Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting MSA Blok 2B: zowel Kennistoets (MSA, FIEZ, TGW) als voor de Stationstoets (Pathologieën + Onderzoek + Behandeling)

Beoordeling
3.3
(6)
Verkocht
14
Pagina's
45
Geüpload op
22-12-2016
Geschreven in
2016/2017

MSA KENNISTOETS STATIONSTOETS 2B – Hogeschool Utrecht (daarom ook duurder dan normaal) Samenvatting van alle lessen in blok 2B betreft MSA Bevat: - MSAe Pathologieën Onderzoek (Blok A) - MSAe Behandeling (Blok B les 1-9) - MSAw Pathologieën Onderzoek (Blok A) - MSAw Behandeling (Blok B les 1-11) - MSAew Myofasciale Triggerpoints (V.1/2/3) - TGW o Emoties hanteren conflicten hanteren (V.1/2) o Kernkwadranten (WCO.1) - FIEZ o Spierprikkelen (FES en NMES) (CO.2) o Tens, Laser, Warmte, Koude therapie (o.a. V.3) o Ultrageluid (CO.1 V.1) - HUFysiotherapie  

Meer zien Lees minder
Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

MSA KENNISTOETS + STATIONSTOETS 2B –
Hogeschool Utrecht

Samenvatting van alle lessen in blok 2B betreft MSA


Bevat:
- MSAe Pathologieën + Onderzoek (Blok A)
- MSAe Behandeling (Blok B les 1-9)
- MSAw Pathologieën + Onderzoek (Blok A)
- MSAw Behandeling (Blok B les 1-11)
- MSAew Myofasciale Triggerpoints (V.1/2/3)
- TGW
o Emoties hanteren + conflicten hanteren (V.1/2)
o Kernkwadranten (WCO.1)
- FIEZ
o Spierprikkelen (FES en NMES) (CO.2)
o Tens, Laser, Warmte, Koude therapie (o.a. V.3)
o Ultrageluid (CO.1 + V.1)
- LOEP niet (irrelevant  daarentegen wel voor je case-report)


- HUFysiotherapie

,MSAe Pathologieën + Testen SCHOUDER

Schouderklachten worden onderverdeeld in 3 typen:
1. Schouderklachten met PROM beperkt
2. Schouderklachten zonder PROM beperkt – met pijnlijk abductietraject
3. Schouderklachten zonder PROM beperkt – zonder pijnlijk abductietraject

Het glenohumeraal gewricht en scapulothoracale glijvlak worden dan ook als één geheel getest:
De beweging in deze 2 delen kan excessive = overmatig of reduced = verminderd zijn.

Glenohumeraal gewricht:
1. Abductie ROM - 105 graden
2. Horizontale adductietest (achterste kapsel) – 90 graden = 5e stenvers
3. Posterieure jerk test (achterste kapsel)
4. Exorotatie ROM (voorste kapsel) – 90 graden
5. Endorotatie ROM– 160-180 graden
6. Horizontale retroflexietest – 50 graden

Scapulothoracale glijvlak: (4 stenvers)
1. Axillaire haarlijn
2. Clavicula rol
3. Caudaal verplaatsing scapula
4. CTO-rotatie test

Modified Scapular Assist Test (anteflexie arm waarbij ft scapula helpt – VAS 2 naar beneden)




Lukt het passief wel, maar actief niet = myogeen probleem.

Uitstraling naar deltoideus = referred pain

,Pathologieën SCHOUDER:

AC artropathie of dislocatie/luxatie = artrose in AC-gewricht of laxiteit/ontwrichting van AC.
- Na slijtage of na trauma
- Vooral bovenhands
- Kan met één vinger pijn aanwijzen
- Pijn bovenop de schouder + uitstraling nek/bovenarm
- Scherpe pijn bij luxatie
- Knarsend moeizaam pijn bij dislocatie
Testen:
1. Palpatie van AC-spleet
2. AC actieve weerstand test (90 graden anteflexie, arm naar buiten/achteren drukken)
3. AC compressie test / paxino test (druk clavicula en acromion naar elkaar toe)
4. Pianotoets fenomeen (distale deel van clavicula naar beneden)
Stenvers test: clavicula roll
Acromioclaviculaire Coracoclaviculaire (2 bandjes) Coracoacromiale

SLAP = superior labrum anterior posterior = defect van labrum, zit tussen acriomionkop en kom van
glenohumeraal (bicepspees hecht hier aan).
- MRI insluiten

Luxatie = uit de kom gaan of laxer zijn in het gewricht. = excessive mobility
- Klik sensaties
- Hypermobiliteit (van ook andere gewrichten)
- Instabiel gevoel  giving away

Achterste kapsel:
o Glenohumeraal
- Horizontale adductietest
- Posterieure jerk test (achterste kapsel)
Voorste kapsel:
o Glenohumeraal
- Exorotatie ROM
- Horizontale retroflexietest

Specifieke testen voor anterieure instabiliteit:
- Aprehension test (arm zo ver mogelijk naar exorotatie)
- Relocation test (hand fixeert schouder, waardoor klachten verminderen)
- Anterior release test (fixerende hand wordt op max.punt weggehaald)

Frozen shoulder = verdikking van het gewrichtskapsel door een ontstekingsreactie  meer aanmaak collageen
bindweefsel = reduced mobility.
- Bewegingsbeperking in alle richtingen
Kan zomaar optreden = primair. Of kan optreden na operatie of trauma = secundair.

