Hoofdstuk 9 delinquente jeugdigen
Definitie en terminologie
Delinquentie is het begaan van misdrijven. Wat een strafbaar feit is, is afhankelijk van de context.
Vroeger was cannabis illegaal, tegenwoordig wordt hier steeds soepeler mee omgegaan. In de VS ven
je minder snel strafbaar voor het houden van een wapen dan in Europa. Er wordt gesproken van
jeugddelinquentie als een strafbaar feit wordt gepleegd door een minderjarige. Tussen de 12 en 18
wordt je gestraft volgens het jeugdstrafrecht. Onder de 12 jaar kun je niet strafrechtelijk worden
vervolgd. De straf wordt zoveel mogelijk pedagogisch ingericht. Er bestaat ook een
adolescentenstrafrecht voor 16 tot 23 jaar, hierbij is het volledige jeugd- en volwassenen strafpakket
beschikbaar.
In dit boek wordt delinquent gedrag gezien als een continuüm van gedragingen waarbij inbreuk
wordt gepleegd op regels, normen en wetten en/of schade wordt berokkend aan individuen of de
maatschappij. Ook antisociaal gedrag dat tegen de samenleving wordt gezien als delinquentie. Er zijn
verschillende typen delinquent gedrag. Gewelds- en zedendelicten, vermogensdelicten, vernieling en
openbare orde delicten, verkeersdelicten en drugsdelicten. Daarnaast is er nog status delinquentie
dit is alleen van toepassing, omdat de delinquent nog geen 18 is, denk aan alcohol kopen en
spijbelen.
Epidemiologisch onderzoek naar delinquent gedrag van minderjarigen
De werkelijke prevalentie is niet duidelijk, veel gebeurd niet in het openbaar en slachtoffers melden
zich niet altijd. Er zijn verschillende methoden om de prevalentie te onderzoeken, die allen een ander
antwoord geven. Officiële statistieken zijn het aantal kinderen dat in aanraking is geweest met de
politie of justitie, het nadeel is dat niet gemelde misdaden niet meegeteld zijn. Ook gelden er in
verschillende landen verschillende regels en zijn bepaalde etnische groepen oververtegenwoordigd.
Een tweede methode is zelfrapportage. Het blijkt een valide methode te zijn, maar beperkt zich tot
kleine misdaden en misdaden die vaak voorkomen. Ook kan maar een deel worden ondervraagd. De
laatste methode is rapportage door slachtoffers. Deze komt de niet gemelde delicten tegemoet. Het
beste resultaat wordt verkregen als er een combinatie van alle drie wordt genomen.
Prevalentie
40% van de aanhoudingen gebeurt bij jeugdigen tussen de 12 en de 25 jaar. Het meeste delinquent
gedrag komt voor tussen de 15 en 19, begint tussen de 8 en 14 en stopt tussen de 20 en 29 jaar.
Jeugdigen die tijdens de late adolescentie delinquent gedrag vertonen worden late starters
genoemd. Jeugdigen die door hun hele levensloop delinquent gedrag vertonen zijn vroege starters.
Deze twee groepen hebben volgens de theorie van Moffit verschillende geschiedenis en etiologie.
Volgens Aguilar, Sroufe, Egeland en Carlson bestaat er een derde groep, lastige kinderen, deze
vertonen gedragsproblemen in de kindertijd en stoppen hiermee in de adolescentie.
- Jeugdigen onder de 12 jaar
Er is meer belangstelling voor twaalfminners vanuit de gedachte dat antisociaal gedrag in de
kindertijd een voorspeller is voor delinquent gedrag in de jeugd. Er zijn alleen zelfrapportages
bekend van 12minners. In Nederland kwam hieruit dat 17% van de 10/11 jarigen wel eens
een delict hebben gepleegd. In de VS was er een onderzoek onder 7 tot 13 jarigen, hieruit
kwam een prevalentie van minder dan 1%. Frequent en ernstig delinquent gedrag komt
zelden voor.
- Jeugdigen van 12 tot 18 jaar
In Nederland is 3% van de 12-17 jarigen wel eens aangehouden als minderjarige verdachte.
Uit cijfers van 1999 tot 2008 bleek ongeveer 14% tussen de 12 en 18 te zijn van de
aangehouden mensen. In 2008 bleek 19 op de 1000 jeugdigen een strafrechtelijke dader van
12 tot 18 is. Uit zelfrapportage in Nederland bleek 38% zich wel eens schuldig te hebben
gemaakt aan delinquent gedrag. 43% hiervan was 16 of 17. In Vlaanderen bleek 52,2% zich
wel eens schuldig te hebben gemaakt aan delinquent gedrag. Delinquentie steeg tot de
Definitie en terminologie
Delinquentie is het begaan van misdrijven. Wat een strafbaar feit is, is afhankelijk van de context.
