Je invloed op aarde
Primaire levensbehoeften zijn dingen die echt nodig zijn: eten, kleding, een
woning, etc.
Secundaire levensbehoeften zijn dingen die het leven aangenamer maken.
We hebben de aarde voor allerlei dingen nodig:
● energie
● voedsel
● Water
● grondstoffen
● afval
Bij afval zit een probleem: bijvoorbeeld koolstofdioxide die wij uitstoten kan de aarde
weer opnemen. Soms wordt er teveel afval op aarde geloosd. Om dit te voorkomen
of te verbeteren, moeten we meer werken met stoffen die de aarde beter kan
opnemen, in plaats van dat het de aarde vervuilt.
Ecologische voetafdruk
De oppervlakte op aarde die je nodig hebt om jezelf te voorzien in al je
levensbehoeften noem je de ecologische voetafdruk. In rijke landen is deze veel
hoger dan in arme landen.
Kringloop
Producenten, consumenten, afvaleters en reducenten vormen samen een kringloop.
Fotosynthese en verbranding zijn onderdeel van de koolfstofkringloop. Deze zie je
hieronder.
, Voedsel produceren
Er zijn drie typen landbouw
● Akkerbouw : grote velden met bijvoorbeeld aardappelen
● Tuinbouw : grote kassen en kleinere velden met groenten en fruit
● Veeteelt : gebruik van dieren voor voedselproductie
Er wordt vaak gebruik gemaakt van een monocultuur. Dezelfde gewassen worden
op een groot stuk grond geteeld. Omdat hetzelfde gewas dezelfde dingen gebruikt,
raakt de bodem sneller uitgeput dan wanneer en verschillende gewassen gebruikt
worden. Een ziekte verspreidt zich bijvoorbeeld ook veel sneller.
Om deze uitputting te voorkomen, wordt er mest gebruikt. Bij teveel mest/mineralen
ontstaan eutrofiëring: de mineralen spoelen uit naar plekken waar het niet hoort.
Ook kan de ammoniak uit de mest zorgen voor verzuring van de bodem. Vooral
bomen en planten kunnen hier slecht tegen.
Bij intensieve veehouderij, zoals je hieronder kan zien, wordt optimaal gebruik
gemaakt van de bron voor de voedselproductie.
Stoffen waarmee plagen en ziektes bestreden worden, noem je
gewasbeschermingsmiddelen. Ze zijn vaak chemisch en dus slecht voor de
omgeving. Biologische middelen zijn minder slecht.
Bij veredelen maak je kunstmatig een selectie voor het kruisen van dieren vanwege
de voordelen die deze kruisingen voorbrengen.
Primaire levensbehoeften zijn dingen die echt nodig zijn: eten, kleding, een
woning, etc.
Secundaire levensbehoeften zijn dingen die het leven aangenamer maken.
We hebben de aarde voor allerlei dingen nodig:
● energie
● voedsel
● Water
● grondstoffen
● afval
Bij afval zit een probleem: bijvoorbeeld koolstofdioxide die wij uitstoten kan de aarde
weer opnemen. Soms wordt er teveel afval op aarde geloosd. Om dit te voorkomen
of te verbeteren, moeten we meer werken met stoffen die de aarde beter kan
opnemen, in plaats van dat het de aarde vervuilt.
Ecologische voetafdruk
De oppervlakte op aarde die je nodig hebt om jezelf te voorzien in al je
levensbehoeften noem je de ecologische voetafdruk. In rijke landen is deze veel
hoger dan in arme landen.
Kringloop
Producenten, consumenten, afvaleters en reducenten vormen samen een kringloop.
Fotosynthese en verbranding zijn onderdeel van de koolfstofkringloop. Deze zie je
hieronder.
, Voedsel produceren
Er zijn drie typen landbouw
● Akkerbouw : grote velden met bijvoorbeeld aardappelen
● Tuinbouw : grote kassen en kleinere velden met groenten en fruit
● Veeteelt : gebruik van dieren voor voedselproductie
Er wordt vaak gebruik gemaakt van een monocultuur. Dezelfde gewassen worden
op een groot stuk grond geteeld. Omdat hetzelfde gewas dezelfde dingen gebruikt,
raakt de bodem sneller uitgeput dan wanneer en verschillende gewassen gebruikt
worden. Een ziekte verspreidt zich bijvoorbeeld ook veel sneller.
Om deze uitputting te voorkomen, wordt er mest gebruikt. Bij teveel mest/mineralen
ontstaan eutrofiëring: de mineralen spoelen uit naar plekken waar het niet hoort.
Ook kan de ammoniak uit de mest zorgen voor verzuring van de bodem. Vooral
bomen en planten kunnen hier slecht tegen.
Bij intensieve veehouderij, zoals je hieronder kan zien, wordt optimaal gebruik
gemaakt van de bron voor de voedselproductie.
Stoffen waarmee plagen en ziektes bestreden worden, noem je
gewasbeschermingsmiddelen. Ze zijn vaak chemisch en dus slecht voor de
omgeving. Biologische middelen zijn minder slecht.
Bij veredelen maak je kunstmatig een selectie voor het kruisen van dieren vanwege
de voordelen die deze kruisingen voorbrengen.