Testen: AROM en PROM (glenohumeraal)
- Abductie ROM
- Horizontale adductie
- Exorotatie ROM
- Endorotatie ROM
- Horizontale retroflexietest

4 stadia:
1. Ontstekingsfase: Pijn neem toe + ROM neemt af
2. Bevriezings/Freezing fase: Pijn neemt fors toe + ROM neemt extreem af
3. Bevroren/Frozen fase: Pijn neemt af + ROM is grootste probleem
4. Ontdooiende fase: Pijn neemt heel er gaf + ROM neem weer toe.

,Rotator-cuff ruptuur = ruptuur van 1 of meerdere rotator cuffs
- Supraspinatus=abductie Infraspinatus + teres minor = exo Subscapularis = endo
- Pijn bij heffen van de arm
- Pijn in bovenarm
- Pijn bij plotseling bewegen
- Krachtsverlies
Testen:
1. Drop sign (ft brengt arm naar max.exorotatie bij 90g abductie, laat los, pt moet exorotatie handhaven)
Infraspinatus of teres minor
2. External rotation lag-sign (drop sign in 30g abductie
Infraspinatus
3. Full /empty can test (armen in anteflexie + weerstand naar boven met duimen op en duimen omlaag)
Infraspinatus en supraspinatus  nervus suprascapularis = C5/C6
4. Exorotatie tegen weerstand
Infraspinatus of teres minor
5. Beer hug test (aangedane hand op niet aangedane schouder, duw naar beneden –weerstand-.
Subscapularis
6. Lift-off test (hand achter rug en van rug afbrengen, ft fixeert elleboog) – variant = met weerstand
Subscapularis


Impingement = inklemming tussen acromion en humeruskop bij abductie, endorotatie en anteflexie.
- Primair = door overbelasting  beschadiging
- Secundair = door ketenproblematiek (bijv. slecht functioneren van cuff spieren waardoor
supraspinatus de kop niet meer naar beneden kan duwen en dus de kop eerder tegen acromion
aankomt)
 Dus of structuren in de subacromiale ruimte zwellen op, of de rotator cuffs werken
niet goed waardoor ruimte kleiner wordt.
- Pijn en bewegingsbeperking bij abductie, endorotatie, anteflexie
- Uitstraling naar nek/bovenarm
- Painfull arc = zijwaarts heffen van arm tussen 60-120 graden is pijnlijk, daarna gaat het weer.
Testen:
- Abductie ROM
- Endorotatie ROM
- Anteflexie (stenvers) ROM


Bursopathie = bursa onder het acromion is ontstoken (= subacromiale ruimte)  wordt dikker  bekneld
daarnaast ook weefsels/spieren.
- Komt vaak voor in combinatie met een peesontsteking van supraspinatus.
- Constante pijn, bij beweging erger
- Bovenhands pijn + pijn bij achter rug. (anteflexie + abd + endorotatie)
- Atrofie
Vooral pijn bij abductie, endorotatie en anteflexie.
Testen:
- Abductie ROM
- Endorotatie ROM
- Anteflexie (stenvers) ROM


Corpus alienum = bijv kalkhaard. In de pezen rondom de schouderkop / de rotator cuffs zitten ontstekingen
waardoor calciumkristallen afgegeven worden., dit kan neerslaan = kalkhaard in de pees.
- Kan na tijd een bursopathie of impingement veroorzaken
- Vooral aan voor/zijkant van schouder pijn
- Uitstraling naar nek/bovenarm
- Pijn bij bovenhands

,MSAe Pathologieën + Testen ELLEBOOG


Ulnaire instabiliteit = instabiliteit aan mediale zijde = MCL
- Valgus stress test (MCL testen , elleboog 10-30 gr flexie)
- Moving valgus stress test (max. exorotatie, duw elleboog naar boven en pols naar beneden, flexext)
- Milking manoeuvre (max. exorotatie arm, duim naar beneden, trekken)

Postero-laterale instabiliteit = instabiliteit aan laterale zijde = LCL
- Stand up test (vanuit zit duwen met armen  extensie elleboog + supinatie onderarm = aprehension +
weer terug gaan zitten = relocation)
- Varus stress test (LCL testen, elleboog 10-30 gr flexie)
- Pivot shift test (onderarm in supinatie, duw radius-kopje omhoog, axiale druk en dan flexie/extensie)
- Drawer test (=lachman – humerus fixeren en radius naar boven trekken tov bovenarm)