Vroeger was cannabis illegaal, tegenwoordig wordt hier steeds soepeler mee omgegaan. In de VS ven
je minder snel strafbaar voor het houden van een wapen dan in Europa. Er wordt gesproken van
jeugddelinquentie als een strafbaar feit wordt gepleegd door een minderjarige. Tussen de 12 en 18
wordt je gestraft volgens het jeugdstrafrecht. Onder de 12 jaar kun je niet strafrechtelijk worden
vervolgd. De straf wordt zoveel mogelijk pedagogisch ingericht. Er bestaat ook een
adolescentenstrafrecht voor 16 tot 23 jaar, hierbij is het volledige jeugd- en volwassenen strafpakket
beschikbaar.
In dit boek wordt delinquent gedrag gezien als een continuüm van gedragingen waarbij inbreuk
wordt gepleegd op regels, normen en wetten en/of schade wordt berokkend aan individuen of de
maatschappij. Ook antisociaal gedrag dat tegen de samenleving wordt gezien als delinquentie. Er zijn
verschillende typen delinquent gedrag. Gewelds- en zedendelicten, vermogensdelicten, vernieling en
openbare orde delicten, verkeersdelicten en drugsdelicten. Daarnaast is er nog status delinquentie
dit is alleen van toepassing, omdat de delinquent nog geen 18 is, denk aan alcohol kopen en
spijbelen.
Epidemiologisch onderzoek naar delinquent gedrag van minderjarigen
De werkelijke prevalentie is niet duidelijk, veel gebeurd niet in het openbaar en slachtoffers melden
zich niet altijd. Er zijn verschillende methoden om de prevalentie te onderzoeken, die allen een ander
antwoord geven. Officiële statistieken zijn het aantal kinderen dat in aanraking is geweest met de
politie of justitie, het nadeel is dat niet gemelde misdaden niet meegeteld zijn. Ook gelden er in
verschillende landen verschillende regels en zijn bepaalde etnische groepen oververtegenwoordigd.
Een tweede methode is zelfrapportage. Het blijkt een valide methode te zijn, maar beperkt zich tot
kleine misdaden en misdaden die vaak voorkomen. Ook kan maar een deel worden ondervraagd. De
laatste methode is rapportage door slachtoffers. Deze komt de niet gemelde delicten tegemoet. Het
beste resultaat wordt verkregen als er een combinatie van alle drie wordt genomen.
Prevalentie
40% van de aanhoudingen gebeurt bij jeugdigen tussen de 12 en de 25 jaar. Het meeste delinquent
gedrag komt voor tussen de 15 en 19, begint tussen de 8 en 14 en stopt tussen de 20 en 29 jaar.
Jeugdigen die tijdens de late adolescentie delinquent gedrag vertonen worden late starters
genoemd. Jeugdigen die door hun hele levensloop delinquent gedrag vertonen zijn vroege starters.
Deze twee groepen hebben volgens de theorie van Moffit verschillende geschiedenis en etiologie.
Volgens Aguilar, Sroufe, Egeland en Carlson bestaat er een derde groep, lastige kinderen, deze
vertonen gedragsproblemen in de kindertijd en stoppen hiermee in de adolescentie.
- Jeugdigen onder de 12 jaar
Er is meer belangstelling voor twaalfminners vanuit de gedachte dat antisociaal gedrag in de
kindertijd een voorspeller is voor delinquent gedrag in de jeugd. Er zijn alleen zelfrapportages
bekend van 12minners. In Nederland kwam hieruit dat 17% van de 10/11 jarigen wel eens
een delict hebben gepleegd. In de VS was er een onderzoek onder 7 tot 13 jarigen, hieruit
kwam een prevalentie van minder dan 1%. Frequent en ernstig delinquent gedrag komt
zelden voor.
- Jeugdigen van 12 tot 18 jaar
In Nederland is 3% van de 12-17 jarigen wel eens aangehouden als minderjarige verdachte.
Uit cijfers van 1999 tot 2008 bleek ongeveer 14% tussen de 12 en 18 te zijn van de
aangehouden mensen. In 2008 bleek 19 op de 1000 jeugdigen een strafrechtelijke dader van
12 tot 18 is. Uit zelfrapportage in Nederland bleek 38% zich wel eens schuldig te hebben
gemaakt aan delinquent gedrag. 43% hiervan was 16 of 17. In Vlaanderen bleek 52,2% zich
wel eens schuldig te hebben gemaakt aan delinquent gedrag. Delinquentie steeg tot de