essay(10%) en dt(25%)
democratie is in de praktijk niet perfect en heeft ook niet perfecte uitkomsten.
the times for harvey milk
Hoofdstuk 1
soeverein: staat die op een bepaald gebied met duidelijke grenzen het hoogste gezag
uitoefent en het monopolie van geweldsuitoefening heeft.
politiek gaat over het maken van keuzes waaraan allen in een staat zijn gebonden/omzetting
van verlangens, wensen, en eisen vanuit de samenleving (die vaak tegengesteld zijn) en
bindende besluiten (voor iedereen gelden; je kunt niet eenzijdig bepalen dat de collectieve
afspraken niet voor jou gelden). De keuzes worden in algemeen geldende wetten
vastgelegd. De meeste onderwerpen waarmee de politiek zich bezig houdt zijn van
algemeen belang (veel mensen krijgen er nu of later mee te maken). Politici hebben hier
hun beroep van gemaakt.
representatieve democratie: het kiest vertegenwoordigers die beslissingen nemen en met
een zekere regelmaat bij verkiezingen aan de bevolking verantwoording moeten afleggen
over hun beleid.
democratie kenmerken:
- er is individuele vrijheid (vrijheid van meningsuiting en leven zelf inrichten)
- er gelden politieke grondrechten (burgers kunnen zelf vertegenwoordigers kiezen en
zich beschikbaar stellen)
- politie en leger hebben wettelijk beperkte bevoegdheden (geweld mag alleen in
bepaalde situaties, niet zomaar iemand aanhouden)
- er bestaat onafhankelijke rechtspraak (rechters los van parlement. burgers en politici
respecteren uitspraken rechter)
- er bestaat persvrijheid (die informeren ons en controleren machthebbers)
parlementaire stelsel:
gekozen parlement hoogste machtsorgaan
parlement kiest president
kabinet met ministers en secretarissen, die leggen verantwoording af aan het parlement.
constitutionele monarchie: parlementair stelsel met daarnaast niet gekozen staatshoofd
(koning) wiens macht beperkt is.
presidentiële democratie:
bevolking kiest parlement en president
president hoofd van regering (uitvoerende macht), kan zelf ministers benoemen
ontbindingsrecht: het recht om parlement te ontbinden
grondwet:
3 politieke machten, je mag er niet 2 zijn
stemrecht en verkozen te worden vanaf 18 jaar
regels voor politieke besluitvorming
overheid laat media vrij, maar zij moeten wel over de juiste informatie beginnen
, dictatuur: 3 machten zijn niet van elkaar gescheiden, maar in handen van een kleine groep
mensen.
gewone burgers hebben niet of nauwelijks invloed op politiek en kunnen rechten niet
opeisen
dictatuur kan geen rechtsstaat zijn.
kenmerken:
- beperkte individuele vrijheid
- nauwelijks politieke vrijheid
- dikwijls overheidsgeweld
- geen onafhankelijke rechtspraak
- massamedia en kunstuitingen staan onder censuur
ideologische dictaturen:
politieke invloed alleen voor degenen die ideologie steunen.
indoctrinatie door censuur media
Noord-Korea, China
religieuze dictaturen/theocratie:
godsdienst is verheven tot staatsideologie
volk kiest parlement, maar voor politieke beslissingen toestemming van niet-gekozen
geestelijk leiders
Iran
militaire dictaturen:
leger heeft alle macht
Birma
zelfsprekendheid democratie:
niet erg vanzelfsprekend
democratie bestaat nog niet zo heel erg lang
in veel landen is er geen democratie of werkt de democratie in de praktijk niet zo goed.
Hoofdstuk 2
ideologie: een samenhangend geheel van ideeën over de mens en de gewenste richting van
de samenleving.
aspecten ideologie:
- normen en waarden die voor iedereen in de samenleving zouden moeten gelden.
- de gewenste sociaaleconomische verhoudingen van de samenleving.
