Huurrecht
Week 2
§3 Beëindiging van huur
Artikel 7:210: huur vervalt van rechtswege als het gehuurde geheel en al vergaat.
--> Er dient wel sprake te zijn van een gebrek ex art. 7:204 lid 1.
Ook een (onvoorziene) overheidsmaatregel die het gebruik van het gehuurde geheel
verhindert, valt onder deze noemer.
In de lagere rechtspraak is veelal het feitelijk en economisch vergaan van het gehuurde
gerelateerd aan de fysieke toestand van van het gehuurde.
Is van regelend recht
De verhuurder gaat over tot ontbinding ex art. 7:231 lid 2; waar wordt hij mee
geconfronteerd?
Betaling van een tegenprestatie --> verschuldigde boete/wettelijke rente
Artikel 7:231: niet-betaling
Eén enkele wanbetaling van de huurtermijn wordt in de jurisprudentie onvoldoende geacht om tot
ontbinding van de huurovereenkomst te komen. Veelal wordt drie maanden huurachterstand als
voldoende beschouwd.
Om discussies te vermijden verdient het de aanbeveling de huurder in gebreke te stellen indien hij niet
betaalt; dat wil zeggen in al die gevallen waar in de huurovereenkomst geen beding is opgenomen,
inhoudende dat de huurder reeds door de enkele niet-nakoming van zijn uit hoofde van de
huurovereenkomst voortvloeiende verplichtingen, van rechtswege in verzuim is.
Is de huurder eenmaal in verzuim, dan is hij daarmee ingevolge art. 6:119 wettelijke rente over de
achterstallige huurpenningen verschuldigd.
Geldt dit ook voor de huurovereenkomst van bedrijfsruimte? Er dient gekeken te worden
of er sprake is van een handelsovereenkomst in de zin van art. 6:119a lid 1.
Toekomstige huurtermijnen
De door de verhuurder ingestelde vordering tot betaling van toekomstige huurtermijnen mag niet
worden afgewezen.
1
Week 2
§3 Beëindiging van huur
Artikel 7:210: huur vervalt van rechtswege als het gehuurde geheel en al vergaat.
--> Er dient wel sprake te zijn van een gebrek ex art. 7:204 lid 1.
Ook een (onvoorziene) overheidsmaatregel die het gebruik van het gehuurde geheel
verhindert, valt onder deze noemer.
In de lagere rechtspraak is veelal het feitelijk en economisch vergaan van het gehuurde
gerelateerd aan de fysieke toestand van van het gehuurde.
Is van regelend recht
De verhuurder gaat over tot ontbinding ex art. 7:231 lid 2; waar wordt hij mee
geconfronteerd?
Betaling van een tegenprestatie --> verschuldigde boete/wettelijke rente
Artikel 7:231: niet-betaling
Eén enkele wanbetaling van de huurtermijn wordt in de jurisprudentie onvoldoende geacht om tot
ontbinding van de huurovereenkomst te komen. Veelal wordt drie maanden huurachterstand als
voldoende beschouwd.
Om discussies te vermijden verdient het de aanbeveling de huurder in gebreke te stellen indien hij niet
betaalt; dat wil zeggen in al die gevallen waar in de huurovereenkomst geen beding is opgenomen,
inhoudende dat de huurder reeds door de enkele niet-nakoming van zijn uit hoofde van de
huurovereenkomst voortvloeiende verplichtingen, van rechtswege in verzuim is.
Is de huurder eenmaal in verzuim, dan is hij daarmee ingevolge art. 6:119 wettelijke rente over de
achterstallige huurpenningen verschuldigd.
Geldt dit ook voor de huurovereenkomst van bedrijfsruimte? Er dient gekeken te worden
of er sprake is van een handelsovereenkomst in de zin van art. 6:119a lid 1.
Toekomstige huurtermijnen
De door de verhuurder ingestelde vordering tot betaling van toekomstige huurtermijnen mag niet
worden afgewezen.
1