Tijdvak 1: Jagers & Boeren (tot 3000 v. Chr)
Kenmerkende aspecten:
1. Levenswijze van jagers-verzamelaars.
2. Ontstaan van landbouw, landbouwsamenleving.
3. Ontstaan van de eerste stedelijke gemeenschappen.
Homo habilis: handige mens die gebruik maakte van werktuigen.
Homo erectus: loopt op twee benen.
Neanderthaler: jagende mens.
Homo sapiens: denkende mens.
Beeldvormersschema (blz 288) -> in elke les gebruik je minstens 1 vorm.
1. De werkelijkheid
2. Afbeeldingen
3. Het gesproken woord
4. Het geschreven/uitgedrukte woord
5. Doen
Kenmerken jagers & verzamelaars (oudste vorm van bestaan):
- Nomadische levensstijl
- De mensen volgen dieren (afhankelijk van de natuur)
- Voedsel verkregen door verzamelen en jagen
- Waarschijnlijk vereren van geesten en goden
De overgang van jagen en verzamelen naar landbouw:
Wat gebeurde er?
- Uitvinding van de landbouw
* Men ontdekte dat akkers met graan ingezaaid konden worden - > akkerbouw (v.a.
9000 v. Chr)
* Later ontdekte ze dat je dieren kon domesticeren (temmen) - > veeteelt (v.a. 7500
v. Chr).
--- > agrarische revolutie = Neolithische revolutie: overgang van jagen en verzamelen
naar landbouw.
Vruchtbare halve maan: hier ontstaan de eerste landbouwculturen. Vruchtbare
grond met slib.
Hunebedden zijn de overblijfselen van stenen grafkelders die meer dan 5000 jaar
geleden werden gebouwd. In Vlaanderen worden ze meestal Dolmen genoemd. De
hunebedbouwers maakten een soort kamers door reusachtige keien rechtop te
zetten en er andere grote stenen overheen te leggen.
Jagers en verzamelaars: Boeren:
- Nomadische levensstijl - Vaste(re) woonplaats
- Weinig bezittingen - In grotere groepen samenleven
- Weinig archeologische resten - Ontstaan bij vruchtbare halvemaan
- Bijv. Rendierjagers - Hunebedden geloof in het
- Afhankelijk van het weer hiernamaals