3 politiek ideologieën:
1. liberalisme
ieder individu moet zich maximaal kunnen ontplooien, want dat is goed voor de
maatschappij. Mensen zijn niet gelijk, maar gelijkwaardig, iedereen moet elkaars
opvattingen respecteren.
vrijheid, individuele verantwoordelijk, tolerantie, economische vrijheid,
vrijemarkteconomie, beperking overheid, rechts
democratie is in de praktijk niet perfect en heeft ook niet perfecte uitkomsten.
the times for harvey milk
Hoofdstuk 1
soeverein: staat die op een bepaald gebied met duidelijke grenzen het hoogste gezag
uitoefent en het monopolie van geweldsuitoefening heeft.
politiek gaat over het maken van keuzes waaraan allen in een staat zijn gebonden/omzetting
van verlangens, wensen, en eisen vanuit de samenleving (die vaak tegengesteld zijn) en
bindende besluiten (voor iedereen gelden; je kunt niet eenzijdig bepalen dat de collectieve
afspraken niet voor jou gelden). De keuzes worden in algemeen geldende wetten
vastgelegd. De meeste onderwerpen waarmee de politiek zich bezig houdt zijn van
algemeen belang (veel mensen krijgen er nu of later mee te maken). Politici hebben hier
hun beroep van gemaakt.
representatieve democratie: het kiest vertegenwoordigers die beslissingen nemen en met
een zekere regelmaat bij verkiezingen aan de bevolking verantwoording moeten afleggen
over hun beleid.
democratie kenmerken:
- er is individuele vrijheid (vrijheid van meningsuiting en leven zelf inrichten)
- er gelden politieke grondrechten (burgers kunnen zelf vertegenwoordigers kiezen en
zich beschikbaar stellen)
- politie en leger hebben wettelijk beperkte bevoegdheden (geweld mag alleen in
bepaalde situaties, niet zomaar iemand aanhouden)
- er bestaat onafhankelijke rechtspraak (rechters los van parlement. burgers en politici
respecteren uitspraken rechter)
- er bestaat persvrijheid (die informeren ons en controleren machthebbers)
parlementaire stelsel:
gekozen parlement hoogste machtsorgaan
parlement kiest president
kabinet met ministers en secretarissen, die leggen verantwoording af aan het parlement.
constitutionele monarchie: parlementair stelsel met daarnaast niet gekozen staatshoofd
(koning) wiens macht beperkt is.
presidentiële democratie:
bevolking kiest parlement en president
president hoofd van regering (uitvoerende macht), kan zelf ministers benoemen
ontbindingsrecht: het recht om parlement te ontbinden
grondwet:
3 politieke machten, je mag er niet 2 zijn
stemrecht en verkozen te worden vanaf 18 jaar
regels voor politieke besluitvorming
overheid laat media vrij, maar zij moeten wel over de juiste informatie beginnen
, dictatuur: 3 machten zijn niet van elkaar gescheiden, maar in handen van een kleine groep
mensen.
gewone burgers hebben niet of nauwelijks invloed op politiek en kunnen rechten niet
opeisen
dictatuur kan geen rechtsstaat zijn.
kenmerken:
- beperkte individuele vrijheid
- nauwelijks politieke vrijheid
- dikwijls overheidsgeweld
- geen onafhankelijke rechtspraak
- massamedia en kunstuitingen staan onder censuur
ideologische dictaturen:
politieke invloed alleen voor degenen die ideologie steunen.
indoctrinatie door censuur media
Noord-Korea, China
religieuze dictaturen/theocratie:
godsdienst is verheven tot staatsideologie
volk kiest parlement, maar voor politieke beslissingen toestemming van niet-gekozen
geestelijk leiders
Iran
militaire dictaturen:
leger heeft alle macht
Birma
zelfsprekendheid democratie:
niet erg vanzelfsprekend
democratie bestaat nog niet zo heel erg lang
in veel landen is er geen democratie of werkt de democratie in de praktijk niet zo goed.
Hoofdstuk 2
ideologie: een samenhangend geheel van ideeën over de mens en de gewenste richting van
de samenleving.
aspecten ideologie:
- normen en waarden die voor iedereen in de samenleving zouden moeten gelden.
- de gewenste sociaaleconomische verhoudingen van de samenleving.
3 politiek ideologieën:
1. liberalisme
ieder individu moet zich maximaal kunnen ontplooien, want dat is goed voor de
maatschappij. Mensen zijn niet gelijk, maar gelijkwaardig, iedereen moet elkaars
opvattingen respecteren.
vrijheid, individuele verantwoordelijk, tolerantie, economische vrijheid,
vrijemarkteconomie, beperking overheid, rechts