H.1 (geschiedfilosofie)
Historia:
- Historia res gestae: loop der dingen (historische werkelijkheid)
- Historia rerum gestarum: wat mensen over deze loop der dingen vertellen
Sinds de 20e eeuw aangeduid als substantial and analytical philosophy of history
Hegel:
Geloofde in vooruitgang: alsmaar groeiende zelfkennis van de rede
- Objectieve geest (rede van orde en regelmaat)
- Subjectieve geest (menselijke rede)
Geschiedenis als evolutionair proces waarin scheiding tussen subject en object verdwijnt
Augustinus (354-430)
Zes fasen in de wereldgeschiedenis, zoals de dagen van de schepping; sinds de dood van
Christus in de 6e fase, de 7e en laatste fase zou komen bij de terugkeer van Christus
Onderscheid in wetenschappen op basis van methoden (Heinrich Rickert)
Generaliserende methode: wetmatigheden op spoor komen (natuurwetenschappers)
Individualiserende methode: gericht op het eigene van ideeën, unieke voorwerpen of
individuen (historici)
Jörn Rüsen: 5 dimensies historisch denken:
1) Semantisch: definiëring geschiedenis of verleden
2) Cognitief: behoefte aan kennis omtrent verleden
3) Esthetisch: vastleggen en overdragen kennis
4) Retorisch: lessen die het geschiedverhaal de lezer wil leren
5) Politiek: conservatief (men kan weinig veranderen aan de loop der dingen) of
progressief (geschiedenis als proces van constante ontvoogding)
- Historisch proces: veronderstellen dat historische werkelijkheid een proces is; een
organische/evolutionaire beweging waarin iedere mens en elke gebeurtenis op
enigerlei wijze is opgenomen
- Metahistory: synoniem voor substantiële geschiedfilosofie (denken over
geschiedschrijving)
- Historische methodologie: verzameling historische methodes; do’s and dont’s in
onderzoek
- Historiografie: wat is historisch denken, hoe ontwikkelde zich dit in bepaalde regio’s
(complementair en overlappend aan geschiedfilosofie)
- Geschiedtheorie is ook wel een ander woord voor analytische geschiedfilosofie
Drie redenen substantiële en analytische geschiedfilosofie niet te scheiden:
1) Historisch denken verondersteld een object, je hebt een historische werkelijkheid
nodig voor je erover na kan gaan denken
2) Denken staat niet tegenover de werkelijkheid, het is er een deel van
3) In werkelijkheid zijn geschiedfilosofen niet makkelijk in te delen in de een of de ander