Inleiding
De relatie tussen bedrijf en samenleving is een symbiose, gebaseerd op wederzijds voordeel.
Hoofdstuk 1 Bedrijfsethiek en verantwoord ondernemen
De samenleving vraagt al bijna vierduizend jaar om ondernemen vanuit een besef van
verantwoordelijkheid.
1.1 De samenleving vraagt om verantwoordelijke ondernemingen
De vraag om verantwoordelijke ondernemingen komt uit alle hoeken van de samenleving en
is internationaal. De overheid vraagt erom, NGO’s (non-gouvernementele organisaties zoals
het Wereld Natuur Fonds en Amnesty International) vragen erom en consumenten vragen
erom. Zie pagina 8 voor enkele citaten.
• De veranderende maatschappelijke rol van het bedrijfsleven
Succesvolle deregulering op economisch terrein vraagt echter om een toenemende
zelfregulering van bedrijven en bedrijfstakken. Voorbeeld: convenanten bieden
ondernemingen meer invloed op het beleid, maar vereisen ook meer verantwoordelijkheid
voor de maatschappelijke gevolgen van dat beleid.
Naarmate de overheid zich minder centralistisch opstelt en meer overlaat aan individuele en
collectieve zelfregulering van ondernemingen, neemt de verantwoordelijkheid van
ondernemingen toe.
• De globalisering
Zakendoen wordt steeds internationaler. De ontwikkeling van ‘global governance’ kan de
ontwikkelingen in ‘global business’ niet bijhouden. Het ontbreekt wereldwijd aan effectief
toezicht op het gedrag van het internationaal opererend bedrijfsleven. Dat trekt een zware
wissel op het verantwoordelijkheidsbesef van ondernemingen. Een belangrijk aspect van
internationalisering betreft ook cultuurverschillen. Het is een goede regel dat een
onderneming zich aanpast aan de waarden, normen en wetten van het gastland.
• De technologische ontwikkeling
Technologie maakt dingen mogelijk die voorheen ondenkbaar waren. Dit dwingt ons om na
te denken over de vraag of we al die nieuwe ontwikkelingen wel willen, wat de
consequenties ervan zijn en of ze bijdragen tot een beter leven.
Nieuwe technologie gaat vaak gepaard met risico’s (genetische modificatie of kernenergie).
• De democratisering van het moreel gezag
De morele opvattingen in de samenleving worden niet langer centraal geregisseerd en ze
worden pluriformer, zodat het voor bedrijven steeds minder voorspelbaar wordt uit welke
hoek bijval of kritiek te verwachten is. Dat verstrekt voor bedrijven de noodzaak om hun
beleid publiekelijk te verantwoorden, om antwoorden te kunnen geven op onverwachte
kritische vragen. De toenemende invloed van de media speelt daarbij een rol.
De plaats van de traditionele morele gezagsbronnen wordt ingenomen door democratische
morele consensusvorming. Morele normen worden ontwikkeld in publieke debatten, door de
burgers zelf, in een voortgaand proces van normontwikkeling en normaanpassing.
Voor bedrijven betekent de democratisering van het moreel gezag dat zij in een
voortdurende dialoog met de samenleving zullen moeten zoeken naar de invulling van hun
maatschappelijke rol en de verantwoordelijkheden die daarbij horen.
1
De relatie tussen bedrijf en samenleving is een symbiose, gebaseerd op wederzijds voordeel.
Hoofdstuk 1 Bedrijfsethiek en verantwoord ondernemen
De samenleving vraagt al bijna vierduizend jaar om ondernemen vanuit een besef van
verantwoordelijkheid.
1.1 De samenleving vraagt om verantwoordelijke ondernemingen
De vraag om verantwoordelijke ondernemingen komt uit alle hoeken van de samenleving en
is internationaal. De overheid vraagt erom, NGO’s (non-gouvernementele organisaties zoals
het Wereld Natuur Fonds en Amnesty International) vragen erom en consumenten vragen
erom. Zie pagina 8 voor enkele citaten.
• De veranderende maatschappelijke rol van het bedrijfsleven
Succesvolle deregulering op economisch terrein vraagt echter om een toenemende
zelfregulering van bedrijven en bedrijfstakken. Voorbeeld: convenanten bieden
ondernemingen meer invloed op het beleid, maar vereisen ook meer verantwoordelijkheid
voor de maatschappelijke gevolgen van dat beleid.
Naarmate de overheid zich minder centralistisch opstelt en meer overlaat aan individuele en
collectieve zelfregulering van ondernemingen, neemt de verantwoordelijkheid van
ondernemingen toe.
• De globalisering
Zakendoen wordt steeds internationaler. De ontwikkeling van ‘global governance’ kan de
ontwikkelingen in ‘global business’ niet bijhouden. Het ontbreekt wereldwijd aan effectief
toezicht op het gedrag van het internationaal opererend bedrijfsleven. Dat trekt een zware
wissel op het verantwoordelijkheidsbesef van ondernemingen. Een belangrijk aspect van
internationalisering betreft ook cultuurverschillen. Het is een goede regel dat een
onderneming zich aanpast aan de waarden, normen en wetten van het gastland.
• De technologische ontwikkeling
Technologie maakt dingen mogelijk die voorheen ondenkbaar waren. Dit dwingt ons om na
te denken over de vraag of we al die nieuwe ontwikkelingen wel willen, wat de
consequenties ervan zijn en of ze bijdragen tot een beter leven.
Nieuwe technologie gaat vaak gepaard met risico’s (genetische modificatie of kernenergie).
• De democratisering van het moreel gezag
De morele opvattingen in de samenleving worden niet langer centraal geregisseerd en ze
worden pluriformer, zodat het voor bedrijven steeds minder voorspelbaar wordt uit welke
hoek bijval of kritiek te verwachten is. Dat verstrekt voor bedrijven de noodzaak om hun
beleid publiekelijk te verantwoorden, om antwoorden te kunnen geven op onverwachte
kritische vragen. De toenemende invloed van de media speelt daarbij een rol.
De plaats van de traditionele morele gezagsbronnen wordt ingenomen door democratische
morele consensusvorming. Morele normen worden ontwikkeld in publieke debatten, door de
burgers zelf, in een voortgaand proces van normontwikkeling en normaanpassing.
Voor bedrijven betekent de democratisering van het moreel gezag dat zij in een
voortdurende dialoog met de samenleving zullen moeten zoeken naar de invulling van hun
maatschappelijke rol en de verantwoordelijkheden die daarbij horen.
1