Psychologie – les 1
Bio psychologie
Houdt zich bezig met hoe je fysiek functioneert.
Definitie: Specialisme in de psychologie dat de interactie tussenbiologie, gedrag en de
omgeving bestudeert.
Iedere cel heeft een celkern. Daarin bevinden zich DNA (erfelijke eigenschappen). Ieder mens bevat
23 paren chromosomen.
Genotype: je erfelijke eigenschappen de genetisch bepaald zijn.
Fenotype: je eigenschappen de je waarneemt met je ogen. Denk hierbij aan bruin geverfd haar, maar
je hebt in je DNA blond haar.
Syndroom van down: De lichaamscellen van een mens horen te bestaan uit 46 chromosomen. Bij
Down is er echter een chromosoomafwijking. Deze ontstaat al heel vroeg in de zwangerschap; bij de
bevruchting dragen vader en moeder elk 23 chromosomen bij. Samen dus 46. Maar, soms 'ritsen' de
chromosomen van de vader of de moeder niet goed los; de twee chromosomen van een
chromosomenpaar worden niet goed verdeeld over de geslachtscellen (eicellen of zaadcellen). Zo
wordt een extra chromosoom overgedragen, en heeft het kind 47 chromosomen in elke lichaamscel.
Evolutietheorie van Darwin
- Het geleidelijke proces van biologische veranderingen van een soort dat zich aanpast aan zijn
omgeving.
- Natuurlijke selectie: de omgeving selecteert de best aangepast organismen.
- Evolutionaire verklaringen voor psychologische processen.
Genen en gedrag
- Gedrag is deels afhankelijk van de genen van vader en moeder.
- Evolutionaire verklaring voor psychologische processen.
- Ons gedrag en onze psychische processen worden bepaald door omgeving en erfelijkheid
tezamen.
Communicatie van het lichaam
Twee interne signaalsystemen:
1. Het zenuwstelsel
2. Het endocriene stelsel: hormonen
Bouwsteen van het zenuwstelsel
Sensorische neuronen (in): zintuigen -->
hersenen.
Schakelcellen: is een cel sensorische informatie
direct terugzet naar de aangebonden spieren.
Motorische N-neuronen (out): hersenen -->
spieren (en organen).
, Wat zit waar?
Hernia: (L1 t/m L5) Een hernia of breuk is de uitstulping van een
orgaan of weefsel uit de lichaamsholte waar het normaliter in
ligt.
Dwarslaesie: Een dwarslaesie is een beschadiging van het
ruggenmerg. Het ruggenmerg is een onderdeel van het centrale
zenuwstelsel en loopt vanaf de hersenstam door de wervelkolom
naar het staartbeen, onderaan je rug. Door het ruggenmerg
lopen zenuwen en vanuit het ruggenmerg ontspringen de
zenuwen die naar en vanuit het hele lichaam lopen. Deze
zenuwen gebruiken prikkels om bewegingen aan te sturen en
gevoel waar te nemen.
In de volksmond wordt een dwarslaesie ook wel gebroken rug
of gebroken nek genoemd. Als je een dwarslaesie hebt, kunnen
de zenuwen hun prikkels niet verder door de wervelkolom naar beneden doorgeven. Daardoor raak je
vanaf de plaats van de beschadiging geheel of gedeeltelijk verlamd.
Het zenuwstelsel (kolom)
Bio psychologie
Houdt zich bezig met hoe je fysiek functioneert.
Definitie: Specialisme in de psychologie dat de interactie tussenbiologie, gedrag en de
omgeving bestudeert.
Iedere cel heeft een celkern. Daarin bevinden zich DNA (erfelijke eigenschappen). Ieder mens bevat
23 paren chromosomen.
Genotype: je erfelijke eigenschappen de genetisch bepaald zijn.
Fenotype: je eigenschappen de je waarneemt met je ogen. Denk hierbij aan bruin geverfd haar, maar
je hebt in je DNA blond haar.
Syndroom van down: De lichaamscellen van een mens horen te bestaan uit 46 chromosomen. Bij
Down is er echter een chromosoomafwijking. Deze ontstaat al heel vroeg in de zwangerschap; bij de
bevruchting dragen vader en moeder elk 23 chromosomen bij. Samen dus 46. Maar, soms 'ritsen' de
chromosomen van de vader of de moeder niet goed los; de twee chromosomen van een
chromosomenpaar worden niet goed verdeeld over de geslachtscellen (eicellen of zaadcellen). Zo
wordt een extra chromosoom overgedragen, en heeft het kind 47 chromosomen in elke lichaamscel.
Evolutietheorie van Darwin
- Het geleidelijke proces van biologische veranderingen van een soort dat zich aanpast aan zijn
omgeving.
- Natuurlijke selectie: de omgeving selecteert de best aangepast organismen.
- Evolutionaire verklaringen voor psychologische processen.
Genen en gedrag
- Gedrag is deels afhankelijk van de genen van vader en moeder.
- Evolutionaire verklaring voor psychologische processen.
- Ons gedrag en onze psychische processen worden bepaald door omgeving en erfelijkheid
tezamen.
Communicatie van het lichaam
Twee interne signaalsystemen:
1. Het zenuwstelsel
2. Het endocriene stelsel: hormonen
Bouwsteen van het zenuwstelsel
Sensorische neuronen (in): zintuigen -->
hersenen.
Schakelcellen: is een cel sensorische informatie
direct terugzet naar de aangebonden spieren.
Motorische N-neuronen (out): hersenen -->
spieren (en organen).
, Wat zit waar?
Hernia: (L1 t/m L5) Een hernia of breuk is de uitstulping van een
orgaan of weefsel uit de lichaamsholte waar het normaliter in
ligt.
Dwarslaesie: Een dwarslaesie is een beschadiging van het
ruggenmerg. Het ruggenmerg is een onderdeel van het centrale
zenuwstelsel en loopt vanaf de hersenstam door de wervelkolom
naar het staartbeen, onderaan je rug. Door het ruggenmerg
lopen zenuwen en vanuit het ruggenmerg ontspringen de
zenuwen die naar en vanuit het hele lichaam lopen. Deze
zenuwen gebruiken prikkels om bewegingen aan te sturen en
gevoel waar te nemen.
In de volksmond wordt een dwarslaesie ook wel gebroken rug
of gebroken nek genoemd. Als je een dwarslaesie hebt, kunnen
de zenuwen hun prikkels niet verder door de wervelkolom naar beneden doorgeven. Daardoor raak je
vanaf de plaats van de beschadiging geheel of gedeeltelijk verlamd.
Het zenuwstelsel (kolom)