Hoofdstuk 9 Verantwoordelijkheid voor natuur en milieu
Ondernemingen hebben een eigen verantwoordelijkheid voor het milieu, naast (maar nauw
verbonden met) die van de overheid en consumenten.
9.1 Fasen in het natuurbeheer
In de milieuproblematiek en het milieubeleid kan een viertal fasen worden onderscheiden: saneren,
voorkomen, herontwerpen en prioriteiten. In elke fase neemt het besef van de complexiteit en
omvattendheid van de milieuproblematiek toe.
Saneren
In de jaren zeventig ontstond het milieubeleid vanuit de dringende noodzaak om te saneren. De
nadruk van de milieumaatregelen lag in deze periode op end-of-pipe-oplossingen. Er werd een begin
gemaakt met het zuiveren van afvalstromen. De aanpak richtte zich in deze tijd vooral op het
repareren van de gevolgen van slecht milieubeleid uit het verleden. De oorzaken van de vervuiling
werden nog niet echt aangepakt.
Voorkomen
Halverwege de jaren tachtig preventie. Men ging zich nu wel uitdrukkelijk richten op de oorzaken
van milieuvervuiling, maar deze werden nog tamelijk incidenteel benaderd. De nadruk lag op het
terugdringen van de vervuiling aan de bron, door het schoner maken van productieprocessen.
Hiervoor moest de overheid een beroep doen op de inzet en creativiteit van bedrijven, want
bedrijven wisten hoe productieprocessen werken.
Herontwerpen
Begin jaren negentig komt er meer aandacht voor integrale benaderingen van milieuzorg. De
integrale bedrijfsmilieuzorgsystemen doen hun intrede. De eco-efficiënte gedachte werd omarmd als
een manier om beide te verzoenen. Met een combinatie van gedragsverandering en uitgekiende
technologie moest het mogelijk zijn om het milieubeslag met een factor vier tot tien te reduceren. Zo
zou economische groei kunnen worden ontkoppeld van de toename van de milieubelasting.
Voorzorgen
Momenteel staan we aan het begin van een nieuwe fase van het milieubeleid, volgens Keijzers, die
wordt gekenmerkt door het urgent worden van een aantal grootschalige milieuproblemen op de
lange termijn. Oorzaken van deze milieuproblemen zijn vaak nog onhelder, de problemen raken aan
de belangen van vele partijen en ze zijn daarom zo ingewikkeld dat het bestaande milieu-
instrumentarium er geen oplossingen voor biedt.
Kenmerkend voor deze fase is vooral een dramatische toename van complexiteit.
Drie urgente ecologische vraagstukken, die in hun aard nauw verbonden zijn met vraagstukken van
armoede en ontwikkeling, nopen volgens Keijzers tot het nemen van een brede maatschappelijke
verantwoordelijkheid door overheden en bedrijven.
Het voorzorgsbeginsel speelt hierin een grote rol het beginsel dat stelt dat we niet kunnen
wachten op volledige wetenschappelijke zekerheid alvorens maatregelen te nemen, want dan is het
waarschijnlijk te laat.
1
Ondernemingen hebben een eigen verantwoordelijkheid voor het milieu, naast (maar nauw
verbonden met) die van de overheid en consumenten.
9.1 Fasen in het natuurbeheer
In de milieuproblematiek en het milieubeleid kan een viertal fasen worden onderscheiden: saneren,
voorkomen, herontwerpen en prioriteiten. In elke fase neemt het besef van de complexiteit en
omvattendheid van de milieuproblematiek toe.
Saneren
In de jaren zeventig ontstond het milieubeleid vanuit de dringende noodzaak om te saneren. De
nadruk van de milieumaatregelen lag in deze periode op end-of-pipe-oplossingen. Er werd een begin
gemaakt met het zuiveren van afvalstromen. De aanpak richtte zich in deze tijd vooral op het
repareren van de gevolgen van slecht milieubeleid uit het verleden. De oorzaken van de vervuiling
werden nog niet echt aangepakt.
Voorkomen
Halverwege de jaren tachtig preventie. Men ging zich nu wel uitdrukkelijk richten op de oorzaken
van milieuvervuiling, maar deze werden nog tamelijk incidenteel benaderd. De nadruk lag op het
terugdringen van de vervuiling aan de bron, door het schoner maken van productieprocessen.
Hiervoor moest de overheid een beroep doen op de inzet en creativiteit van bedrijven, want
bedrijven wisten hoe productieprocessen werken.
Herontwerpen
Begin jaren negentig komt er meer aandacht voor integrale benaderingen van milieuzorg. De
integrale bedrijfsmilieuzorgsystemen doen hun intrede. De eco-efficiënte gedachte werd omarmd als
een manier om beide te verzoenen. Met een combinatie van gedragsverandering en uitgekiende
technologie moest het mogelijk zijn om het milieubeslag met een factor vier tot tien te reduceren. Zo
zou economische groei kunnen worden ontkoppeld van de toename van de milieubelasting.
Voorzorgen
Momenteel staan we aan het begin van een nieuwe fase van het milieubeleid, volgens Keijzers, die
wordt gekenmerkt door het urgent worden van een aantal grootschalige milieuproblemen op de
lange termijn. Oorzaken van deze milieuproblemen zijn vaak nog onhelder, de problemen raken aan
de belangen van vele partijen en ze zijn daarom zo ingewikkeld dat het bestaande milieu-
instrumentarium er geen oplossingen voor biedt.
Kenmerkend voor deze fase is vooral een dramatische toename van complexiteit.
Drie urgente ecologische vraagstukken, die in hun aard nauw verbonden zijn met vraagstukken van
armoede en ontwikkeling, nopen volgens Keijzers tot het nemen van een brede maatschappelijke
verantwoordelijkheid door overheden en bedrijven.
Het voorzorgsbeginsel speelt hierin een grote rol het beginsel dat stelt dat we niet kunnen
wachten op volledige wetenschappelijke zekerheid alvorens maatregelen te nemen, want dan is het
waarschijnlijk te laat.
1