Tijdvak 1: tijd van jagers en
boeren
Homo erectus
- Recht oplopende mens
- Ongeveer anderhalf miljoen jaar geleden verliet deze menssoort Afrika.
- Uit deze mensensoort ontwikkelde zich in Europa een plaatselijke mensensoort, de Neanderthaler.
Homo sapiens (denkende mens)
- Menssoort tegenwoordig
- Komt waarschijnlijk uit Afrika.
- Ongeveer 35.000 jaar geleden verscheen deze mens in Europa.
- Rond deze tijd stierven de Neanderthalers uit.
Jagers-verzamelaars
- Leven als nomaden.
- Eerste bewoners van de Lage Landen.
- Leven van de jacht (jagers) en van producten uit de natuur (verzamelaars)
Rendierjagers
- Leefden op de toendra in West-Europa tijdens de laatste ijstijd
(ong. 10.000 v. Chr.)
- Leefden als Nomaden
- Hielden rekening met het trekgedrag van de rendieren en volgden
ze.
Bandkeramiekcultuur
- Leefde van 5.300 – 4.900 v. Chr.
- De eerste boeren in Midden- en West-Europa rond 5.300 v. Chr.
- Vestigden zich in Zuid-Limburg.
- Legden akkers aan op de vruchtbare lössgrond.
- Maakten aardewerk met een opvallende bandversiering
Aarde werk van het
Trechterbekercultuur bandkeramiekcultuur
- Leefde van 3.400 – 2.850 v. Chr.
- De eerste boeren boven de grote rivieren in de Lage Landen
- Woonden vooral in Noordoost-Nederland (Drenthe)
- Kregen hun naam door de trechtervormige potten, bekers en schalen.
- Bouwden van grote stenen hunebedden als begraafplaats.
- De hunebedden werden als grafkelders gebruikt.
- Gaven overledenen potten, sieraden en wapens mee als ze in een hunebed
werden bijgezet.
1.1 - jagers-verzamelaars
Prehistorie
- De tijd waaruit geen geschreven berichten zijn bewaard.
- Eindigde in de Lage landen rond 50 v. Chr met de komst van de Romeinen.
- Eindigde wereldwijd rond 3.000 v. Chr. Reconstructie van de
bouw van een hunebed
- Het is de belangrijkste wetenschap om kennis over de prehistorie te krijgen.
,Basiskennis geschiedenis – tweede druk
,Lage landen
- Omschrijving van het huidige Nederland en België, toen deze landen nog niet bestonden
IJstijden
- Periode van extreme kou waarin het land in het noorden van Europa bedekt is met ijs.
- Heerste in West-Europa een poolklimaat.
- De enorme zwerfkeien komen uit deze tijd en werden door het ijs meegevoerd vanuit Scandinavië.
- Het ijs trok zich terug tegen het einde van de laatste ijstijd (10.000 jaar geleden)
- Leefde hier rendierjagers
Nomadische leefwijze
- Mensen die geen vaste woonplaats
- Trekken rond
- Leven van wat de natuur te bieden heeft
Jagers-verzamelaars
Toendra/ Toendraklimaat
- Een boomloos gebied met grassen, mossen en dwergstruiken
in een koud en droog klimaat.
- In de koudste maanden was de temperatuur onder -3 graden,
- In de warmste maanden was de temperatuur tussen de 0 en
10 graden.
- Aan het einde van de IJstijd (rond 10.000 v. Chr.) was West-
Europa voor een groot deel een toendragebied. Toendraklimaat ca. 7.000 v. Chr.
Mammoeten
- Grote dieren met een dikke vacht (familie van de olifant)
- Leefden op de toendra’s
- Omstreeks 4.000 jaar geleden zijn ze uitgestorven.
- Toen het warmer werd in de Lage Landen trokken de mammoeten richting Siberië.
Rendieren
- Hertachtige dieren
- Zwierven in kuddes over de toendra’s
- In warmere tijden trokken ze terug naar het noorden van
Scandinavië
Grotschilderingen
- In de prehistorie werd kunst gemaakt in de vorm van
grotschilderingen.
1.2 - boeren
Agrarische revolutie
- Overgang van het nomadisch bestaan van jagers-verzamelaars naar de landbouw/ boerenbestaan.
- Vanaf 9.000 v. Chr. verandering (werd gesproken over een revolutie)
- Ontstond een complexe samenleving
- Veel nieuwe technieken werden ontwikkelt.
