kegel = 1
3
× oppervlakte grondvlak × hoogte
inhoud piramide = 1
3
× oppervlakte grondvlak × hoogte
3
inhoud bol = 4
3
× π × straal
GT-0153-a-10-1-o 2 lees verder ►►►
, Stappenteller
Een stappenteller is een apparaat dat het aantal stappen van een persoon telt.
staplengte
De staplengte is de afstand in centimeters die je gemiddeld met één stap aflegt.
2p 1 Jeroen heeft een stappenteller. Volgens de stappenteller heeft hij 2754 stappen
gezet van huis naar school. De afstand van zijn huis naar school is 1600 meter.
Æ Bereken in hele centimeters de staplengte van Jeroen. Schrijf je berekening op.
Karel heeft een staplengte van 55 centimeter.
4p 2 Karel maakt een wandeling van 1,5 uur.
Æ Maak een schatting van het aantal stappen dat hij bij deze wandeling gezet
heeft. Leg uit hoe je aan je antwoord gekomen bent.
2p 3 Er is een verband tussen de afgelegde afstand in meters en het aantal stappen
dat Karel zet.
Æ Geef een woordformule voor dit verband.
3p 4 Sommige stappentellers werken niet goed. Ze tellen te weinig stappen.
Jonas heeft een staplengte van 54 cm. Hij loopt een afstand van 1200 meter.
De stappenteller heeft 1874 stappen geteld.
Æ Bereken hoeveel procent van de stappen door de stappenteller is geteld.
Schrijf je berekening op.
Om voldoende beweging te krijgen, wordt aangeraden om minstens
10 000 stappen per dag te zetten.
4p 5 Marieke heeft een stappenteller gekocht. Ze ziet dat ze gemiddeld maar
4000 stappen per dag zet. Haar huisarts geeft haar het advies het aantal
stappen elke week met 10% te verhogen totdat ze boven de 10 000 uitkomt.
Æ Na hoeveel weken zal Marieke volgens dit advies voor het eerst meer dan
10 000 stappen per dag zetten? Laat zien hoe je aan je antwoord komt.
GT-0153-a-10-1-o 3 lees verder ►►►
, Van Betancuria naar Antigua
Gerrit en Jeannette zijn op vakantie op het eiland Fuerteventura.
LA OLIVA
PTO. DEL ROSARIO
FUERTEVENTURA
BETANCURIA Ligging kaartfragment
ANTIGUA
CANARISCHE EILANDEN LANZAROTE
LA PALMA
TUINEJE TENERIFE
LA GOMERA
EL HIERRO FUERTEVENTURA
GRAN CANARIA
PAJARA
0 50 100 km
0 10 20 km
Ze willen een wandeling gaan maken van Betancuria naar Antigua.
Hieronder zie je een kaart van het gebied met daarop de wandelweg van punt B
naar punt A. Op de kaart staan hoogtelijnen getekend, met daarbij de hoogte in
meters boven de zeespiegel aangegeven.
400 300 200
500
Betancuria 500
B Antigua
P
Q A
400
600
500 500 200
300
400
400
0 500 1000 m
Deze kaart staat ook op de uitwerkbijlage.
2p 6 Punt B ligt op 380 meter hoogte.
Æ Hoeveel meter ligt punt A lager dan punt B? Leg je antwoord uit.
GT-0153-a-10-1-o 4 lees verder ►►►