Hoofdstuk 1.
Eerste universiteit: Medische school van Salerno (Italië, 9e eeuw).
Een ‘echte’ universiteit herbergt meestal meerdere opleidingen binnen haar muren. Daarom
worden de universiteiten van Bologna, Parijs, Oxford en Cambridge als de eerste echte
universiteiten beschouwd. De eerste universiteit zoals we die vandaag de dag kennen werd in
1694 gesticht in Halle.
Drie wetenschapsgebieden:
- Alfawetenschappen.
Geesteswetenschappen of humaniora. Hieronder vallen disciplines als filosofie, theologie,
letteren, (kunst)geschiedenis, muziekwetenschap, etc.
- Bètawetenschappen.
Exacte wetenschappen. Hieronder vallen disciplines als wiskunde, fysica, chemie en
biologie.
- Gammawetenschappen.
Vallen min of meer samen met sociale wetenschappen. Is onder te verdelen in
gedragswetenschappen (bijv. psychologie) en managementwetenschappen (bijv. sociologie)
en antropologie).
Elk van deze disciplines heeft een object van studie.
Afronding masteropleiding junioronderzoeker die een promotieonderzoek doet doctor.
Instrumenteel leren: Wat je vandaag leert, is morgen ‘bruikbaar’. Een voordeel is dat je de
kennis snel kunt gebruiken. Een nadeel is dat je die kennis ook alleen voor dat doel kunt
gebruiken. (Bijv. je leert hoe je Wordt moet gebruiken).
Conceptueel leren: Je doet een aantal nieuwe inzichten op, waarvan je niet direct inziet dat ze
bruikbaar zijn. Ze beïnvloeden je denken wel, maar het effect ervan merk je pas naar langere
tijd.
Methodos = de weg waar langs.
Methode: Hoe wordt iets gedaan of dient iets gedaan te worden. Bijv. het vormen van
hypothesen, het doen van observaties en metingen, enz.
Methodologie: De leer van methoden/de theorie achter de methoden. Het doel van
methodologie is het begrijpen van het proces van onderzoek doen. Logic of inquiry.
Waarom het belangrijk is om na te denken over methodologische vraagstukken:
1. Er ontstaat historisch besef en hedendaagse wetenschapopvattingen krijgen een plaats in
een historische context. Ook plaatst het wat je leert over het doen van empirisch onderzoek
in een bredere context.
2. Er bestaan redelijk wat misvattingen over wat de onderliggende assumpties van
verschillende wetenschappen en stromingen binnen die wetenschappen zijn. De