- Rond 5300 v. Chr. kwamen de eerste boeren in de Lage landen.
o Bouwden boerderijen van 30 meter lang
o Akkers werden in bossen aangelegd op kaalgekapte plekken.
Basiskennis geschiedenis – tweede druk
, Landbouw/veeteelt
- Mensen gaan hun eigen voedsel produceren
o verbouwen van granen (landbouw)
o het temmen van vee (veeteelt)
- Als eerste in het Midden-Oosten
- Later verspreiden zich dit over Europa
Aardewerk
- Gemaakt van klei en leem
- Nodig om op een boerderij te wonen
Potten
Bekers
Schalen
Kommen
Grafgiften/ hiernamaals
- De doden kregen in hun graf giften mee (grafgiften).
- Wijst op dat ze geloven dat er een leven na de dood is in een soort hemel (hiernamaals)
Grafgiften
Potten met voedsel
Gereedschap
Aardewerk
Wapens
Schrift & kleitabletten
- Ontwikkelt in het Midden-Oosten
- Bewaard bleven o.a. teksten op kleitabletten.
- Einde van de prehistorie
- Begin van de historie (3.000 v. Chr.)
- In de Lage landen was dit met de komst van de Romeinen (ongeveer 50 v. Chr.)
Vruchtbare Halvemaan
- Een heuvelachtige gebied in het huidige Irak, Syrië,
Turkije, Libanon en Israël
- Rond 9.000 v. Chr.
- Ontstond de landbouw
- Boeren gingen voor het eerst graan telen en vee
houden.
Steen, brons en ijzer
- Steen is de langste tijd in het bestaan van de
mens het belangrijkste materiaal geweest om Vruchtbare halvemaan
gereedschappen of wapens te maken.
- Later namen brons en ijzer deze rol over.
- Jagers-verzamelaars gebruikten veel stenen wapens en gereedschappen (de Steentijd)
- Vuursteen werd veel gebruikt.
o Goed bewerkbare steensoort.
o Afgeslagen vuursteen heeft scherpe randen
o Gebruikt als mes of pijlpunt
Basiskennis geschiedenis – tweede druk
boeren
Homo erectus
- Recht oplopende mens
- Ongeveer anderhalf miljoen jaar geleden verliet deze menssoort Afrika.
- Uit deze mensensoort ontwikkelde zich in Europa een plaatselijke mensensoort, de Neanderthaler.
Homo sapiens (denkende mens)
- Menssoort tegenwoordig
- Komt waarschijnlijk uit Afrika.
- Ongeveer 35.000 jaar geleden verscheen deze mens in Europa.
- Rond deze tijd stierven de Neanderthalers uit.
Jagers-verzamelaars
- Leven als nomaden.
- Eerste bewoners van de Lage Landen.
- Leven van de jacht (jagers) en van producten uit de natuur (verzamelaars)
Rendierjagers
- Leefden op de toendra in West-Europa tijdens de laatste ijstijd
(ong. 10.000 v. Chr.)
- Leefden als Nomaden
- Hielden rekening met het trekgedrag van de rendieren en volgden
ze.
Bandkeramiekcultuur
- Leefde van 5.300 – 4.900 v. Chr.
- De eerste boeren in Midden- en West-Europa rond 5.300 v. Chr.
- Vestigden zich in Zuid-Limburg.
- Legden akkers aan op de vruchtbare lössgrond.
- Maakten aardewerk met een opvallende bandversiering
Aarde werk van het
Trechterbekercultuur bandkeramiekcultuur
- Leefde van 3.400 – 2.850 v. Chr.
- De eerste boeren boven de grote rivieren in de Lage Landen
- Woonden vooral in Noordoost-Nederland (Drenthe)
- Kregen hun naam door de trechtervormige potten, bekers en schalen.
- Bouwden van grote stenen hunebedden als begraafplaats.
- De hunebedden werden als grafkelders gebruikt.
- Gaven overledenen potten, sieraden en wapens mee als ze in een hunebed
werden bijgezet.
1.1 - jagers-verzamelaars
Prehistorie
- De tijd waaruit geen geschreven berichten zijn bewaard.
- Eindigde in de Lage landen rond 50 v. Chr met de komst van de Romeinen.
