Antwoordmodel Proeftentamen Inleiding recht (OE2),
2016-2017, jaar 1, periode 1. BS/AC/BE
Kruis het juist antwoord duidelijk aan. Onduidelijke verbeteringen/aanpassingen
worden fout gerekend. Kies altijd het beste antwoord.
1. In welk van de volgende gevallen is sprake van privaatrecht?
a. Mc. Donalds overweegt een schadeclaim in te dienen tegen de aangever van diverse
valse bommeldingen; ( rechtsverhouding tussen personen onderling)
b. De officier van Justitie overweegt strafrechtelijke vervolging van de onder a. genoemde
aangever;
c. De gemeente Alkmaar heeft onlangs de openingstijden van de cafés in de binnenstad
aangepast;
d. De Rijksoverheid meldt de gemeente Groningen dat zij moet stoppen met het geven van
extraatjes aan mensen die een bijstandsuitkering ontvangen.
2. In welke van de onderstaande gevallen is sprake van schuldaansprakelijkheid ?
a. De ouders van de 11-jarige Elisa zijn aansprakelijk voor de schade aan de motorfiets van Erik,
die viel, doordat hij moest uitwijken voor Elisa;
b. Een oliemaatschappij is aansprakelijk voor de schade aan het milieu die ontstaat, doordat een goed
onderhouden olietank toch scheurt;
c. Nadat fabrikant Peters een werknemer van de concurrent heeft aangezet tot
bedrijfsspionage, kan hij een procedé voor de vervaardiging van plastic gebruiken, dat door de
concurrent is ontwikkeld; Deze is schuld-, de anderen zijn risico-aansprakelijkheid.
d. Werkgever Harm Leenstra is aansprakelijk voor een ongeval dat door zijn werknemer Richard in de
auto van de zaak is veroorzaakt.
2. Veenstra is zonder vestigingsvergunning (die bedoeld is om beunhazerij te voorkomen) een
garage- en autoverhuurbedrijf begonnen. Dit tot groot ongenoegen van de buurtbewoners die
grote stank- en geluidsoverlast vrezen. Daarom richten de bewoners een belangenvereniging op.
De voorzitter van de vereniging, dhr. Kuipers, spant namens de vereniging een proces aan.
Veenstra zou onrechtmatig handelen omdat hij zonder vergunning een auto-en verhuurbedrijf in
de buurt uitoefent.
Aan welk vereiste wordt niet voldaan om deze vordering met dit argument toegewezen te
krijgen?
a. Onrechtmatigheid;
b. Relativiteit; (art. 6: 163 BW, overtreden norm beschermt geschonden belang))
c. Schuld;
d. Noch a, noch b, noch c, want deze vordering kan op deze gronden wel degelijk worden
toegewezen.
4. Welke bewering ten aanzien van de onrechtmatige daad is juist?
a. De aansprakelijkheid van de dader hangt af van het feit of de daad hem kan worden
toegerekend;(art. 6:162 lid 3 BW, schuld, risico: wet,rechtshandeling, verkeersopvatting))
b. Slechts een schending van een wettelijke plicht of een inbreuk op een recht levert een grondslag
op voor de onrechtmatigheid van een bepaalde gedraging;
c. De benadeelde moet altijd de schuld van de dader bewijzen;
d. Risico speelt geen rol bij de toerekenbaarheid van de dader.
Antwoordmodel proeftentamen Inleiding recht 2016-2017 periode 1, jaar 1,Inholland BS/AC/BE Page 1
2016-2017, jaar 1, periode 1. BS/AC/BE
Kruis het juist antwoord duidelijk aan. Onduidelijke verbeteringen/aanpassingen
worden fout gerekend. Kies altijd het beste antwoord.
1. In welk van de volgende gevallen is sprake van privaatrecht?
a. Mc. Donalds overweegt een schadeclaim in te dienen tegen de aangever van diverse
valse bommeldingen; ( rechtsverhouding tussen personen onderling)
b. De officier van Justitie overweegt strafrechtelijke vervolging van de onder a. genoemde
aangever;
c. De gemeente Alkmaar heeft onlangs de openingstijden van de cafés in de binnenstad
aangepast;
d. De Rijksoverheid meldt de gemeente Groningen dat zij moet stoppen met het geven van
extraatjes aan mensen die een bijstandsuitkering ontvangen.
2. In welke van de onderstaande gevallen is sprake van schuldaansprakelijkheid ?
a. De ouders van de 11-jarige Elisa zijn aansprakelijk voor de schade aan de motorfiets van Erik,
die viel, doordat hij moest uitwijken voor Elisa;
b. Een oliemaatschappij is aansprakelijk voor de schade aan het milieu die ontstaat, doordat een goed
onderhouden olietank toch scheurt;
c. Nadat fabrikant Peters een werknemer van de concurrent heeft aangezet tot
bedrijfsspionage, kan hij een procedé voor de vervaardiging van plastic gebruiken, dat door de
concurrent is ontwikkeld; Deze is schuld-, de anderen zijn risico-aansprakelijkheid.
d. Werkgever Harm Leenstra is aansprakelijk voor een ongeval dat door zijn werknemer Richard in de
auto van de zaak is veroorzaakt.
2. Veenstra is zonder vestigingsvergunning (die bedoeld is om beunhazerij te voorkomen) een
garage- en autoverhuurbedrijf begonnen. Dit tot groot ongenoegen van de buurtbewoners die
grote stank- en geluidsoverlast vrezen. Daarom richten de bewoners een belangenvereniging op.
De voorzitter van de vereniging, dhr. Kuipers, spant namens de vereniging een proces aan.
Veenstra zou onrechtmatig handelen omdat hij zonder vergunning een auto-en verhuurbedrijf in
de buurt uitoefent.
Aan welk vereiste wordt niet voldaan om deze vordering met dit argument toegewezen te
krijgen?
a. Onrechtmatigheid;
b. Relativiteit; (art. 6: 163 BW, overtreden norm beschermt geschonden belang))
c. Schuld;
d. Noch a, noch b, noch c, want deze vordering kan op deze gronden wel degelijk worden
toegewezen.
4. Welke bewering ten aanzien van de onrechtmatige daad is juist?
a. De aansprakelijkheid van de dader hangt af van het feit of de daad hem kan worden
toegerekend;(art. 6:162 lid 3 BW, schuld, risico: wet,rechtshandeling, verkeersopvatting))
b. Slechts een schending van een wettelijke plicht of een inbreuk op een recht levert een grondslag
op voor de onrechtmatigheid van een bepaalde gedraging;
c. De benadeelde moet altijd de schuld van de dader bewijzen;
d. Risico speelt geen rol bij de toerekenbaarheid van de dader.
Antwoordmodel proeftentamen Inleiding recht 2016-2017 periode 1, jaar 1,Inholland BS/AC/BE Page 1