Laterale epicondylalgie = tennis elleboog = extensoren
Provocatietesten:
- Palpatie laterale epidcondyl
- Spierlengtetest van de extensoren pols = ext. carpi radialis brevis
- Weerstandtest extensie pols
- Weerstand extensie middelvinger

DD (laterale zijde):
- Posterolaterale instabiliteit
- Artrose radiohumerale gewricht (na trauma bij vallen)
- Uitstraling vanuit nek = C5/C6
- Radiaal tunnel syndroom
- N. radialis entrapment


Mediale epicondylalgie = golvers elleboog = flexoren
Provocatietesten:
- Palpatie mediale epicondyl
- Spierlengtetest van de flexoren pols = flexor digitorum superficialis
- Weerstandtest flexie pols
- Weerstand

DD (mediale zijde):
- Ulnaire instabiliteit



Plica impingement = plica = plooi in gewrichtskapsel (kan klem gaan zitten in gewricht)
- Dorsaal = extensie / supinatie test + palpatie soft spot  palperen plica
- Ventraal = flexie / pronatie test + palpatie radiohumeraal gewricht  palperen plica


Distale biceps pees =
- Hook test (arm en schouder 90 graden, duim omhoog, achter bicepeeps haken en weerstand naar
beneden geven)
- Squeeze test van de bicep


In de soft spot (= plek tussen radiuskopje, laterale epicondyl en olecranon) kun je bij gewrichtsaandoeningen
een zwelling waarnemen.

, MSAe Pathologieën + Testen POLS

Tendovaginitis van De Quervian = ontsteking van pees aan duimzijde van de pols
- Lokale (druk)pijn
- Zwelling aan radiale zijde pols
- Door pakken, tillen, knijpen, wringen
Testen:
- Test van Finkelstein (hand in vuistpositie met duim in hand, dan ulnairdeviatie)


Carpale tunnelsyndroom = compressie van zenuw medianus thv de pols
- (nachtelijke) paresthesieën in vingers 1 tot 3 (duim, wijsvinger, middelvinger) en handpalm.
- Wapperen met de hand kan verlichting geven
Testen:
- Phalen wrist extensiontest (hand in maximale plantairflexie in 60 sec)
o Sensitiviteit = 0,88
o Specificiteit = 0,93
- Tinel-hoffman sign (hand naar dorsaalflexie + tappen op n. medianus in polsplooi)
o Sensitiviteit = 0,66
o Specificiteit = 0,83
- Median nerve compression test (dorsaalflexie + druk geven met duim en wijsvinger op n. medianus in
polsplooi)
o Sensitiviteit = 0,9
o Specificiteit = 0,88

Ganglion:
- Pijnloze uitstulping van gewrichtskapsel of peesschede, gevuld met synoviale vloeistof
- Bij snuifdoos
Geeft niet altijd klachten. Maar kan ergens op drukken.
Testen:
- Finger extension test (pols in palmairflexie, MCP in flexie, PIP en DIP in extensie  ft geeft druk op
vinger in extensie)  bij SL kan deze test ook positief zijn.


Carpale instabiliteit = instabiliteit in de carpale gewrichtjes
Scapholunaire instabiliteit – tussen scaphoid en lunatum:
- Watson test
- Palpatie van SL-spleet in lichte palmair flexie

Midcarpale instabiliteit:
- Catch-up and clunk

Lunotriquetrale instabiliteit:
- Reagens test
- Ulnair snuifbox test

Radio-ulnaire instabiliteit:
- Radio-ulnaire ballotement test

Integriteit van TFCC-complex:
Triangulaire fibro cartineuze complex = structuren aan pinkzijde pols (verbind de ulna met de radius en het os
triquetrum). Functie van TFCC = stabiliseren van radio-ulnaire gewricht.
- Door val op uitgestrekte hand. (turnen, boksen, hockey)
Test: ulnair deviatie + axiale druk. Onder druk bewegen in palmairflexie en pronatierichting

Fractuur Os scaphoid: Palpatie scaphoid
Kienbock = lunatum is aangedaan

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
22 december 2016
Aantal pagina's
45
Geschreven in
2016/2017
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

$8.99
Krijg toegang tot het volledige document:
Gekocht door 14 studenten

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Beoordelingen van geverifieerde kopers

Alle 6 reviews worden weergegeven
7 jaar geleden

7 jaar geleden

8 jaar geleden

6 jaar geleden

7 jaar geleden

8 jaar geleden

3.3

6 beoordelingen

5
1
4
3
3
0
2
1
1
1
Betrouwbare reviews op Stuvia

Alle beoordelingen zijn geschreven door echte Stuvia-gebruikers na geverifieerde aankopen.

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
HUfysiotherapie Hogeschool Utrecht
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
369
Lid sinds
11 jaar
Aantal volgers
151
Documenten
13
Laatst verkocht
4 jaar geleden

3.5

84 beoordelingen

5
17
4
34
3
16
2
7
1
10

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen