Eten en vertering
De spijsvertering
Digestion is een maag-darm proces waarbij eten wordt afgebroken en bestandsdelen door
het lichaam worden opgenomen.
Hiernaast een schema van het verteringssysteem.
Er zijn drie vormen van hoe eten energie levert:
1. Lipids (vetten)
2. Amino acids (de producten die overblijven na de afbraak van proteïnes
3. Glucose (een simpele vorm van suiker die overblijft na de afbraak van complexe
carbohydraten zoals zetmeel en suiker).
Omdat eten periodiek plaatsvindt moet de energie worden opgeslagen. Dit gebeurt in drie
vormen: vetten (85%), glycogen (0.5%) en proteïnes (14.5%). Alhoewel glycogen erg
makkelijk terug te veranderen is in glucose, is vet de vorm waarin de energie meestal wordt
opgeslagen, dit opslaan gebeurt voornamelijk in de lever en spieren. Het lichaam kiest toch
voor vet omdat één gram vet bijna twee keer zoveel energie kan opslaan als een gram
glycogen. Ook is het zo dat glycogen substantiële hoeveelheden water vasthoudt.
Er zijn drie fases bij het energy metabolism: de chemische veranderingen die energie
beschikbaar maken voor gebruik door het organisme.
1. Cephalic phase: dit is de voorbereidingsfase. Deze begint vaak met zicht, reuk en
soms zelfs bij de gedachte aan eten. Hij eindigt wanneer voedsel in de bloedsstroom
wordt opgenomen.
2. Absorptive phase: dit is de periode waarbij energie, die is opgenomen uit het voedsel
en die in de bloedstroom terecht is gekomen, het lichaam zijn directe
energiebehoeften levert.
1