HC 1-2
Functies nieren
Bloed zuiveren (urine productie)
Bloed volume reguleren
EPO productie
Vitamine D activatie
Regulatie elektrolyte
Regulatie zuur-base
Nieren bestaan uit niermerg en
nierschors.
Primair: veel nierlobben; secundair: fusie van
nierlobben. Diersoortspecifiek verschil door
toenemende fusie.
Nierlobben in het merg. Het merg zit het
dichtstbij het bekken. De buitenkant is de schors. De bloedvaten verspreiden zich tussen de
lobben en gaan deel naar het merg en deel naar de schors. De glomeruli liggen allemaal in de
schors. Glomeruli zijn onderdelen van lichaampjes van Malpighi. Daar vindt de filtratie plaats. Om
zo’n glomerulis ligt het kapsel van Bowman en die liggen om de haarvaten. Kapsel van Bowman
vangt het filtreerde plasma op. Dit is pre-urine want het zit al in de nierbuis. Eerst proximale
tubulus, die is gekronkeld. Dit is nog wel de schors. De urine daalt af door het afdalende been van
de lus van Henle. Urine gaat omhoog via het oplopende been van lus van Henle. Nu weer in de
cortex en daar de distale tubulus. Urine wordt opgevangen in de urine-verzamelbuis. Die brengt
urine van vele tubuli richting het nierbekken. Daar ben je in de nierkelk en in de nierbekken.
Hoe ontstaat het nierlichaampje (lichaampje van Malpighi)?
Nierlichaampje is bij de vroege ontwikkeling een blind
eindigend nierbuikje en een capillair. De tubulus omgeeft
als een ballon de glomerulus. Epitheelcellen zijn hier nog
vrij groot, maar in de tweede fase dus bij de ballon zijn ze
veel platter geworden, maar het zijn nog wel de
epitheelcellen van de tubulus. Het plasma moet twee
lagen passeren: glomeruele filtratie barrière: endotheel
en het viscerale blad van het kapsel van Bowman. Ze
hebben een aparte vorm: vingers die in elkaar grijpen.
Podocyten: epitheelcellen van het viscerale blad van