Logistiek management H1 t/m 12
Hoofdstuk 1
Cross chain control center = 4C concept
Service logistiek = het mogelijk maken voor verlader om naast productlevering ook de
volledige service op een effectieve en duurzame wijze voor hun
rekening te nemen
Supply chain campus = een plaats waar het bedrijfsleven haar regiecenters plaats, dus de
4C
Effectiviteit = doeltreffendheid
Efficiency = doelmatigheid / uitvoeren activiteiten zonder verspillingen
Logistiek = de organisatie, planning en besturing, en de uitvoering van de
goederenstroom vanaf de ontwikkeling en inkoop, via productie en
distributie naar de afnemer, inclusief de retourstromen.
Primaire proces = goederenstroom, omdat deze stroom de geldstroom genereert.
Aan de goederenstroom zit de gegevensstroom gekoppeld.
Black box = eenvoudige voorstelling van het systeem. Hier worden goederen
verwerkt tot meer waardevolle goederen. Ook wel toegevoegde
waarde. Dit noem je het fysieke proces.
Sub systemen = zijn eenheden in het systeem die op zichzelf kunnen worden
beschouwd zonder het overzicht op het totaal te verliezen
Material management = omvat het geheel van activiteiten dat wordt ontplooid om de
grondstoffen en halffabricaten en de daarmee gaande
gegevensstromen zo efficiënt mogelijk naar en door het
productieproces te voeren
Physical distribution = de goederenstromen en de ermee verbonden gegevensstromen
die beginnen aan het einde van het productieproces en eindigen bij
de consument
Business logistics = is de verzamelnaam voor alle activiteiten die worden uitgevoerd
om de ingaande en uitgaande goederenstroom te beheersen.
Hoofdstuk 1
Cross chain control center = 4C concept
Service logistiek = het mogelijk maken voor verlader om naast productlevering ook de
volledige service op een effectieve en duurzame wijze voor hun
rekening te nemen
Supply chain campus = een plaats waar het bedrijfsleven haar regiecenters plaats, dus de
4C
Effectiviteit = doeltreffendheid
Efficiency = doelmatigheid / uitvoeren activiteiten zonder verspillingen
Logistiek = de organisatie, planning en besturing, en de uitvoering van de
goederenstroom vanaf de ontwikkeling en inkoop, via productie en
distributie naar de afnemer, inclusief de retourstromen.
Primaire proces = goederenstroom, omdat deze stroom de geldstroom genereert.
Aan de goederenstroom zit de gegevensstroom gekoppeld.
Black box = eenvoudige voorstelling van het systeem. Hier worden goederen
verwerkt tot meer waardevolle goederen. Ook wel toegevoegde
waarde. Dit noem je het fysieke proces.
Sub systemen = zijn eenheden in het systeem die op zichzelf kunnen worden
beschouwd zonder het overzicht op het totaal te verliezen
Material management = omvat het geheel van activiteiten dat wordt ontplooid om de
grondstoffen en halffabricaten en de daarmee gaande
gegevensstromen zo efficiënt mogelijk naar en door het
productieproces te voeren
Physical distribution = de goederenstromen en de ermee verbonden gegevensstromen
die beginnen aan het einde van het productieproces en eindigen bij
de consument
Business logistics = is de verzamelnaam voor alle activiteiten die worden uitgevoerd
om de ingaande en uitgaande goederenstroom te beheersen.