Leeruitkomst 2
Ethisch/juridisch onderbouwde zorgverlening
STUDENT
TRAJECTBEGELEIDER
Henk van den Adel,
EXAMINATOR M3.2
Jessica van Benthem, Msc
INSTELLING
WERKBEGELEIDER
DATUM
8 april 2022
AANTAL WOORDEN
6998
,Voorwoord
Allereerst zal ik me even voorstellen. Ik ben _____en woon in _____. Op dit moment ben ik
werkzaam op de afdeling somatiek van ___________, een afdeling waar ouderen zelfstandig in een
appartement wonen.
Beroepsproduct 3.2 gaat over het analyseren van ethisch verantwoord handelen in een midden-
complexe zorgsituatie. Hierbij is er gebruik gemaakt van twee verschillende methoden: de Nijmeegse
methode en de zorg-ethische methode. Ook moet er ethisch gereflecteerd worden op de casus door
middel van een moreel beraad en moet er relevante wetgeving bij de casus betrokken worden. In het
laatste hoofdstuk reflecteer ik door middel van een betoog op een actueel ethisch vraagstuk in de
(Nederlandse) gezondheidszorg.
In de eerste instantie vond ik het moeilijk om iemand op mijn afdeling te vinden die geschikt was
voor deze opdracht. Na overleg met mijn werkbegeleider heb ik besloten om voor de casus van mw.
A. te kiezen; een zorgvrager waarbij twijfel bestaat of de woonsituatie nog bij haar past. De ethische
vraag hierbij was: kiezen we voor haar welzijn en welbevinden of kiezen we voor haar veiligheid?
Ik vond de opdracht heel leerzaam omdat ik nu meer inzicht heb gekregen in ethische dilemma’s op
de werkvloer en wat onze verantwoordelijkheden zijn t.o.v. onze cliënten en hun rechten. Ook heb
meer inzicht gekregen in het stappenplan dat wij als zorgverleners kunnen hanteren, wanneer er
twijfels zijn of de woonsituatie van een zorgvrager nog bij zijn of haar situatie past. Tevens heb ik een
stukje bewustwording ontwikkeld omtrent de wetgeving; een onderwerp waar ik nog weinig
bekendheid mee had.
Ik zag tegen het morele beraad op omdat het spreken voor een groep niet mijn voorkeur heeft en ik
dit toch iets buiten mijn comfortzone vind. Toch bleek na het morele beraad dat het eigenlijk heel
goed ging. De zorg ethische methode van Dartel, uitgewerkt in een PowerPoint presentatie, gaf mij
voldoende handvaten om een goed gesprek te kunnen voeren.
2
, Inhoudsopgave
Voorwoord.............................................................................................................................................2
1. Nijmeegse methode...........................................................................................................................5
1.1 Het morele probleem......................................................................................................................5
1.2 Feiten................................................................................................................................................5
1.2.1 Medische feiten.............................................................................................................................5
1.2.2 Zorg gerelateerde feiten................................................................................................................5
1.2.3 Levensbeschouwelijke en psychosociale feiten.............................................................................6
1.2.4 Organisatorische feiten.................................................................................................................6
1.2.5 Juridische feiten.............................................................................................................................7
1.3 Morele waarden...............................................................................................................................7
1.3.1 Welzijn van de patiënt...................................................................................................................7
1.3.2 Autonomie van de patiënt.............................................................................................................7
1.3.3 Rechtvaardigheid...........................................................................................................................8
1.3.4 Andere waarden............................................................................................................................8
1.3.5 Verantwoordelijkheid zorgverleners.............................................................................................8
1.4 Besluitvorming..................................................................................................................................8
1.4.1 Het morele probleem....................................................................................................................8
1.4.2 Het besluit.....................................................................................................................................9
2. Wettelijke feiten.................................................................................................................................9
2.1 Wet geneeskundige behandel overeenkomst (WGBO)....................................................................9
2.2 Wet zorg en dwang (WZD)................................................................................................................9
2.3 Wet beroepen in de individuele gezondheidszorg (Wet BIG)...........................................................9
2.4 Wet Langdurige Zorg (WLZ)............................................................................................................10
2.5 Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg (Wkkgz)........................................................................10
3. Gezondheidsrecht toepassen...........................................................................................................10
3.1 Toepassing gezondheidswetgeving................................................................................................10
3.2 Afweging van de cliënt ’s belangen.................................................................................................12
3.3 Handelingsalternatieven en gevolgen............................................................................................12
4. Zorg-ethische methode (moreel beraad)..........................................................................................13
4.1 De zorg-ethische methode.............................................................................................................13
4.1.1. Preliminair..................................................................................................................................13
4.1.2 Verkenning..................................................................................................................................13
4.1.3 Verdieping...................................................................................................................................14
4.1.4 Afronding.....................................................................................................................................16
3