Participatie in de samenleving
‘You’ve got to trust her and she’s got to trust you’: children’s views on
participation in the child protection system
Jeanette Cossar, Marian Brandon and Peter Jordan
Introduction
Onderzoek naar participatie vanuit het perspectief van het kind is zeldzaam. In de kinderbescherming
heeft het kind vaak de minst invloedrijke positie. Het werk in de kinderbescherming is complex
vanwege het zoeken naar balans tussen samenwerken en beschermen van het kind. Participatie van
kinderen kan bijdragen aan zelfvertrouwen en zelfsturing en eigenwaarde. Wanneer dit niet gebeurd
kan het kind zich machteloos voelen. Een negatief effect van participatie kan de blootstelling aan
vijandigheid zijn. Er moet altijd rekening gehouden worden met de context waarin participatie
plaatsvindt.
Het kinderbeschermingsprogramma in Engeland kent vier pijlers: onderzoek, planning, interventie en
evaluatie. De kinderwet van 1989 stelt dat mening en wensen van kinderen meegenomen moeten
worden in het hulpverleningsproces. In 2004 is dit verduidelijk met dat dit eerder in het
hulpverleningsproces ook moet gebeuren. Van belang is de nationale richtlijn ‘Working together’
welke voorschrijft dat de relatie met het kind en het geven van informatie aan het kind noodzakelijk
is. Het verschilt per hulpverlener hoeveel waarde er gehecht wordt aan de mening van het kind.
Vooral het belang van een goede relatie met het kind is een factor die erg van belang is, maar nog
vaak niet als zodanig wordt ingezet.
In dit onderzoek is onderzoek gedaan bij kinderen (6-17 jaar) in de jeugd-bescherming in Engeland,
met een kinder-beschermingsplan en thuiswonend. Gericht op de mate waarin kinderen begrepen en
betrokken werden in de jeugd-bescherming.
Methode
Kwalitatief onderzoek. Interviews, om zo de subjectieve ervaring van het individuele kind te
benaderen. 26 kinderen, van 18 gezinnen deden mee.
Resultaten
Het is belangrijk dat kinderen een vertrouwensrelatie hebben met de professional om zo hun
mening en gevoel te kunnen delen, de helft heeft een goede relatie met hun professional.
Hoewel de professional misschien een casemanager is, waarderen kinderen dit niet, ze willen
ook regelmatig (alleen) contact.
Kinderen voelen zich ondervraagd, als een bron van bewijs, met als gevolg dat kinderen
strategisch waren over wat ze vertellen. Kinderen geven soms aan dat hun woorden
verdraaid worden.
Belangrijk dat kinderen begrijpen wat hun jeugdbeschermingsproces inhoudt, dit wordt
opgedeeld in drie categorieën: minimaal begrip, gedeeltelijk begrip (grootste groep) en
volledig begrip (vooral oudere kinderen).