- Eindigde wereldwijd rond 3.000 v. Chr. Reconstructie van de
bouw van een hunebed
- Het is de belangrijkste wetenschap om kennis over de prehistorie te krijgen.
,Basiskennis geschiedenis – tweede druk
,Lage landen
- Omschrijving van het huidige Nederland en België, toen deze landen nog niet bestonden
IJstijden
- Periode van extreme kou waarin het land in het noorden van Europa bedekt is met ijs.
- Heerste in West-Europa een poolklimaat.
- De enorme zwerfkeien komen uit deze tijd en werden door het ijs meegevoerd vanuit Scandinavië.
- Het ijs trok zich terug tegen het einde van de laatste ijstijd (10.000 jaar geleden)
- Leefde hier rendierjagers
Nomadische leefwijze
- Mensen die geen vaste woonplaats
- Trekken rond
- Leven van wat de natuur te bieden heeft
Jagers-verzamelaars
Toendra/ Toendraklimaat
- Een boomloos gebied met grassen, mossen en dwergstruiken
in een koud en droog klimaat.
- In de koudste maanden was de temperatuur onder -3 graden,
- In de warmste maanden was de temperatuur tussen de 0 en
10 graden.
- Aan het einde van de IJstijd (rond 10.000 v. Chr.) was West-
Europa voor een groot deel een toendragebied. Toendraklimaat ca. 7.000 v. Chr.
Mammoeten
- Grote dieren met een dikke vacht (familie van de olifant)
- Leefden op de toendra’s
- Omstreeks 4.000 jaar geleden zijn ze uitgestorven.
- Toen het warmer werd in de Lage Landen trokken de mammoeten richting Siberië.
Rendieren
- Hertachtige dieren
- Zwierven in kuddes over de toendra’s
- In warmere tijden trokken ze terug naar het noorden van
Scandinavië
Grotschilderingen
- In de prehistorie werd kunst gemaakt in de vorm van
grotschilderingen.
1.2 - boeren
Agrarische revolutie
- Overgang van het nomadisch bestaan van jagers-verzamelaars naar de landbouw/ boerenbestaan.
- Vanaf 9.000 v. Chr. verandering (werd gesproken over een revolutie)
- Ontstond een complexe samenleving
- Veel nieuwe technieken werden ontwikkelt.
- Rond 5300 v. Chr. kwamen de eerste boeren in de Lage landen.
o Bouwden boerderijen van 30 meter lang
o Akkers werden in bossen aangelegd op kaalgekapte plekken.
Basiskennis geschiedenis – tweede druk
, Landbouw/veeteelt
- Mensen gaan hun eigen voedsel produceren
o verbouwen van granen (landbouw)
o het temmen van vee (veeteelt)
- Als eerste in het Midden-Oosten
- Later verspreiden zich dit over Europa
Aardewerk
- Gemaakt van klei en leem
- Nodig om op een boerderij te wonen
Potten
Bekers
Schalen
Kommen
Grafgiften/ hiernamaals
- De doden kregen in hun graf giften mee (grafgiften).
- Wijst op dat ze geloven dat er een leven na de dood is in een soort hemel (hiernamaals)
Grafgiften
Potten met voedsel
Gereedschap
Aardewerk
Wapens
Schrift & kleitabletten
- Ontwikkelt in het Midden-Oosten
- Bewaard bleven o.a. teksten op kleitabletten.
- Einde van de prehistorie
- Begin van de historie (3.000 v. Chr.)
- In de Lage landen was dit met de komst van de Romeinen (ongeveer 50 v. Chr.)
Vruchtbare Halvemaan
- Een heuvelachtige gebied in het huidige Irak, Syrië,
Turkije, Libanon en Israël
- Rond 9.000 v. Chr.
- Ontstond de landbouw
- Boeren gingen voor het eerst graan telen en vee
houden.
Steen, brons en ijzer
- Steen is de langste tijd in het bestaan van de
mens het belangrijkste materiaal geweest om Vruchtbare halvemaan
gereedschappen of wapens te maken.
- Later namen brons en ijzer deze rol over.
- Jagers-verzamelaars gebruikten veel stenen wapens en gereedschappen (de Steentijd)
- Vuursteen werd veel gebruikt.
o Goed bewerkbare steensoort.
o Afgeslagen vuursteen heeft scherpe randen
o Gebruikt als mes of pijlpunt
Basiskennis geschiedenis – tweede druk